Wet van 1 april 2015 tot wijziging van diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in verband met het aanbrengen van enkele verbeteringen in de wetsbepalingen met betrekking tot passend onderwijs (Variawet passend onderwijs en kwaliteit (v)so)
This section amends several education statutes and gives schools, school partnerships, and authorities some powers and duties on support, staffing, and pupil monitoring.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 23 Apr 2015
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Wet van 1 april 2015 tot wijziging van diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in verband met het aanbrengen van enkele verbeteringen in de wetsbepalingen met betrekking tot passend onderwijs (Variawet passend onderwijs en kwaliteit (v)so)
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Wet van 1 april 2015 tot wijziging van diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in verband met het aanbrengen van enkele verbeteringen in de wetsbepalingen met betrekking tot passend onderwijs (Variawet passend onderwijs en kwaliteit (v)so)
AI-assisted research summary: This section amends several education statutes and gives schools, school partnerships, and authorities some powers and duties on support, staffing, and pupil monitoring.
Staatsblad Wet van 1 april 2015 tot wijziging van diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in verband met het aanbrengen van enkele verbeteringen in de wetsbepalingen met betrekking tot passend onderwijs (Variawet passend onderwijs en kwaliteit (v)so) Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: WIJZIGING WET OP HET PRIMAIR ONDERWIJS A B 3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven omtrent de uitvoering van het eerste lid alsmede omtrent de aard en de eisen aan de scholen en instellingen, bedoeld in het eerste lid. C 10a. Het samenwerkingsverband kan, met het oog op de doelstelling, bedoeld in het tweede lid, een of meer orthopedagogisch-didactische centra inrichten. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de voorwaarden waaronder een zodanige voorziening kan worden ingericht. D 1. Het bevoegd gezag stelt nadat op overeenstemming gericht overleg is gevoerd met de ouders een ontwikkelingsperspectief vast: voor leerlingen van een basisschool, die extra ondersteuning behoeven; voor leerlingen van een speciale school voor basisonderwijs. E 12. Artikel 116 is van overeenkomstige toepassing op het samenwerkingsverband. F G H 7. Artikel 123 is van overeenkomstige toepassing op het samenwerkingsverband. I 4. De samenwerkingsovereenkomst, bedoeld in het derde lid, kan bepalen dat geen verplichting als bedoeld in het derde lid, onderdeel c, onder 2°, bestaat in gevallen, genoemd in de ministeriële regeling bedoeld in artikel 138, vijfde lid, en in gevallen waarin Onze Minister op grond van artikel 138, zesde lid, heeft besloten dat de vermindering van de bekostiging, bedoeld in artikel 138, eerste lid, niet zal plaatsvinden. 5. Indien de samenwerkingsovereenkomst, bedoeld in het derde lid, voor afloop van de termijn bedoeld in het derde lid, onder b, door een bevoegd gezag wordt beëindigd, wordt de bekostiging van een bijzondere school die op grond van de samenwerkingsovereenkomst in afwijking van artikel 153, eerste tot en met derde lid, werd bekostigd, beëindigd, dan wel een openbare school die op grond van de samenwerkingsovereenkomst in afwijking van artikel 153, eerste tot en met derde lid, in stand werd gehouden, opgeheven overeenkomstig artikel 153 met dien verstande dat de bekostiging niet wordt beëindigd onderscheidenlijk de school niet wordt opgeheven voor 1 augustus volgend op de beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst. Bij een beëindiging van de samenwerkingsovereenkomst voor afloop van de termijn, bedoeld in het derde lid, onder b, wordt op de bekostiging van het Rijk voor de school of scholen van elk bevoegd gezag dat aan de samenwerkingsovereenkomst deelnam een bedrag ingehouden, waarvan de hoogte door middel van een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen regeling wordt bepaald. J indien van toepassing de begin- en einddatum van de periode waarvoor een leerling geplaatst is op een orthopedagogisch-didactisch centrum als bedoeld in artikel 18a, lid 10a, en het registratienummer van het orthopedagogisch-didactisch centrum. WIJZIGING WET OP DE EXPERTISECENTRA A 2a. Het onderwijs in de onderwijsactiviteiten zintuigelijke oefening en lichamelijke oefening in groepen bestemd voor leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs wordt, in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, onder 1, uitsluitend gegeven door degene die in het bezit is van een getuigschrift, afgegeven krachtens de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, waaruit blijkt dat ten aanzien van dat onderwijs is voldaan aan de bekwaamheidseisen die zijn vastgesteld krachtens artikel 36, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs. B C Uitgangspunten en doelstelling onderwijs 1. Het onderwijs wordt afgestemd op de ontwikkelingsmogelijkheden van de leerling. Zo nodig treedt het bevoegd gezag daarbij in overleg met: een stichting als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de jeugdzorg, een instantie die jeugdgezondheidszorg uitvoert als bedoeld in artikel 5 van de Wet publieke gezondheid. een instantie die maatschappelijke ondersteuning biedt als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, 2°, van de Wet maatschappelijke ondersteuning, een zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder j, van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten of een zorgaanbieder die geneeskundige geestelijke gezondheidszorg levert welke behoort tot de prestaties omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet. Het onderwijs wordt zodanig ingericht dat de leerling een ononderbroken ontwikkelingsproces kan doorlopen. Zo mogelijk brengt het kinderen tot het volgen van gewoon onderwijs in basisscholen of scholen voor voortgezet onderwijs. 2. Het bevoegd gezag stelt ten minste eenmaal in de 4 jaar een schoolondersteuningsprofiel vast. 3. Het onderwijs richt zich in elk geval op de emotionele en de verstandelijke ontwikkeling, op het ontwikkelen van creativiteit, het verwerven van kennis en van sociale, culturele en lichamelijke vaardigheden. Het onderwijs wordt bovendien zodanig ingericht dat daarbij op structurele en herkenbare wijze aandacht wordt besteed aan het bestrijden van achterstanden in het bijzonder in de beheersing van de Nederlandse taal. 4. Het onderwijs: gaat er mede van uit dat leerlingen opgroeien in een pluriforme samenleving, is mede gericht op het bevorderen van actief burgerschap en sociale integratie, en is er mede op gericht dat leerlingen kennis hebben van en kennismaken met verschillende achtergronden en culturen van leeftijdgenoten. 5. De onderwijsactiviteiten worden evenwichtig over de dag verdeeld. 6. Het onderwijs wordt zodanig ingericht dat leerlingen die in verband met ziekte thuis verblijven dan wel zijn opgenomen in een ziekenhuis, op adequate wijze voldoende onderwijs kunnen genieten. 7. De scholen gebruiken een leerling- en onderwijsvolgsysteem waaruit de vorderingen in de kennis en vaardigheden blijken op het niveau van de leerling, de groep en de school. Het leerling- en onderwijsvolgsysteem bevat toetsen die kennis en vaardigheden van de leerling meten op de terreinen, genoemd in het derde lid. 8. De toetsen, bedoeld in het zevende lid, voldoen aan het kwaliteitsoordeel van een door Onze Minister aangewezen onafhankelijke commissie betreffende inhoudelijke validiteit, betrouwbaarheid en deugdelijke normering. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften omtrent het leerling- en onderwijsvolgsysteem en de daaraan verbonden toetsen worden vastgesteld. D de inspecteur op verzoek van het bevoegd gezag ermee kan instemmen dat wordt afgeweken van de urennorm, bedoeld in artikel 6g, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs. E 5. De inspecteur kan op verzoek van het bevoegd gezag ermee instemmen dat wordt afgeweken van de urennorm, bedoeld het eerste lid. F de artikelen 40, vierde, vijfde, zesde en achttiende lid, 41, tweede lid, onderdeel a, en. Fa G 9. Het bedrag per leerling, bedoeld in het achtste lid, is het product van een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen hoeveelheid formatie leraren per leerling vermenigvuldigd met een bedrag. H I WIJZIGING WET OP HET VOORTGEZET ONDERWIJS A B 2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven omtrent de uitvoering van het eerste lid alsmede omtrent de aard en de eisen aan de scholen en instellingen, bedoeld in het eerste lid. C D 10a. Het samenwerkingsverband kan, met het oog op de doelstelling, bedoeld in het tweede lid, een of meer orthopedagogisch-didactische centra inrichten. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de voorwaarden waaronder een zodanige voorziening kan worden ingericht. E F 6. Artikel 85a is van overeenkomstige toepassing op het samenwerkingsverband. G H 5. Artikel 89 is van overeenkomstige toepassing op het samenwerkingsverband. WIJZIGING WET MEDEZEGGENSCHAP OP SCHOLEN A 2. Het eerste lid, onderdeel q, is niet van toepassing op de medezeggenschapsraad van het samenwerkingsverband. B Adviesbevoegdheid ondersteuningsplanraad De ondersteuningsplanraad wordt vooraf in de gelegenheid gesteld om advies uit te brengen over elk door het samenwerkingsverband te nemen besluit met betrekking tot in ieder geval de vaststelling van de competentieprofielen van toezichthouders en het toezichthoudend orgaan van het samenwerkingsverband. C D Instemmingsbevoegdheid ondersteuningsplanraad 1. Het samenwerkingsverband behoeft de voorafgaande instemming van de ondersteuningsplanraad voor elk door het samenwerkingsverband te nemen besluit met betrekking tot vaststelling of wijziging van het ondersteuningsplan, bedoeld in artikel 18a van de Wet op het primair onderwijs, respectievelijk artikel 17a van de Wet op het voortgezet onderwijs. 2. Het samenwerkingsverband behoeft de voorafgaande instemming van het deel van de ondersteuningsplanraad dat uit en door het personeel is gekozen voor vaststelling of wijziging van de regeling, bedoeld in artikel 28, voor zover die betrekking heeft op het personeel. 3. Het samenwerkingsverband behoeft de voorafgaande instemming van het deel van de ondersteuningsplanraad dat uit en door de ouders of de leerlingen is gekozen voor vaststelling of wijziging van de regeling, bedoeld in artikel 28, voor zover die betrekking heeft op ouders en leerlingen. E WIJZIGING WET OP HET ONDERWIJSTOEZICHT de wijze waarop een samenwerkingsverband zorg draagt voor de kwaliteit van het onderwijs aan een orthopedagogisch-didactisch centrum als bedoeld in artikel 18a, lid 10a, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 17a, lid 10a, van de Wet op het voortgezet onderwijs. WIJZIGING WET EDUCATIE EN BEROEPSONDERWIJS WIJZIGING WET PASSEND ONDERWIJS WIJZIGING VAN WET REGELING LEERLINGGEBONDEN FINANCIERING (STB. 2002, 631) INWERKINGTREDING De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. Kamerstuk 34 022
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Wet van 1 april 2015 tot wijziging van diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in verband met het aanbrengen van enkele verbeteringen in de wetsbepalingen met betrekking tot passend onderwijs (Variawet passend onderwijs en kwaliteit (v)so)
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in