Wet van 7 december 2022 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998, de Wet financiële markten BES en enige andere wetten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingswet financiële markten 2022-II)
Deze bepaling regelt een periodiek financieel-stabiliteitsoverleg en legt meldings-, verslag- en instemmingsregels op voor groepsmaatschappijen bij wijzigingen binnen een groep.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 21 Feb 2023
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Wet van 7 december 2022 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998, de Wet financiële markten BES en enige andere wetten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingswet financiële markten 2022-II)
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Wet van 7 december 2022 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998, de Wet financiële markten BES en enige andere wetten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingswet financiële markten 2022-II)
AI-assisted research summary: Deze bepaling regelt een periodiek financieel-stabiliteitsoverleg en legt meldings-, verslag- en instemmingsregels op voor groepsmaatschappijen bij wijzigingen binnen een groep.
Staatsblad Wet van 7 december 2022 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998, de Wet financiële markten BES en enige andere wetten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingswet financiële markten 2022-II) Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: A B 5. De Autoriteit Financiële Markten neemt deel aan het periodiek overleg inzake financiële stabiliteit, bedoeld in artikel 9h van de Bankwet 1998. C D E F G Een verzekeraar met beperkte risico-omvang neemt in de toelichting op de jaarrekening gegevens op over zijn solvabiliteit en financiële positie. H I J 4. Indien op grond van artikel 3:102, tweede lid, een verklaring van geen bezwaar wordt aangevraagd voor alle groepsmaatschappijen, gelden de vereisten van het eerste lid, onderdelen b en c, behalve voor de aanvrager tevens voor alle groepsmaatschappijen die een gekwalificeerde deelneming in de financiële onderneming houden, verwerven of zodanig vergroten dat een bovengrens als bedoeld in artikel 3:102, eerste lid, wordt bereikt of overschreden, dan wel enige zeggenschap verbonden aan de gekwalificeerde deelneming uitoefenen in de financiële onderneming. K 1. Een groepsmaatschappij waaraan op grond van artikel 3:102, tweede lid, een verklaring van geen bezwaar is verleend die geldt voor alle groepsmaatschappijen gezamenlijk, stelt de Nederlandsche Bank in kennis van een voorgenomen wijziging binnen de groep die ertoe leidt dat een groepsmaatschappij een gekwalificeerde deelneming in een financiële onderneming zal houden, verwerven of zodanig zal vergroten dat een bovengrens als bedoeld in artikel 3:102, eerste lid, wordt bereikt of overschreden, dan wel enige zeggenschap verbonden aan een gekwalificeerde deelneming zal uitoefenen. Gelijke verplichting rust op de overige bij die wijziging betrokken groepsmaatschappijen. 2. Zodra een groepsmaatschappij aan de ingevolge het eerste lid op haar rustende verplichting heeft voldaan, is de verplichting voor de andere in dat lid bedoelde groepsmaatschappijen opgeheven. Melding op grond van dit artikel geldt tevens als een melding van de groepsmaatschappij en alle bij de wijziging betrokken groepsmaatschappijen ter voldoening aan de verplichting, bedoeld in artikel 3:103, eerste lid. 3. Aan een voorgenomen wijziging binnen een groep als bedoeld in het eerste lid, wordt door een groepsmaatschappij geen uitvoering gegeven voordat de Nederlandsche Bank of, ten aanzien van banken, niet zijnde houders van een vergunning als bedoeld in artikel 3:4, de Europese Centrale Bank, daarmee heeft ingestemd. 4. De Nederlandsche Bank, of ten aanzien van banken, niet zijnde houders van een vergunning als bedoeld in artikel 3:4, de Europese Centrale Bank, stemt in met de voorgenomen wijziging, tenzij één van de in artikel 3:100, eerste lid, genoemde gronden zich voordoet met betrekking tot de voorgenomen wijziging. 5. De artikelen 1:62 en artikel 1:106 tot en met 1:106e zijn van overeenkomstige toepassing op een besluit als bedoeld in het derde lid, waarbij: voor «aanvraag van een verklaring van geen bezwaar» wordt gelezen: een kennisgeving als bedoeld in artikel 3:103a, eerste lid; voor «verklaring van geen bezwaar» wordt gelezen: de instemming, bedoeld in artikel 3:103a, vierde lid; voor de toepassing van artikel 1:106b, eerste lid, voor «alle gegevens en bescheiden» wordt gelezen: de gegevens, bedoeld in artikel 3:103a, zesde lid; en voor «aanvrager» wordt gelezen: de groepsmaatschappij die de Nederlandsche Bank overeenkomstig het bepaalde in artikel 3:103a, eerste lid, in kennis stelt van een voorgenomen wijziging binnen de groep. 6. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt bepaald welke gegevens worden verstrekt bij een kennisgeving als bedoeld in het eerste lid. L M 8. Het eerste lid, eerste volzin, en tweede tot en met zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een besluit tot instemming als bedoeld in artikel 3:103a, derde lid, met dien verstande dat voor «verklaring van geen bezwaar» steeds wordt gelezen «besluit tot instemming». N O P Q R S het door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, gecontroleerde jaarlijkse bezoldigingsverslag, bedoeld in artikel 135b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. T 3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de toegang van: betaaldienstverleners die geheel of gedeeltelijk zijn vrijgesteld van artikel 2:3a, eerste lid; betaaldienstverleners met zetel in een andere lidstaat waaraan een vergunning is verleend voor het verlenen van betaaldiensten. U 2:3e, eerste lid en vierde tot en met zesde lid 2:67a, eerste, derde en vierde lid 2:3e, eerste, tweede en derde lid 3:17, zesde lid 3:103a, eerste en derde lid. artikel 3:17, zesde lid 3:17a 3:24.0b 3:108a 4:15a, eerste, tweede en vierde lid 4:74b, eerste, tweede en derde lid 4:74c 2:67a, eerste, derde en vierde lid 4:90c 4:91l 4:52b 4:55a 4:15a, eerste, tweede en vierde lid 4:74b, eerste, tweede en derde lid 4:74c 5:25f 5:25j 5:88a, eerste en tweede lid 5:88a A B C PERIODIEK OVERLEG INZAKE FINANCIËLE STABILITEIT 1. De Bank voert, onder de naam Financieel Stabiliteitscomité, periodiek overleg met vertegenwoordigers van de Stichting Autoriteit Financiële Markten en Onze Minister over macro-economische en financiële ontwikkelingen met als doel om risico’s voor de stabiliteit van het financiële stelsel te signaleren en mogelijke oplossingsrichtingen ter mitigatie van die risico’s aan te dragen. De Bank kan, in overeenstemming met de Stichting Autoriteit Financiële Markten, dienaangaande aanbevelingen doen. 2. De deelnemers komen ten minste tweemaal per jaar bijeen onder voorzitterschap van de president van de Bank. De Bank brengt van deze bijeenkomsten en van aanbevelingen verslag uit aan Onze Minister. Onze Minister zendt afschriften van deze verslagen aan de beide kamers der Staten-Generaal. 3. Het Centraal Planbureau woont als externe deskundige de bijeenkomsten van het overleg bij. 4. De deelnemers regelen de verdere werkwijze van het overleg. D E F G H A B C D E F de vorderingen tot vergoeding van schade die schuldeisers met een vordering als bedoeld in onderdeel d lijden doordat de bedragen die zij hebben ontvangen uit hoofde van die vorderingen niet toereikend zijn om hen te brengen in de toestand waarin zij zouden hebben verkeerd indien de verzekeraar niet in staat van faillissement was verklaard. G De artikelen 213ma tot en met 213mk zijn van overeenkomstige toepassing. 8. De curator is niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een handelen of nalaten in de uitoefening van de taak op grond van dit artikel, tenzij deze schade in belangrijke mate het gevolg is van een opzettelijk onbehoorlijke taakuitoefening of een opzettelijk onbehoorlijke uitoefening van bevoegdheden of in belangrijke mate te wijten is aan grove schuld. 8. De curator is niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een handelen of nalaten in de uitoefening van de taak op grond van dit artikel, tenzij deze schade in belangrijke mate het gevolg is van een opzettelijk onbehoorlijke taakuitoefening of een opzettelijk onbehoorlijke uitoefening van bevoegdheden of in belangrijke mate te wijten is aan grove schuld. 7. De curator is niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een handelen of nalaten in de uitoefening van de taak op grond van dit artikel, tenzij deze schade in belangrijke mate het gevolg is van een opzettelijk onbehoorlijke taakuitoefening of een opzettelijk onbehoorlijke uitoefening van bevoegdheden of in belangrijke mate te wijten is aan grove schuld. A het door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, gecontroleerde jaarlijkse bezoldigingsverslag, bedoeld in artikel 135b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. B alle kosten die in verband met een krediet in rekening worden gebracht aan of ten laste komen van de kredietnemer, kosten van derden daaronder begrepen, met uitzondering van vertragingsvergoeding, vergoeding voor vervroegde aflossing en verzekerings- en taxatiekosten die betrekking hebben op het product ten behoeve waarvan het krediet wordt verstrekt; De verzekeringnemer die te goeder trouw heeft gehandeld, is in dit geval evenmin premie verschuldigd. De verzekeraar heeft recht op een billijke vergoeding van de te zijnen laste gekomen kosten. 1. Deze wet, met uitzondering van artikel X, treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. 2. Artikel X treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 december 2019. Deze wet wordt aangehaald als: Wijzigingswet financiële markten 2022-II. Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. Kamerstuk 36 131
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Wet van 7 december 2022 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998, de Wet financiële markten BES en enige andere wetten op het terrein van de financiële markten (Wijzigingswet financiële markten 2022-II)
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in