Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010)
This provision allocates 2010 grants and contributions to named provinces and municipalities in the listed annexes.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 27 Jun 2014
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This provision allocates 2010 grants and contributions to named provinces and municipalities in the listed annexes. This subsection lists 2010 grant amounts for many municipalities and provinces across several annexes. This provision explains how various municipal and provincial grants are distributed, mostly for 2010, and notes some retroactive application for earlier years.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010)
Showing 3 of 3
- document.segment-1 Verify source ↗
Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010) — segment 1
AI-assisted research summary: This provision allocates 2010 grants and contributions to named provinces and municipalities in the listed annexes.
Staatsblad Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010) Hebben goedgevonden en verstaan: A B 2. In het jaar 2010 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2c-2, de in die bijlage genoemde uitkering. C Archeologische structuur In het jaar 2010 ontvangt de provincie Utrecht een eenmalige bijdrage van € 207.000. Elektrisch varen In het jaar 2010 ontvangt de provincie Fryslân een bijdrage van € 175.000. Personeelsvoorziening procestechniek nieuwe energie In het jaar 2010 ontvangt de provincie Limburg € 621.177. Restauratie Rijksmonumenten In het jaar 2010 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2h, de in die bijlage genoemde uitkering. D genoemd in de bijlage 10c, in het jaar 2010 de in die bijlage genoemde uitkering. E F 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten genoemd in bijlage 17-2, de in die bijlage genoemde uitkering. G Bijlage 18 wordt voor de jaren 2010 en 2011 voor de in die bijlage genoemde gemeenten gewijzigd. H De gemeenten, genoemd in bijlage 20a, ontvangen in de jaren 2010 en 2011 het in die bijlage genoemde bedrag. I De gemeenten, genoemd in bijlage 27c, ontvangen voor het jaar 2008 op basis van de in onderdeel b genoemde maatstaven het in die bijlage genoemde bedrag. J 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten genoemd in bijlage 29a-2, de in die bijlage genoemde uitkering. K 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29c-2, de in die bijlage genoemde uitkering. L 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29d-2, de in die bijlage genoemde uitkering. M 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29i-2, de in die bijlage genoemde uitkering. N 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29j-2, de in die bijlage genoemde uitkering. O 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29k-2, de in die bijlage genoemde uitkering. P 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29l-2, de in die bijlage genoemde uitkering. Q 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29m-2, de in die bijlage genoemde uitkering. R 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29o-2, de in die bijlage genoemde uitkering. S 2. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29r-2, de in die bijlage genoemde uitkering. T WMO Maatregelen psychosociale problemen In de jaren 2009 en 2010 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29t, de in die bijlage genoemde uitkering. U WMO compensatie pakketmaatregel AWBZ nadeelgemeenten In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29u de in die bijlage genoemde uitkering. Arbeidsparticipatie alleenstaande ouders In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29v, de in die bijlage genoemde uitkering. Drugspilots In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29w, de in die bijlage genoemde uitkering. Emancipatie Duizend en één kracht In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29x, de in die bijlage genoemde uitkering. Gezond in de stad In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29ij, de in die bijlage genoemde uitkering. Hogeschool Almere In het jaar 2010 ontvangt de gemeente Almere € 10 miljoen. Inburgering (instapcursussen) In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29aa, de in die bijlage genoemde extra uitkering. Inburgering (knelpunten) In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29bb, de in die bijlage genoemde uitkering. Inburgering (uitvoeringskosten) In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29cc, de in die bijlage genoemde uitkering. Jeugd In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29dd, de in die bijlage genoemde uitkering. Leefbaarheid en veiligheid In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29ee, de in die bijlage genoemde uitkering. Loondispensatie In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29ff, de in die bijlage genoemde uitkering. Onderwijsachterstandenbeleid Gemeenten, genoemd in bijlage 29gg, ontvangen in het jaar 2010 de in die bijlage genoemde uitkering. Rolstoelvoorzieningen Arnhem In het jaar 2010 ontvangt de gemeente Arnhem € 1.400.000. Vadercentra In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29ii, de in die bijlage genoemde uitkering. Versterking peuterspeelzaalwerk In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29jj, de in die bijlage genoemde uitkering. Vrouwenopvang In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29kk, de in die bijlage genoemde uitkering. Wachtlijsten kinderopvang In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29ll, de in die bijlage genoemde uitkering. Winkelstraatmanagement In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29mm, de in die bijlage genoemde uitkering. Uitvoeringskosten Wet werk en inkomen kunstenaars In het jaar 2010 ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29nn, de in die bijlage genoemde uitkering. V Alle troeven in handen In 2010 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31a, de in die bijlage genoemde uitkering. Bedrijventerreinen (Topperprojecten) In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31b, de in die bijlage genoemde uitkering. Bodemsanering In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31c, de in die bijlage genoemde uitkering. Krimp In het jaar 2010 ontvangt de provincie Groningen € 14.750.000 en ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 31d, de in die bijlage genoemde uitkering. Regiospecifiek pakket Zuiderzeelijn In het jaar 2010 ontvangen de gemeente Assen € 13.039.000 en provincies, genoemd in bijlage 31e, de in die bijlage genoemde uitkering. Stimulering lokale klimaatinitiatieven (SLOK) In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31f, de in die bijlage genoemde uitkering. Tijdbeleid gemeenten en provincies. In het jaar 2010 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31g, de in die bijlage genoemde uitkering. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2010 met uitzondering van artikel 27, onderdeel I, dat terugwerkt tot en met 1 januari 2008 en artikel 29t, onderdeel T, dat terugwerkt tot en met 1 januari 2009. Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 26, zesde lid j° vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, omdat het zonder meer instemmend luidt. behorend bij artikel I van het Besluit van pm tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010) Bijlage 2c-2, genoemd in artikel 2c. Regionale luchthavens Provincie Uitkering 2010 Groningen € 43.702 Fryslân € 110.616 Drenthe € 36.863 Overijssel € 101.902 Gelderland € 97.694 Utrecht € 15.917 Noord-Holland € 169.178 Zuid-Holland € 71.507 Zeeland € 92.875 Noord-Brabant € 119.753 Limburg € 83.683 Flevoland € 24.310 Totaal € 968.000 Bijlage 2h, genoemd in artikel 2h. Restauratie Rijksmonumenten Provincie Uitkering 2010 Groningen € 859.004 Fryslân € 1.392.094 Drenthe € 473.022 Overijssel € 1.194.900 Gelderland € 1.598.745 Utrecht € 1.449.536 Noord-Holland € 4.465.237 Zuid-Holland € 2.861.767 Zeeland € 1.263.200 Noord-Brabant € 1.636.222 Limburg € 1.689.461 Flevoland € 116.812 Totaal € 19.000.000 Bijlage 10c, genoemd in artikel 10c. Compensatie derving OZB op bedrijfswoningen Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 97.580 Aalburg € 16.524 Aalsmeer € 18.895 Aalten € 49.486 Abcoude € 9.054 Achtkarspelen € 83.159 Alblasserdam € 8.142 Albrandswaard € 4.950 Alkmaar € 112.280 Almelo € 96.000 Almere € 75.019 Alphen aan den Rijn € 69.417 Alphen-Chaam € 84.149 Amersfoort € 111.693 Amstelveen € 44.396 Amsterdam € 275.000 Andijk € 20.702 Anna Paulowna € 59.243 Apeldoorn € 119.788 Appingedam € 20.000 Arnhem € 279.476 Assen € 153.375 Asten € 51.290 Baarle-Nassau € 21.050 Baarn € 47.869 Barendrecht € 5.022 Barneveld € 125.000 Bedum € 40.294 Beek € 28.200 Beemster € 24.668 Beesel € 4.720 Bellingwedde € 36.361 Bergambacht € 16.153 Bergeijk € 78.025 Bergen L € 29.300 Bergen NH € 60.925 Bergen op Zoom € 35.236 Berkelland € 162.725 Bernheze € 114.938 Bernisse € 34.544 Best € 18.803 Beuningen € 41.353 Beverwijk € 18.204 Binnenmaas € 48.980 Bladel € 67.639 Bloemendaal € 47.630 Boarnsterhim € 37.246 Bodegraven € 31.689 Boekel € 53.712 Bolsward € 8.801 Borger-Odoorn € 83.336 Borne € 57.891 Borsele € 91.598 Boskoop € 27.870 Boxmeer € 60.158 Boxtel € 43.708 Breda € 229.000 Breukelen € 27.609 Brielle € 14.872 Bronckhorst € 127.755 Brummen € 36.000 Brunssum € 13.791 Bunnik € 41.566 Bunschoten € 13.693 Buren € 68.588 Bussum € 16.458 Capelle aan den IJssel € 53.146 Castricum € 24.840 Coevorden € 90.500 Cranendonck € 65.058 Cromstrijen € 27.596 Cuijk € 43.880 Culemborg € 26.044 Dalfsen € 102.280 Dantumadiel € 30.326 De Bilt € 65.000 De Marne € 38.044 De Ronde Venen € 62.809 De Wolden € 66.903 Delft € 72.000 Delfzijl € 100.000 Den Helder € 70.892 Deurne € 118.190 Deventer € 178.000 Diemen € 6.244 Dinkelland € 164.240 Dirksland € 12.618 Doesburg € 10.793 Doetinchem € 56.684 Dongen € 32.585 Dongeradeel € 72.407 Dordrecht € 148.299 Drechterland € 17.378 Drimmelen € 61.833 Dronten € 129.975 Druten € 42.992 Duiven € 9.518 Echt-Susteren € 70.722 Edam-Volendam € 6.407 Ede € 245.099 Eemnes € 13.776 Eemsmond € 80.563 Eersel € 55.000 Eijsden € 22.831 Eindhoven € 319.994 Elburg € 28.567 Emmen € 204.748 Enkhuizen € 18.000 Enschede € 105.000 Epe € 40.000 Ermelo € 46.066 Etten-Leur € 47.906 Ferwerderadiel € 23.101 Franekeradeel € 55.000 Gaasterlan-Sleat € 3.112 Geertruidenberg € 27.927 Geldermalsen € 38.607 Geldrop-Mierlo € 25.011 Gemert-Bakel € 71.932 Gennep € 27.000 Giessenlanden € 26.980 Gilze en Rijen € 24.720 Goedereede € 12.166 Goes € 58.571 Goirle € 24.787 Gorinchem € 15.078 Gouda € 37.613 Graafstroom € 31.281 Graft-De Rijp € 10.135 Grave € 17.059 Groesbeek € 47.000 Groningen € 107.764 Grootegast € 48.406 Gulpen-Wittem € 70.327 Haaksbergen € 72.000 Haaren € 61.578 Haarlem € 136.800 Haarlemmerliede Spaarnwoude € 2.744 Haarlemmermeer € 104.842 Halderberge € 52.816 Hardenberg € 194.149 Harderwijk € 20.406 Hardinxveld-Giessendam € 11.314 Haren € 7.061 Harenkarspel € 15.736 Harlingen € 47.063 Hattem € 11.097 Heemskerk € 24.135 Heemstede € 78.029 Heerde € 19.747 Heerenveen € 113.259 Heerhugowaard € 56.569 Heerlen € 112.898 Heeze-Leende € 46.352 Heiloo € 7.800 Hellendoorn € 102.131 Hellevoetsluis € 47.404 Helmond € 32.180 Hendrik-Ido-Ambacht € 13.886 Hengelo € 67.466 Het Bildt € 54.967 Heumen € 14.621 Heusden € 54.550 Hillegom € 11.302 Hilvarenbeek € 42.753 Hilversum € 36.000 Hof van Twente € 152.157 Hoogeveen € 109.107 Hoogezand-Sappemeer € 40.199 Hoorn € 28.061 Horst aan de Maas € 112.270 Houten € 50.832 Huizen € 24.066 Hulst € 43.346 IJsselstein € 9.907 Kaag en Braassem € 22.450 Kampen € 106.233 Kapelle € 18.177 Katwijk € 21.695 Kerkrade € 74.636 Koggenland € 18.804 Kollumerland en Nieuwkruisland € 27.882 Korendijk € 25.509 Krimpen aan den IJssel € 2.197 Laarbeek € 52.271 Landerd € 45.105 Landgraaf € 80.000 Landsmeer € 24.386 Langedijk € 25.228 Lansingerland € 49.166 Leek € 24.157 Leerdam € 55.397 Leeuwarden € 116.340 Leeuwarderadeel € 22.628 Leiden € 163.086 Leiderdorp € 3.642 Leidschendam-Voorburg € 45.453 Lelystad € 154.879 Lemsterland € 31.271 Leudal € 85.266 Leusden € 30.326 Liesveld € 21.533 Lingewaal € 18.384 Lingewaard € 61.974 Lisse € 17.506 Lith € 46.241 Littenseradiel € 37.000 Lochem € 72.500 Loenen € 20.454 Loon op Zand € 27.967 Lopik € 28.000 Loppersum € 36.235 Losser € 71.168 Maarssen € 8.719 Maasdonk € 57.334 Maasdriel € 92.465 Maasgouw € 40.702 Maassluis € 35.202 Maastricht € 97.221 Margraten € 42.702 Marum € 38.522 Medemblik € 49.763 Meerssen € 21.143 Menameradiel € 35.057 Menterwolde € 37.370 Meppel € 19.139 Middelburg € 56.547 Middelharnis € 15.735 Midden Drenthe € 150.000 Midden-Delfland € 25.228 Mill en Sint Hubert € 49.173 Millingen a/d Rijn € 12.023 Moerdijk € 97.546 Montferland € 57.280 Montfoort U € 56.479 Naarden € 10.057 Neder-Betuwe € 40.069 Nederlek € 17.165 Nederweert € 57.596 Neerijnen € 49.422 Niedorp € 21.741 Nieuwegein € 5.399 Nieuwkoop € 65.642 Nieuw-Lekkerland € 11.518 Nijefurd € 65.027 Nijkerk € 50.314 Nijmegen € 167.250 Noord-Beveland € 30.118 Noordenveld € 49.639 Noordoostpolder € 161.508 Noordwijk € 7.648 Noordwijkerhout € 33.142 Nuenen c.a. € 37.236 Nunspeet € 40.927 Nuth € 35.222 Oegstgeest € 15.000 Oirschot € 91.626 Oisterwijk € 37.576 Oldambt € 134.873 Oldebroek € 52.977 Oldenzaal € 26.498 Olst-Wijhe € 91.196 Ommen € 55.000 Onderbanken € 7.851 Oost Gelre € 79.044 Oosterhout € 46.323 Oostflakkee € 20.482 Ooststellingwerf € 40.724 Oostzaan € 2.932 Opmeer € 16.528 Opsterland € 80.000 Oss € 69.867 Oud-Beijerland € 19.860 Oude IJsselstreek € 70.224 Ouder-Amstel € 9.505 Ouderkerk € 12.961 Oudewater € 49.500 Overbetuwe € 61.702 Papendrecht € 11.269 Peel en Maas € 125.161 Pekela € 42.212 Pijnacker-Nootdorp € 79.000 Purmerend € 19.250 Putten € 39.586 Raalte € 150.000 Reeuwijk € 26.729 Reimerswaal € 51.347 Renkum € 77.448 Renswoude € 23.073 Reusel-De Mierden € 86.084 Rheden € 63.029 Rhenen € 60.002 Ridderkerk € 16.058 Rijnwaarden € 17.923 Rijnwoude € 50.186 Rijssen-Holten € 43.762 Rijswijk € 12.394 Roerdalen € 28.975 Roermond € 61.145 Roosendaal € 62.944 Rotterdam € 425.000 Rucphen € 45.000 Schagen € 22.342 Schermer € 32.000 Scherpenzeel € 15.444 Schiedam € 38.957 Schiermonnikoog € 2.394 Schijndel € 45.129 Schinnen € 19.500 Schoonhoven € 15.836 Schouwen-Duiveland € 98.564 ’s-Gravenhage € 640.072 ’s-Hertogenbosch € 200.326 Simpelveld € 19.510 Sint-Anthonis € 56.556 Sint-Michielsgestel € 47.860 Sint-Oedenrode € 59.987 Sittard-Geleen € 175.748 Skarsterlan € 67.395 Sliedrecht € 14.067 Slochteren € 55.000 Sluis € 87.839 Smallingerland € 190.000 Sneek € 73.497 Soest € 20.380 Someren € 53.035 Son en Breugel € 12.966 Spijkenisse € 31.679 Stadskanaal € 41.024 Staphorst € 44.983 Stede Broec € 18.500 Steenbergen € 61.526 Steenwijkerland € 180.000 Stein € 32.177 Strijen € 19.178 Ten Boer € 30.035 Terneuzen € 115.113 Terschelling € 17.510 Texel € 12.075 Teylingen € 13.568 Tholen € 57.465 Tiel € 44.640 Tilburg € 111.278 Tubbergen € 120.695 Twenterand € 60.920 Tynaarlo € 31.407 Tytsjerksteradiel € 106.618 Ubbergen € 25.096 Uden € 89.604 Uithoorn € 16.039 Urk € 23.890 Utrecht € 136.132 Utrechtse Heuvelrug € 86.930 Vaals € 11.124 Valkenburg a/d Geul € 32.487 Valkenswaard € 32.647 Veendam € 24.693 Veenendaal € 21.520 Veere € 28.477 Veghel € 83.083 Veldhoven € 75.691 Velsen € 25.598 Venlo € 137.798 Venray € 150.190 Vianen € 13.171 Vlaardingen € 10.832 Vlagtwedde € 45.000 Vlieland € 5.551 Vlissingen € 71.809 Vlist € 34.506 Voerendaal € 24.513 Voorschoten € 22.960 Voorst € 49.607 Vught € 127.854 Waalre € 9.194 Waalwijk € 46.087 Waddinxveen € 9.490 Wageningen € 12.500 Waterland € 27.475 Weert € 18.920 Weesp € 18.213 Werkendam € 37.227 Wervershoof € 15.214 West Maas en Waal € 74.934 Westerveld € 42.171 Westervoort € 989 Westland € 217.143 Weststellingwerf € 77.818 Westvoorne € 22.380 Wierden € 41.501 Wieringen € 9.623 Wieringermeer € 59.398 Wijchen € 11.538 Wijdemeren € 18.779 Wijk bij Duurstede € 75.000 Winsum € 47.422 Winterswijk € 104.466 Woensdrecht € 44.249 Woerden € 93.564 Wormerland € 26.740 Woudenberg € 15.629 Woudrichem € 43.046 Wunseradiel € 57.318 Wymbritseradiel € 45.591 Zaanstad € 162.901 Zaltbommel € 87.002 Zandvoort € 7.406 Zederik € 24.920 Zeevang € 12.297 Zeewolde € 120.000 Zeist € 69.000 Zevenaar € 32.376 Zijpe € 30.622 Zoetermeer € 120.000 Zoeterwoude € 8.310 Zuidhorn € 55.205 Zuidplas € 38.649 Zundert € 43.785 Zutphen € 36.015 Zwartewaterland € 42.751 Zwijndrecht € 48.087 Zwolle € 84.538 Totaal € 23.921.570 Bijlage 14-2, genoemd in artikel 14. National actieplan sport en bewegen Gemeente Uitkering 2010 Achtkarspelen € 66.286 Alkmaar € 149.199 Almelo € 127.096 Amsterdam € 476.442 Appingedam € 34.374 Arnhem € 75.000 Assen € 119.391 Baarle-Nassau € 20.022 Bedum € 31.202 Bellingwedde € 28.542 Bergen op Zoom € 120.440 Bolsward € 28.797 Borger-Odoorn € 62.594 Brunssum € 69.180 Coevorden € 70.000 Cuijk € 58.498 Dantumadiel € 48.922 De Marne € 31.508 Delft € 150.379 Delfzijl € 65.306 Den Helder € 7.500 Deventer € 151.617 Doesburg € 33.186 Dordrecht € 164.271 Echt-Susteren € 73.518 Eemsmond € 43.420 Eindhoven € 209.850 Emmen € 159.416 Enkhuizen € 45.652 Enschede € 75.000 Ferwerderadiel € 26.682 Franekeradeel € 25.625 Gaasterlan-Sleat € 28.125 Geertruidenberg € 2.500 Goes € 50.000 Groesbeek € 47.814 Groningen € 195.807 Grootegast € 34.296 Hardenberg € 112.158 Harlingen € 40.930 Heerenveen € 89.164 Heerlen € 145.537 Hengelo € 93.500 Hoogeveen € 106.575 Hoogezand-Sappemeer € 76.588 Hoorn € 123.174 Kerkrade € 98.154 Landgraaf € 83.299 Leek € 48.380 Leerdam € 51.376 Leeuwarden € 41.250 Lelystad € 127.252 Lemsterland € 36.868 Littenseradiel € 31.700 Losser € 54.970 Maastricht € 164.519 Marum € 30.132 Menterwolde € 35.110 Meppel € 71.631 Middelburg € 95.901 Neder-Betuwe € 54.618 Nijefurd € 31.772 Nijmegen € 185.454 Noord-Beveland € 21.801 Oldambt € 106.195 Ooststellingwerf € 62.448 Opmeer € 32.424 Opsterland € 94.166 Peel en Maas € 49.092 Pekela € 36.608 Reusel-De Mierden € 7.500 Roermond € 106.372 Rotterdam € 397.029 Rozenburg € 35.360 Schiedam € 130.162 ’s-Gravenhage € 341.971 Sittard-Geleen € 151.245 Skarsterlan € 64.102 Smallingerland € 40.000 Sneek € 74.659 Stadskanaal € 76.185 Stede Broec € 52.690 Steenwijkerland € 89.691 Stein € 12.500 Terneuzen € 30.000 Tholen € 60.310 Tilburg € 205.630 Twenterand € 50.000 Utrecht € 249.201 Vaals € 29.877 Veendam € 66.234 Venlo € 147.091 Vlaardingen € 126.461 Vlagtwedde € 37.500 Vlieland € 3.411 Vlissingen € 92.535 Wageningen € 78.520 Weststellingwerf € 61.000 Wunseradiel € 33.794 Zaanstad € 175.701 Totaal € 8.666.934 Bijlage 17-2, genoemd in artikel 17. Pilot toezicht Drank- en Horecawet Gemeente Uitkering 2010 Delfzijl € 150.000 Drimmelen € 75.000 Hoorn € 150.000 Kaag en Braassem € 150.000 Kampen € 150.000 Katwijk € 150.000 Leeuwarden € 150.000 Lingewaard € 150.000 Maastricht € 150.000 Middelharnis € 150.000 Spijkenisse € 150.000 Texel € 150.000 Utrecht € 150.000 Vlaardingen € 150.000 Winterswijk € 150.000 Totaal € 2.175.000 Bijlage 18, genoemd in artikel 18. Pilot gemengde scholen Gemeente Uitkering 2010 Uitkering 2011 Almelo € 50.000 € 50.000 Amsterdam € 100.000 € 100.000 Amersfoort € 50.000 € 50.000 Den Haag € 100.000 € 100.000 Deventer € 50.000 € 50.000 Eindhoven € 50.000 € 50.000 Leiden € 50.000 € 50.000 Nijmegen € 50.000 € 50.000 Rotterdam € 100.000 € 100.000 Schiedam € 50.000 € 50.000 Tilburg € 50.000 € 50.000 Utrecht € 100.000 € 100.000 Totaal € 800.000 € 800.000 Bijlage 20a, genoemd in artikel 20. Polarisatie en radicalisering Gemeente Uitkering 2010 Uitkering 2011 Amersfoort € 40.000 Amsterdam € 562.500 € 525.000 Apeldoorn € 179.750 Arnhem € 75.000 Bergen op Zoom € 25.000 Bunnik € 335.000 Capelle aan den IJssel € 39.000 Culemborg € 360.000 € 50.000 Ede € 14.500 Eemsmond € 96.000 Gouda € 14.500 Helmond € 153.000 Krimpen aan den IJssel € 3.000 Leiden € 15.000 Nijmegen € 25.000 Renkum € 190.000 Roermond € 48.000 Rotterdam € 537.000 ’s-Gravenhage € 542.500 Tiel € 28.000 Utrecht € 508.000 Waalwijk € 15.000 Weert € 49.000 € 49.000 Zoetermeer € 27.500 € 14.500 Totaal € 3.882.250 € 638.500 Bijlage 27c, genoemd in artikel 27. Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) Gemeente Uitkering 2008 Aa en Hunze € 2.449.393 Aalburg € 790.880 Aalsmeer € 1.999.291 Aalten € 2.761.367 Abcoude € 595.328 Achtkarspelen € 2.489.666 Alblasserdam € 1.848.168 Albrandswaard € 1.282.348 Alkemade € 1.014.796 Alkmaar € 9.219.695 Almelo € 7.618.740 Almere € 9.367.909 Alphen a/d Rijn € 5.155.492 Alphen-Chaam € 639.224 Ameland € 261.554 Amersfoort € 10.914.503 Amstelveen € 8.501.068 Amsterdam € 67.392.985 Andijk € 505.741 Anna Paulowna € 941.361 Apeldoorn € 15.257.362 Appingedam € 1.748.370 Arcen en Velden € 716.938 Arnhem € 13.832.096 Assen € 6.212.423 Asten € 1.277.468 Baarle-Nassau € 676.072 Baarn € 3.104.214 Barendrecht € 2.360.402 Barneveld € 2.930.249 Bedum € 982.713 Beek € 1.791.270 Beemster € 769.534 Beesel € 1.086.617 Bellingwedde € 1.271.202 Bennebroek € 674.596 Bergambacht € 708.334 Bergeijk € 1.307.087 Bergen L € 1.335.466 Bergen NH € 3.205.066 Bergen op Zoom € 6.407.437 Berkelland € 3.967.138 Bernheze € 1.908.875 Bernisse € 801.388 Best € 1.833.542 Beuningen € 1.579.130 Beverwijk € 4.151.064 Binnenmaas € 2.101.430 Bladel € 1.325.383 Blaricum € 765.225 Bloemendaal € 1.564.568 Boarnsterhim € 1.485.641 Bodegraven € 1.301.726 Boekel € 679.212 Bolsward € 1.148.041 Borger-Odoorn € 2.406.088 Borne € 1.818.836 Borsele € 1.798.012 Boskoop € 1.019.961 Boxmeer € 2.166.708 Boxtel € 2.619.648 Breda € 15.615.967 Breukelen € 1.159.051 Brielle € 1.029.665 Bronckhorst € 3.473.215 Brummen € 1.964.405 Brunssum € 4.175.877 Bunnik € 985.950 Bunschoten € 1.052.330 Buren € 1.546.594 Bussum € 3.789.786 Capelle a/d IJssel € 5.875.961 Castricum € 2.893.530 Coevorden € 3.648.839 Cranendonck € 1.533.925 Cromstrijen € 907.744 Cuijk € 1.992.874 Culemborg € 1.944.390 Dalfsen € 1.903.732 Dantumadeel € 2.022.723 De Bilt € 4.910.106 De Marne € 1.124.159 De Ronde Venen € 2.163.385 De Wolden € 2.174.300 Delft € 8.617.941 Delfzijl € 3.067.042 Den Helder € 5.656.991 Deurne € 2.528.462 Deventer € 9.236.076 Diemen € 1.970.668 Dinkelland € 1.946.823 Dirksland € 727.374 Doesburg € 1.101.359 Doetinchem € 5.739.395 Dongen € 1.943.933 Dongeradeel € 2.488.233 Dordrecht € 11.882.114 Drechterland € 1.344.489 Drimmelen € 1.967.002 Dronten € 2.518.014 Druten € 1.382.899 Duiven € 1.603.003 Echt-Susteren € 3.513.807 Edam-Volendam € 1.771.610 Ede € 8.371.348 Eemnes € 508.920 Eemsmond € 1.798.653 Eersel € 1.494.308 Eijsden € 877.798 Eindhoven € 22.215.112 Elburg € 1.510.542 Emmen € 12.541.234 Enkhuizen € 1.749.332 Enschede € 16.666.976 Epe € 3.470.861 Ermelo € 2.650.113 Etten-Leur € 3.144.753 Ferwerderadiel € 794.106 Franekeradeel € 2.080.045 Gaasterlan-Sleat € 1.005.003 Geertruidenberg € 1.620.082 Geldermalsen € 1.745.002 Geldrop-Mierlo € 3.355.907 Gemert-Bakel € 2.153.933 Gennep € 1.942.594 Giessenlanden € 872.871 Gilze en Rijen € 1.814.802 Goedereede € 760.250 Goes € 4.329.422 Goirle € 1.609.856 Gorinchem € 3.476.364 Gouda € 6.119.929 Graafstroom € 504.365 Graft-De Rijp € 482.201 Grave € 1.091.033 Groesbeek € 2.144.776 Groningen € 15.540.591 Grootegast € 972.331 Gulpen-Wittem € 1.355.385 Haaksbergen € 1.918.555 Haaren € 1.191.116 Haarlem € 15.886.422 Haarlemmerliede Spaarnwoude € 453.551 Haarlemmermeer € 7.819.934 Halderberge € 2.282.594 Hardenberg € 4.480.365 Harderwijk € 3.386.754 Hardinxveld-Giessendam € 1.375.551 Haren € 2.306.092 Harenkarspel € 1.187.337 Harlingen € 1.583.018 Hattem € 1.004.744 Heemskerk € 3.547.389 Heemstede € 3.197.090 Heerde € 1.665.026 Heerenveen € 4.999.997 Heerhugowaard € 3.126.371 Heerlen € 12.656.835 Heeze-Leende € 1.342.305 Heiloo € 2.082.649 Helden € 1.564.963 Hellendoorn € 3.018.464 Hellevoetsluis € 2.756.966 Helmond € 7.527.517 Hendrik-Ido-Ambacht € 1.469.850 Hengelo € 8.277.817 Het Bildt € 1.063.304 Heumen € 1.165.372 Heusden € 3.035.463 Hillegom € 1.859.123 Hilvarenbeek € 957.115 Hilversum € 9.468.068 Hof van Twente € 3.223.209 Hoogeveen € 5.879.830 Hoogezand-Sappemeer € 4.221.945 Hoorn € 5.881.480 Horst aan de Maas € 2.162.344 Houten € 2.154.019 Huizen € 3.541.890 Hulst € 3.120.672 IJsselstein € 1.984.801 Jacobswoude € 659.126 Kampen € 4.083.611 Kapelle € 949.481 Katwijk € 4.269.871 Kerkrade € 6.582.340 Kessel € 356.783 Koggenland € 1.362.158 Kollumerland Nieuwkruisland € 1.247.784 Korendijk € 755.313 Krimpen a/d IJssel € 2.296.391 Laarbeek € 1.614.162 Landerd € 1.029.185 Landgraaf € 4.541.378 Landsmeer € 861.781 Langedijk € 1.598.798 Lansingerland € 2.202.406 Laren € 1.348.965 Leek € 2.019.165 Leerdam € 1.895.465 Leeuwarden € 10.298.487 Leeuwarderadeel € 839.707 Leiden € 9.548.569 Leiderdorp € 2.048.586 Leidschendam-Voorburg € 8.431.346 Lelystad € 4.993.772 Lemsterland € 1.041.103 Leudal € 2.866.341 Leusden € 1.992.678 Liesveld € 623.265 Lingewaal € 695.909 Lingewaard € 2.966.875 Lisse € 1.921.368 Lith € 429.606 Littenseradiel € 749.814 Lochem € 3.353.477 Loenen € 695.709 Loon op Zand € 1.836.594 Lopik € 791.887 Loppersum € 1.014.081 Losser € 2.182.159 Maarssen € 2.579.700 Maasbree € 808.166 Maasdonk € 793.031 Maasdriel € 1.692.962 Maasgouw € 2.630.877 Maassluis € 2.889.723 Maastricht € 14.157.004 Margraten € 1.055.237 Marum € 772.669 Medemblik € 2.148.303 Meerlo-Wanssum € 506.775 Meerssen € 1.706.591 Meijel € 433.989 Menaldumadeel € 1.129.943 Menterwolde € 1.128.092 Meppel € 3.084.629 Middelburg € 5.045.068 Middelharnis € 1.683.241 Midden Drenthe € 2.964.946 Midden-Delfland € 987.492 Mill en Sint Hubert € 881.698 Millingen a/d Rijn € 538.843 Moerdijk € 2.795.555 Montferland € 3.008.101 Montfoort U € 746.885 Mook en Middelaar € 682.965 Moordrecht € 488.036 Muiden € 508.265 Naarden € 1.593.185 Neder-Betuwe € 1.461.889 Nederlek € 1.272.196 Nederweert € 1.258.269 Neerijnen € 819.730 Niedorp € 750.894 Nieuwegein € 4.121.098 Nieuwerkerk a/d IJssel € 1.288.155 Nieuwkoop € 1.812.612 Nieuw-Lekkerland € 512.094 Nijefurd € 1.132.311 Nijkerk € 2.526.187 Nijmegen € 15.484.876 Noord-Beveland € 651.242 Noordenveld € 3.028.526 Noordoostpolder € 3.873.355 Noordwijk € 2.374.484 Noordwijkerhout € 1.329.251 Nuenen c.a. € 1.397.574 Nunspeet € 2.185.205 Nuth € 1.578.054 Oegstgeest € 1.637.208 Oirschot € 1.158.688 Oisterwijk € 2.201.133 Oldebroek € 1.376.351 Oldenzaal € 3.100.033 Olst-Wijhe € 1.573.134 Ommen € 1.490.718 Onderbanken € 835.735 Oost Gelre € 2.461.115 Oosterhout € 4.394.362 Oostflakkee € 858.501 Ooststellingwerf € 2.841.963 Oostzaan € 727.875 Opmeer € 779.588 Opsterland € 2.763.432 Oss € 6.960.380 Oud-Beijerland € 1.639.648 Oude IJsselstreek € 3.648.768 Ouder-Amstel € 1.145.199 Ouderkerk € 637.380 Oudewater € 772.530 Overbetuwe € 2.704.510 Papendrecht € 2.320.118 Pekela € 1.809.694 Pijnacker-Nootdorp € 2.053.453 Purmerend € 7.171.504 Putten € 1.770.232 Raalte € 3.083.515 Reeuwijk € 877.020 Reiderland € 996.446 Reimerswaal € 1.774.068 Renkum € 4.196.469 Renswoude € 268.366 Reusel-De Mierden € 844.511 Rheden € 5.758.774 Rhenen € 1.580.801 Ridderkerk € 4.548.410 Rijnwaarden € 898.065 Rijnwoude € 1.147.013 Rijssen-Holten € 2.847.364 Rijswijk € 6.553.205 Roerdalen € 1.876.419 Roermond € 5.906.740 Roosendaal € 7.275.593 Rotterdam € 65.637.186 Rozenburg € 966.832 Rozendaal € 143.875 Rucphen € 1.987.189 Schagen € 1.906.173 Scheemda € 1.478.677 Schermer € 341.869 Scherpenzeel € 592.240 Schiedam € 7.975.237 Schiermonnikoog € 141.834 Schijndel € 1.765.609 Schinnen € 1.245.556 Schoonhoven € 1.003.171 Schouwen-Duiveland € 3.239.517 Sevenum € 566.582 ’s-Gravenhage € 46.850.039 ’s-Hertogenbosch € 12.038.019 Simpelveld € 1.139.705 Sint-Anthonis € 968.452 Sint-Michielsgestel € 2.080.007 Sint-Oedenrode € 1.394.754 Sittard-Geleen € 11.246.225 Skarsterlan € 2.256.150 Sliedrecht € 2.685.600 Slochteren € 1.222.857 Sluis € 2.901.759 Smallingerland € 5.908.291 Sneek € 3.555.715 Soest € 4.416.300 Someren € 1.438.531 Son en Breugel € 1.180.838 Spijkenisse € 5.379.547 Stadskanaal € 4.556.047 Staphorst € 836.846 Stede Broec € 1.577.844 Steenbergen € 1.881.799 Steenwijkerland € 4.414.171 Stein € 2.703.239 Strijen € 776.376 Ten Boer € 527.302 Terneuzen € 6.021.444 Terschelling € 392.854 Texel € 1.130.195 Teylingen € 2.399.420 Tholen € 2.085.670 Tiel € 3.224.200 Tilburg € 18.276.468 Tubbergen € 1.332.200 Twenterand € 2.702.801 Tynaarlo € 3.134.633 Tytsjerksteradiel € 3.012.121 Ubbergen € 1.047.308 Uden € 3.162.541 Uitgeest € 755.757 Uithoorn € 2.199.323 Urk € 687.732 Utrecht € 21.504.640 Utrechtse Heuvelrug € 4.929.178 Vaals € 1.200.611 Valkenburg a/d Geul € 2.002.629 Valkenswaard € 3.051.460 Veendam € 3.630.703 Veenendaal € 4.814.959 Veere € 1.755.793 Veghel € 2.647.147 Veldhoven € 3.545.842 Velsen € 7.089.659 Venlo € 9.606.047 Venray € 3.209.150 Vianen € 1.300.523 Vlaardingen € 8.536.560 Vlagtwedde € 2.210.071 Vlieland € 114.495 Vlissingen € 5.228.306 Vlist € 791.010 Voerendaal € 1.161.533 Voorschoten € 1.946.042 Voorst € 2.327.518 Vught € 2.297.836 Waalre € 1.426.059 Waalwijk € 3.763.600 Waddinxveen € 1.850.460 Wageningen € 2.624.183 Wassenaar € 2.785.061 Waterland € 1.305.482 Weert € 4.281.156 Weesp € 1.762.997 Werkendam € 1.731.994 Wervershoof € 635.051 West Maas Waal € 1.499.476 Westerveld € 2.001.351 Westervoort € 1.057.331 Westland € 6.861.456 Weststellingwerf € 3.065.757 Westvoorne € 1.097.635 Wierden € 1.634.059 Wieringen € 939.871 Wieringermeer € 1.103.774 Wijchen € 2.890.248 Wijdemeren € 1.817.797 Wijk bij Duurstede € 1.293.951 Winschoten € 3.054.449 Winsum € 1.062.366 Winterswijk € 3.226.630 Woensdrecht € 1.580.239 Woerden € 3.149.941 Wormerland € 1.253.077 Woudenberg € 899.836 Woudrichem € 1.038.681 Wunseradiel € 929.637 Wymbritseradiel € 1.079.073 Zaanstad € 13.402.246 Zaltbommel € 1.818.166 Zandvoort € 2.349.148 Zederik € 896.829 Zeevang € 410.131 Zeewolde € 804.721 Zeist € 6.838.731 Zevenaar € 2.908.349 Zevenhuizen-Moerkapelle € 705.194 Zijpe € 743.455 Zoetermeer € 8.090.315 Zoeterwoude € 781.291 Zuidhorn € 1.288.086 Zundert € 2.026.557 Zutphen € 4.755.924 Zwartewaterland € 1.418.175 Zwijndrecht € 4.569.384 Zwolle € 9.739.700 Totaal € 1.469.545.416 Bijlage 29a-2, genoemd in artikel 29a. Aanpak Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren Gemeente Uitkering 2010 Amersfoort € 131.386 Amsterdam € 4.344.672 Culemborg € 80.000 Ede € 80.000 Eindhoven € 161.876 Gorinchem € 80.000 Gouda € 201.918 Helmond € 104.944 Leiden € 155.803 Lelystad € 80.000 Maassluis € 80.000 Nijmegen € 101.592 Oosterhout € 80.000 Roosendaal € 123.542 Rotterdam € 2.566.388 Schiedam € 80.000 ’s-Gravenhage € 1.743.835 ’s-Hertogenbosch € 135.877 Tilburg € 157.638 Utrecht € 1.715.062 Veenendaal € 93.116 Zeist € 102.351 Totaal € 12.400.000 Bijlage 29c-2, genoemd in artikel 29c. Antillianengemeenten Gemeente Uitkering 2010 Almere € 220.000 Amersfoort € 85.000 Amsterdam € 522.500 Breda € 115.000 Capelle aan den IJssel € 92.500 Den Helder € 87.500 Dordrecht € 200.000 Eindhoven € 137.500 Groningen € 195.000 Hellevoetsluis € 45.000 Leeuwarden € 57.500 Lelystad € 92.500 Nijmegen € 107.500 Rotterdam € 1.172.500 Schiedam € 97.500 ’s-Gravenhage € 570.000 Spijkenisse € 95.000 Tilburg € 257.500 Vlaardingen € 82.500 Vlissingen € 47.500 Zoetermeer € 122.500 Zwolle € 82.500 Totaal € 4.485.000 Bijlage 29d-2, genoemd in artikel 29d. Budget 40+ wijken Gemeente Uitkering 2010 Almere € 2.000.000 Amsterdam € 1.333.333 Bergen op Zoom € 1.000.000 Capelle aan den IJssel € 2.000.000 Culemborg € 1.000.000 Delft € 2.000.000 Delfzijl € 1.000.000 Ede € 1.000.000 Enschede € 2.000.000 Gouda € 1.000.000 Haarlem € 1.333.333 Hoogezand-Sappemeer € 1.000.000 IJsselstein € 1.000.000 Leerdam € 1.000.000 Leidschendam-Voorburg € 2.000.000 Roermond € 2.000.000 Roosendaal € 1.000.000 ’s-Hertogenbosch € 1.333.333 Veenendaal € 1.000.000 Venray € 1.000.000 Vlaardingen € 1.000.000 Zoetermeer € 2.000.000 Totaal € 29.999.999 Bijlage 29i-2, genoemd in artikel 29i. Herbestemming aandachtswijken Gemeente Uitkering 2010 Amersfoort € 178.000 Amsterdam € 429.000 Arnhem € 175.000 Deventer € 4.000 Eindhoven € 135.000 Enschede € 7.000 Groningen € 19.000 Heerlen € 41.000 Leeuwarden € 23.000 Maastricht € 89.000 Rotterdam € 495.749 ’s-Gravenhage € 364.500 Utrecht € 31.000 Zaanstad € 5.000 Totaal € 1.996.249 Bijlage 29j-2, genoemd in artikel 29j. Herstructurering bedrijventerreinen Gemeente Uitkering 2010 Noordoostpolder € 5.000.000 Oldenzaal € 5.000.000 Soest € 10.000.000 Veendam € 5.000.000 Totaal € 25.000.000 Bijlage 29k-2, genoemd in artikel 29k. Impuls brede scholen combinatiefuncties Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 87.424 Aalsmeer € 88.288 Achtkarspelen € 105.104 Albrandswaard € 79.968 Alkmaar € 256.800 Almelo € 132.800 Almere € 393.352 Alphen a/d Rijn € 129.872 Amersfoort € 416.000 Amsterdam € 1.329.800 Anna Paulowna € 27.328 Apeldoorn € 269.016 Arnhem € 368.800 Assen € 120.976 Barneveld € 229.024 Bedum € 41.104 Beek € 27.320 Bergen NH € 98.000 Bergen op Zoom € 220.944 Bernheze € 115.216 Best € 113.344 Binnenmaas € 96.176 Bladel € 70.880 Boarnsterhim € 36.752 Borger-Odoorn € 90.224 Borne € 79.024 Borsele € 44.208 Boxmeer € 107.216 Boxtel € 107.456 Breda € 471.600 Bronckhorst € 67.336 Bunschoten € 82.144 Buren € 95.552 Bussum € 112.080 Capelle a/d IJssel € 112.296 Coevorden € 61.896 Cuijk € 88.768 Culemborg € 110.544 Dalfsen € 105.616 De Bilt € 74.456 De Wolden € 43.448 Delft € 131.608 Delfzijl € 45.176 Den Helder € 95.376 Deventer € 173.200 Dordrecht € 310.600 Drechterland € 71.104 Drimmelen € 92.288 Dronten € 77.568 Edam-Volendam € 54.384 Ede € 209.616 Eemsmond € 30.648 Eersel € 65.552 Eindhoven € 440.000 Emmen € 264.000 Enschede € 253.600 Etten-Leur € 71.488 Geldermalsen € 104.896 Geldrop-Mierlo € 131.776 Gemert-Bakel € 51.016 Gilze en Rijen € 45.664 Goedereede € 21.144 Goes € 61.128 Goirle € 74.768 Gorinchem € 121.072 Gouda € 132.384 Groningen € 340.000 Haarlem € 235.800 Haarlemmermeer € 268.560 Halderberge € 96.800 Hardenberg € 116.008 Harderwijk € 159.520 Haren € 66.752 Harenkarspel € 31.448 Harlingen € 27.248 Heemstede € 88.912 Heerenveen € 73.536 Heerhugowaard € 96.472 Heerlen € 131.200 Hellendoorn € 65.024 Hellevoetsluis € 68.544 Helmond € 159.224 Hendrik-Ido-Ambacht € 103.296 Hengelo € 194.600 Heusden € 79.792 Hof van Twente € 62.656 Hoogeveen € 191.872 Hoorn € 124.000 Houten € 101.000 Hulst € 45.632 IJsselstein € 70.872 Kampen € 200.560 Kapelle € 24.160 Katwijk € 242.224 Kerkrade € 63.896 Koggenland € 84.368 Krimpen a/d IJssel € 105.312 Landgraaf € 114.608 Langedijk € 52.112 Lansingerland € 203.872 Leek € 70.720 Leerdam € 77.376 Leeuwarden € 143.200 Leiden € 174.200 Leiderdorp € 97.680 Leidschendam-Voorburg € 113.024 Lelystad € 227.600 Leudal € 65.616 Leusden € 107.072 Loon op Zand € 80.576 Losser € 38.904 Maarssen € 69.240 Maassluis € 105.296 Maastricht € 158.400 Medemblik € 50.368 Meppel € 110.560 Middelburg € 82.248 Middelharnis € 64.160 Midden Drenthe € 60.408 Midden-Delfland € 72.688 Moerdijk € 62.576 Niedorp € 23.504 Nieuwegein € 101.056 Nijmegen € 263.600 Noord-Beveland € 21.792 Noordenveld € 109.024 Nunspeet € 53.744 Oisterwijk € 93.872 Olst-Wijhe € 65.888 Oosterhout € 92.200 Oostflakkee € 34.720 Ooststellingwerf € 92.608 Opsterland € 55.944 Oss € 135.440 Oude IJsselstreek € 71.600 Overbetuwe € 86.560 Pijnacker-Nootdorp € 95.392 Purmerend € 138.832 Putten € 91.456 Raalte € 141.920 Reimerswaal € 44.504 Renkum € 103.008 Rheden € 67.488 Ridderkerk € 67.736 Rijssen-Holten € 77.928 Rijswijk € 62.248 Roermond € 87.040 Roosendaal € 132.360 Rotterdam € 1.166.000 Schagen € 32.208 Scherpenzeel € 37.296 Schiedam € 126.800 Schijndel € 41.088 Schinnen € 43.504 Schouwen-Duiveland € 111.488 ’s-Gravenhage € 804.600 ’s-Hertogenbosch € 370.600 Simpelveld € 17.184 Sittard-Geleen € 249.000 Skarsterlan € 103.376 Sluis € 71.664 Smallingerland € 199.600 Sneek € 120.624 Soest € 81.656 Son en Breugel € 58.000 Spijkenisse € 125.688 Stadskanaal € 113.264 Staphorst € 78.784 Steenwijkerland € 78.992 Terneuzen € 182.192 Texel € 24.456 Teylingen € 139.360 Tiel € 80.152 Tilburg € 538.200 Tubbergen € 44.952 Twenterand € 65.648 Tynaarlo € 55.736 Uden € 73.360 Uithoorn € 102.064 Utrecht € 720.800 Utrechtse Heuvelrug € 172.576 Valkenswaard € 99.072 Veenendaal € 124.544 Veere € 78.304 Velsen € 122.608 Venlo € 219.000 Venray € 71.960 Vianen € 73.424 Vlaardingen € 112.504 Vlissingen € 69.368 Voorschoten € 82.400 Waalwijk € 77.120 Weert € 80.280 Werkendam € 100.832 Westland € 379.168 Wierden € 89.792 Wieringen € 14.536 Wieringermeer € 23.784 Wijchen € 74.984 Wijdemeren € 83.184 Wijk bij Duurstede € 46.552 Woerden € 94.296 Zaanstad € 250.000 Zaltbommel € 109.536 Zeist € 207.728 Zevenaar € 105.648 Zijpe € 20.984 Zoetermeer € 213.464 Zuidhorn € 77.696 Zuidplas € 118.752 Zundert € 70.528 Zutphen € 84.728 Zwartewaterland € 101.872 Zwolle € 205.400 Totaal € 28.286.424 Bijlage 29l-2, genoemd in artikel 29l. Innovatietrajecten inburgering Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 230.000 Almelo € 130.000 Leeuwarden € 260.000 Leiden € 230.000 Roermond € 120.000 Schiedam € 170.000 Utrecht € 210.000 Zoetermeer € 50.000 Totaal € 1.400.000 Bijlage 29m-2, genoemd in artikel 29m. Jeugdwerkloosheid Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 3.041.830 Almere € 1.962.787 Amersfoort € 1.209.578 Amsterdam € 4.369.907 Apeldoorn € 2.378.830 Arnhem € 2.063.978 Breda € 2.565.038 Doetinchem € 1.089.577 Dordrecht € 1.505.826 Eindhoven € 2.888.158 Emmen € 2.015.675 Enschede € 3.508.345 Goes € 1.384.645 Gouda € 741.382 Groningen € 3.512.155 Haarlem € 1.096.680 Heerlen € 2.735.991 Hilversum € 986.059 Leeuwarden € 2.929.618 Leiden € 2.049.630 Nijmegen € 1.178.071 Rotterdam € 6.355.718 ’s-Gravenhage € 3.658.787 ’s-Hertogenbosch € 3.017.110 Tiel € 983.594 Tilburg € 2.323.427 Utrecht € 3.625.401 Venlo € 1.975.908 Zaanstad € 1.273.263 Zwolle € 1.773.033 Totaal € 70.200.001 Bijlage 29o-2, genoemd in artikel 29o. Spoorse doorsnijdingen Gemeente Uitkering 2010 Amsterdam € 2.000.000 Barneveld € 4.036.090 Cuijk € 1.289.072 Deventer € 200.000 Gouda € 2.618.079 Haarlem € 1.665.692 Heerlen € 4.000.000 Helmond € 750.000 Hilversum € 397.715 Leerdam € 753.201 Maastricht € 1.200.000 Nijmegen € 1.188.423 Oss € 12.102.944 ’s-Hertogenbosch € 274.799 Sittard-Geleen € 909.098 Tilburg € 689.091 Wijchen € 1.186.595 Winterswijk € 1.000.000 Zevenaar € 1.003.369 Zutphen € 57.135 Totaal € 37.321.303 Bijlage 29r-2, genoemd in artikel 29r. Veilige publieke taak Gemeente Uitkering 2010 Delft € 10.000 Halderberge € 3.500 Heerlen € 10.000 Roosendaal € 15.000 Staphorst € 3.613 Texel € 10.000 Tholen € 4.277 Utrecht € 80.000 Wijchen € 24.570 Totaal € 160.960 Bijlage 29t, genoemd in artikel 29t. WMO Maatregelen psychosociale problemen Gemeente Uitkering 2009 Uitkering 2010 Alphen-Chaam € 230 € 1.530 Amsterdam € 14.584 € 97.228 Barendrecht € 1.575 € 10.503 Beemster € 7.872 € 52.481 Bellingwedde € 223 € 1.487 Bergambacht € 244 € 1.629 Berkelland € 4.648 € 30.986 Bodegraven € 292 € 1.948 Boskoop € 331 € 2.204 Boxtel € 217 € 1.448 Breda € 918 € 6.123 Capelle aan den IJssel € 952 € 6.344 De Wolden € 338 € 2.256 Delft € 196 € 1.310 Delfzijl € 588 € 3.923 Deventer € 188 € 1.251 Dirksland € 2.857 € 19.046 Doesburg € 14.530 € 96.867 Doetinchem € 26.780 € 178.533 Dordrecht € 1.234 € 8.228 Edam-Volendam € 39.471 € 263.143 Goedereede € 832 € 5.544 Goes € 1.634 € 10.891 Gorinchem € 6 € 42 Gouda € 33.923 € 226.151 Groningen € 4.035 € 26.897 Helmond € 10.471 € 69.806 Hendrik-Ido-Ambacht € 589 € 3.925 Heusden € 3.590 € 23.934 Hoogezand-Sappemeer € 1.706 € 11.372 Leiden € 278 € 1.852 Leiderdorp € 225 € 1.501 Leidschendam-Voorburg € 11.660 € 77.736 Loon op Zand € 151 € 1.006 Middelharnis € 1.087 € 7.247 Montferland € 1.333 € 8.886 Moordrecht € 283 € 0 Nieuwerkerk a/d IJssel € 263 € 0 Nijmegen € 102 € 678 Noordwijk € 240 € 1.597 Oisterwijk € 1.889 € 12.596 Oldambt € 0 € 23.476 Oost Gelre € 9 € 63 Oostflakkee € 98 € 656 Oostzaan € 1.739 € 11.590 Oude IJsselstreek € 8.879 € 59.193 Pekela € 2.677 € 17.845 Purmerend € 99.807 € 665.380 Reeuwijk € 254 € 1.693 Rheden € 9.529 € 63.526 Rijswijk € 2.698 € 17.988 Rotterdam € 27.514 € 183.425 Scheemda € 918 € 0 Schoonhoven € 1.984 € 13.227 Schouwen-Duiveland € 822 € 5.479 ’s-Gravenhage € 158.563 € 1.057.085 ’s-Hertogenbosch € 4.771 € 31.809 Sliedrecht € 836 € 5.570 Stadskanaal € 1.911 € 12.737 Teylingen € 4.652 € 31.010 Tilburg € 5.850 € 39.001 Utrechtse Heuvelrug € 4.888 € 32.584 Veendam € 512 € 3.412 Vught € 2.603 € 17.350 Waalwijk € 213 € 1.420 Waddinxveen € 939 € 6.262 Wassenaar € 896 € 5.974 Waterland € 9.528 € 63.521 Westland € 196 € 1.310 Winschoten € 2.603 € 0 Winterswijk € 9.557 € 63.714 Wormerland € 7.021 € 46.804 Zaanstad € 299.122 € 1.994.150 Zaltbommel € 666 € 4.442 Zeevang € 30.047 € 200.313 Zevenaar € 17.929 € 119.524 Zoetermeer € 16.913 € 112.756 Zuidplas € 0 € 3.641 Zutphen € 31.901 € 212.677 Zwijndrecht € 849 € 5.660 Totaal € 962.459 € 6.416.396 Bijlage 29u, genoemd in artikel 29u. WMO Compensatie pakketmaatregel AWBZ nadeelgemeenten Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 114.535 Aalten € 408.288 Achtkarspelen € 105.085 Almelo € 534.831 Amersfoort € 424.579 Anna Paulowna € 109.157 Apeldoorn € 490.789 Baarle-Nassau € 20.442 Barneveld € 194.612 Beek € 206.775 Beesel € 167.756 Bellingwedde € 78.393 Bergen op Zoom € 764.634 Berkelland € 705.081 Bernheze € 92.668 Bodegraven € 55.607 Boekel € 33.900 Borger-Odoorn € 216.680 Bronckhorst € 476.008 Brummen € 145.466 Brunssum € 174.522 Bunschoten € 119.178 Buren € 212.532 Coevorden € 468.502 Cromstrijen € 38.329 De Wolden € 49.215 Den Helder € 164.330 Dinkelland € 174.248 Dirksland € 42.083 Doesburg € 122.659 Doetinchem € 778.734 Dronten € 209.368 Duiven € 86.558 Echt-Susteren € 261.665 Ede € 626.749 Eemsmond € 89.188 Eijsden € 57.418 Emmen € 2.087.166 Epe € 150.984 Etten-Leur € 102.590 Goedereede € 160.982 Goes € 309.227 Gulpen-Wittem € 72.386 Halderberge € 214.667 Harderwijk € 309.666 Hellendoorn € 531.670 Hellevoetsluis € 90.883 Hendrik-Ido-Ambacht € 586.456 Heumen € 41.247 Hoogeveen € 609.002 Hoorn € 317.839 Hulst € 285.862 Kampen € 187.180 Kapelle € 100.405 Kerkrade € 131.924 Koggenland € 43.950 Leiden € 312.696 Lelystad € 634.317 Lochem € 287.173 Losser € 183.610 Maasdriel € 64.108 Maastricht € 590.928 Meerssen € 95.664 Meppel € 511.290 Midden Drenthe € 340.749 Midden-Delfland € 92.073 Mill en Sint Hubert € 23.658 Moerdijk € 626.208 Montferland € 449.006 Neder-Betuwe € 52.424 Neerijnen € 24.660 Niedorp € 46.611 Nijkerk € 199.351 Noord-Beveland € 18.031 Noordenveld € 129.071 Nuth € 41.499 Oldebroek € 195.677 Oldenzaal € 159.066 Onderbanken € 64.519 Oost Gelre € 549.420 Oostflakkee € 22.568 Opmeer € 33.129 Oude IJsselstreek € 511.945 Overbetuwe € 110.247 Pekela € 88.056 Putten € 51.129 Reimerswaal € 117.490 Renswoude € 23.679 Reusel-De Mierden € 38.116 Ridderkerk € 276.210 Rijssen-Holten € 309.937 Roerdalen € 41.863 Roosendaal € 257.411 Rucphen € 208.191 Scherpenzeel € 41.175 Schijndel € 187.618 Schinnen € 223.771 Schouwen-Duiveland € 148.775 ’s-Gravenhage € 3.124.907 Sint-Anthonis € 39.151 Sint-Oedenrode € 86.737 Sittard-Geleen € 1.166.640 Sluis € 79.988 Steenbergen € 199.660 Steenwijkerland € 169.925 Stein € 256.876 Terneuzen € 112.764 Tholen € 252.318 Tubbergen € 207.717 Twenterand € 377.003 Tytsjerksteradiel € 91.308 Urk € 89.255 Veenendaal € 196.636 Veere € 60.226 Veghel € 152.455 Venlo € 295.649 Venray € 174.473 Voerendaal € 57.715 Voorst € 69.703 Weert € 122.788 West Maas en Waal € 74.636 Westerveld € 80.685 Westervoort € 164.183 Westland € 257.395 Westvoorne € 177.363 Wierden € 181.619 Wieringermeer € 93.551 Winterswijk € 260.861 Woensdrecht € 196.386 Woudenberg € 133.695 Zederik € 59.431 Zeewolde € 174.899 Zevenaar € 96.261 Zoetermeer € 281.880 Zundert € 67.203 Zutphen € 391.488 Zwartewaterland € 186.799 Totaal € 34.000.000 Bijlage 29v, genoemd in artikel 29v. Arbeidsparticipatie alleenstaande ouders Gemeente Uitkering 2010 Almere € 446.715 Amsterdam € 648.711 Bodegraven € 42.071 Breda € 165.939 De Marne € 20.000 Echt-Susteren € 32.529 Enschede € 247.236 Groningen € 223.576 Heerenveen € 107.471 Langedijk € 30.829 Nijmegen € 188.757 Oldambt € 132.892 Schiedam € 109.738 Vlaardingen € 52.754 Winsum € 20.000 Zwolle € 130.781 Totaal € 2.599.999 Bijlage 29w, genoemd in artikel 29w. Drugspilots Gemeente Uitkering 2010 Arnhem € 75.000 Lelystad € 95.000 Leeuwarden € 150.000 Kerkrade € 163.000 Heerlen € 192.000 Amsterdam € 233.000 Maastricht € 525.000 Roosendaal € 616.000 Eindhoven € 645.000 Totaal € 2.694.000 Bijlage 29x, genoemd in artikel 29x. Emancipatie Duizend en één kracht Gemeente Uitkering 2010 Amsterdam € 150.000 Breda € 150.000 Nijmegen € 150.000 Rotterdam € 150.000 ’s-Gravenhage € 150.000 Utrecht € 150.000 Totaal € 900.000 Bijlage 29ij, genoemd in artikel 29ij. Gezond in de stad Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 40.643 Almelo € 48.868 Amersfoort € 68.705 Amsterdam € 1.115.251 Arnhem € 110.315 Breda € 74.027 Deventer € 51.287 Dordrecht € 108.864 Eindhoven € 126.766 Emmen € 29.514 Enschede € 101.123 Groningen € 46.932 Haarlem € 79.350 Heerlen € 41.610 Helmond € 60.480 Hengelo € 24.676 Leeuwarden € 35.804 Leiden € 62.415 Lelystad € 49.835 Maastricht € 41.126 Nijmegen € 76.931 Rotterdam € 1.162.183 Schiedam € 106.929 ’s-Gravenhage € 688.504 ’s-Hertogenbosch € 63.383 Sittard-Geleen € 22.740 Tilburg € 126.282 Utrecht € 277.724 Venlo € 58.545 Zaanstad € 87.575 Zwolle € 34.353 Totaal € 5.022.740 Bijlage 29aa, genoemd in artikel 29aa. Inburgering (instapcursussen) Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 10.000 Alblasserdam € 20.000 Albrandswaard € 10.000 Alkmaar € 200.000 Almelo € 150.000 Almere € 50.000 Alphen a/d Rijn € 16.000 Amersfoort € 300.000 Amstelveen € 50.000 Amsterdam € 2.500.000 Apeldoorn € 150.000 Arnhem € 100.000 Assen € 30.000 Baarn € 10.000 Barendrecht € 20.000 Beesel € 4.000 Bergen op Zoom € 30.000 Beuningen € 15.000 Boekel € 10.000 Borger-Odoorn € 10.000 Breda € 500.000 Brummen € 5.000 Brunssum € 15.000 Bunschoten € 5.000 Bussum € 35.000 Capelle a/d IJssel € 60.000 Cranendonck € 12.000 Cuijk € 14.000 Dalfsen € 5.000 De Ronde Venen € 10.000 Delft € 500.000 Delfzijl € 25.000 Deventer € 100.000 Diemen € 15.000 Doetinchem € 30.000 Dordrecht € 100.000 Ede € 100.000 Eijsden € 2.000 Eindhoven € 75.000 Emmen € 50.000 Enschede € 350.000 Epe € 5.000 Ermelo € 7.000 Ferwerderadiel € 1.000 Franekeradeel € 5.000 Gilze en Rijen € 16.000 Gorinchem € 52.000 Gouda € 50.000 Groesbeek € 15.000 Groningen € 100.000 Gulpen-Wittem € 2.000 Haarlem € 100.000 Haarlemmermeer € 50.000 Harderwijk € 28.000 Heerde € 5.000 Heerhugowaard € 6.000 Heerlen € 50.000 Heeze-Leende € 12.000 Heiloo € 20.000 Hellevoetsluis € 50.000 Helmond € 50.000 Hengelo € 120.000 Het Bildt € 5.000 Heumen € 10.000 Heusden € 20.000 Hilversum € 30.000 Hoogezand-Sappemeer € 50.000 Houten € 30.000 Kaag en Braassem € 16.000 Katwijk € 50.000 Kerkrade € 50.000 Landerd € 5.000 Landgraaf € 16.000 Langedijk € 10.000 Leerdam € 27.000 Leeuwarden € 60.000 Leeuwarderadeel € 1.000 Leiden € 100.000 Leiderdorp € 20.000 Leidschendam-Voorburg € 35.000 Lelystad € 100.000 Loon op Zand € 10.000 Lopik € 10.000 Maasdriel € 25.000 Maassluis € 40.000 Maastricht € 58.000 Margraten € 2.000 Meerssen € 2.000 Menameradiel € 1.000 Millingen a/d Rijn € 7.000 Moerdijk € 50.000 Naarden € 10.000 Nieuwegein € 20.000 Nieuwkoop € 16.000 Nijmegen € 150.000 Noordoostpolder € 20.000 Nuenen c.a. € 7.000 Nunspeet € 5.000 Oldenzaal € 20.000 Onderbanken € 10.000 Oosterhout € 45.000 Oss € 40.000 Overbetuwe € 8.000 Papendrecht € 20.000 Purmerend € 30.000 Ridderkerk € 20.000 Rijnwoude € 8.000 Rijssen-Holten € 25.000 Rijswijk € 15.000 Roermond € 40.000 Roosendaal € 30.000 Rotterdam € 3.000.000 Schiedam € 300.000 ’s-Gravenhage € 1.000.000 ’s-Hertogenbosch € 200.000 Sittard-Geleen € 30.000 Sliedrecht € 25.000 Sneek € 12.000 Soest € 25.000 Spijkenisse € 187.000 Stede Broec € 10.000 Terneuzen € 40.000 Tiel € 40.000 Tilburg € 75.000 Tynaarlo € 15.000 Ubbergen € 5.000 Utrecht € 800.000 Vaals € 2.000 Valkenburg a/d Geul € 10.000 Valkenswaard € 12.000 Veendam € 24.000 Veghel € 30.000 Venlo € 61.000 Vlaardingen € 30.000 Voorst € 5.000 Waalre € 12.000 Waalwijk € 20.000 Wijchen € 15.000 Woudenberg € 5.000 Zaanstad € 100.000 Zeewolde € 5.000 Zevenaar € 10.000 Zoetermeer € 175.000 Zutphen € 45.000 Zwijndrecht € 35.000 Zwolle € 35.000 Totaal € 14.211.000 Bijlage 29bb, genoemd in artikel 29bb. - document.segment-2 Verify source ↗
Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010) — segment 2
AI-assisted research summary: This subsection lists 2010 grant amounts for many municipalities and provinces across several annexes.
Inburgering (knelpunten) Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 27.430 Aalsmeer € 115.070 Abcoude € 23.250 Achtkarspelen € 125.256 Alblasserdam € 12.893 Albrandswaard € 15.075 Alkmaar € 435.806 Almelo € 347.307 Almere € 1.631.976 Alphen a/d Rijn € 102.622 Alphen-Chaam € 107.193 Amersfoort € 683.907 Amstelveen € 106.710 Amsterdam € 4.932.514 Anna Paulowna € 3.846 Apeldoorn € 121.414 Baarn € 36.814 Barneveld € 181.299 Bedum € 16.725 Beesel € 59.207 Bellingwedde € 14.387 Bergambacht € 15.389 Bergen NH € 45.163 Bergen op Zoom € 292.266 Bernheze € 73.077 Best € 53.368 Beuningen € 33.627 Blaricum € 7.532 Bloemendaal € 28.775 Bodegraven € 83.130 Boekel € 18.564 Bolsward € 15.385 Borger-Odoorn € 47.998 Borsele € 43.484 Boskoop € 66.237 Breda € 1.471.345 Breukelen € 21.581 Brummen € 31.285 Brunssum € 35.472 Bunnik € 8.201 Bunschoten € 29.276 Bussum € 400.197 Castricum € 35.132 Cranendonck € 19.231 Cromstrijen € 10.874 Cuijk € 174.451 Culemborg € 24.460 Dalfsen € 16.560 Dantumadiel € 11.538 De Bilt € 23.277 De Marne € 15.220 De Ronde Venen € 108.389 Deurne € 7.692 Deventer € 476.460 Diemen € 55.109 Dirksland € 7.692 Doesburg € 36.973 Doetinchem € 122.461 Dordrecht € 256.833 Dronten € 382.991 Duiven € 34.964 Edam-Volendam € 7.692 Ede € 264.664 Eemnes € 7.692 Eemsmond € 36.795 Eersel € 10.706 Eindhoven € 306.894 Elburg € 3.846 Enkhuizen € 86.306 Enschede € 847.859 Epe € 11.538 Etten-Leur € 95.213 Ferwerderadiel € 5.520 Franekeradeel € 19.239 Gaasterlan-Sleat € 3.846 Geertruidenberg € 59.374 Gemert-Bakel € 113.221 Giessenlanden € 3.846 Gilze en Rijen € 61.899 Goedereede € 3.846 Goes € 95.354 Gorinchem € 240.206 Gouda € 338.105 Graafstroom € 3.846 Groesbeek € 38.301 Grootegast € 11.538 Haaren € 3.846 Haarlem € 680.561 Haarlemmerliede Spaarnwoude € 10.874 Haarlemmermeer € 159.935 Halderberge € 98.190 Hardenberg € 10.720 Hardinxveld-Giessendam € 3.846 Harenkarspel € 3.846 Harlingen € 23.923 Hattem € 3.846 Heemstede € 43.832 Heerhugowaard € 81.841 Heerlen € 286.412 Heeze-Leende € 7.692 Heiloo € 7.692 Hellendoorn € 54.191 Hellevoetsluis € 112.422 Helmond € 362.531 Het Bildt € 3.846 Heusden € 18.933 Hillegom € 84.463 Hilvarenbeek € 19.068 Hilversum € 311.172 Hoogeveen € 17.254 Hoorn € 286.579 Houten € 88.834 Huizen € 384.669 IJsselstein € 75.143 Kaag en Braassem € 58.204 Kampen € 181.974 Kerkrade € 197.865 Korendijk € 8.866 Krimpen a/d IJssel € 34.615 Laarbeek € 3.846 Landerd € 30.769 Landgraaf € 49.185 Lansingerland € 25.297 Laren € 7.692 Leerdam € 125.622 Leeuwarden € 84.615 Leeuwarderadeel € 7.692 Leiden € 664.501 Leiderdorp € 82.143 Lelystad € 766.418 Lemsterland € 19.071 Liesveld € 3.846 Lingewaal € 3.846 Lingewaard € 55.034 Lisse € 53.525 Lith € 3.846 Littenseradiel € 9.868 Lochem € 32.125 Loenen € 9.871 Loon op Zand € 3.846 Lopik € 40.642 Losser € 44.323 Maasdonk € 3.846 Maasdriel € 51.178 Maasgouw € 23.586 Maassluis € 141.379 Maastricht € 379.428 Marum € 7.692 Medemblik € 40.818 Menameradiel € 7.692 Meppel € 14.072 Middelburg € 32.839 Moerdijk € 58.381 Montferland € 7.692 Montfoort U € 16.395 Muiden € 3.846 Naarden € 101.686 Nederlek € 18.066 Nederweert € 27.261 Neerijnen € 3.846 Nieuwegein € 270.017 Nieuwkoop € 115.564 Nieuw-Lekkerland € 3.846 Nijefurd € 7.692 Nijmegen € 185.457 Noord-Beveland € 7.692 Noordoostpolder € 281.154 Noordwijk € 106.035 Noordwijkerhout € 73.419 Nuenen c.a. € 11.538 Oegstgeest € 53.034 Oisterwijk € 42.308 Oldambt € 50.000 Oldenzaal € 80.969 Ommen € 65.557 Onderbanken € 57.692 Oosterhout € 180.670 Opmeer € 28.097 Opsterland € 32.449 Oud-Beijerland € 7.692 Ouderkerk € 7.692 Oudewater € 9.369 Overbetuwe € 114.234 Peel en Maas € 73.077 Pijnacker-Nootdorp € 101.883 Putten € 119.231 Reeuwijk € 19.404 Reimerswaal € 51.349 Renkum € 50.691 Reusel-De Mierden € 7.692 Rheden € 81.473 Ridderkerk € 25.132 Rijnwaarden € 7.692 Rijnwoude € 62.549 Rijswijk € 212.971 Roermond € 61.150 Roosendaal € 308.673 Rotterdam € 5.397.352 Rucphen € 14.054 Schermer € 11.707 Schiedam € 668.508 Schijndel € 25.596 Schoonhoven € 56.704 Schouwen-Duiveland € 27.271 ’s-Gravenhage € 5.896.154 ’s-Hertogenbosch € 889.681 Sint-Michielsgestel € 59.876 Sittard-Geleen € 220.329 Sliedrecht € 23.267 Slochteren € 9.369 Smallingerland € 28.645 Sneek € 48.850 Soest € 71.973 Someren € 26.593 Son en Breugel € 33.787 Spijkenisse € 540.957 Staphorst € 12.378 Steenwijkerland € 67.411 Terneuzen € 226.923 Terschelling € 3.846 Texel € 25.591 Teylingen € 108.550 Tholen € 25.931 Tiel € 182.854 Tilburg € 240.073 Uden € 321.950 Uithoorn € 123.443 Utrecht € 2.130.018 Valkenburg a/d Geul € 19.231 Valkenswaard € 34.615 Veendam € 72.769 Veenendaal € 51.266 Veere € 23.077 Veghel € 231.318 Veldhoven € 113.408 Velsen € 179.834 Venlo € 572.744 Venray € 133.168 Vlaardingen € 418.409 Vlagtwedde € 23.077 Vlissingen € 46.908 Vlist € 11.538 Vught € 8.043 Waalwijk € 26.471 Waddinxveen € 94.340 Weert € 147.389 Weesp € 80.636 Wervershoof € 7.692 West Maas en Waal € 41.809 Westerveld € 29.438 Westervoort € 34.463 Weststellingwerf € 31.617 Wierden € 27.432 Wieringen € 3.846 Wijchen € 128.619 Wijdemeren € 19.744 Wijk bij Duurstede € 11.552 Woensdrecht € 65.385 Woerden € 97.367 Wormerland € 36.131 Wunseradiel € 11.538 Wymbritseradiel € 7.692 Zaltbommel € 11.538 Zandvoort € 7.692 Zederik € 3.846 Zevenaar € 34.134 Zoetermeer € 257.141 Zoeterwoude € 3.846 Zuidplas € 134.615 Zutphen € 111.587 Zwartewaterland € 25.757 Zwijndrecht € 62.944 Zwolle € 269.552 Totaal € 47.474.720 Bijlage 29cc, genoemd in artikel 29cc. Inburgering (uitvoeringskosten) Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 6.457 Aalburg € 1.979 Aalsmeer € 27.364 Aalten € 8.526 Abcoude € 5.259 Achtkarspelen € 32.162 Alblasserdam € 975 Alkmaar € 87.783 Almelo € 70.630 Almere € 327.925 Alphen a/d Rijn € 11.099 Alphen-Chaam € 28.117 Amersfoort € 137.224 Amstelveen € 2.018 Amsterdam € 1.010.336 Andijk € 153 Apeldoorn € 7.063 Appingedam € 3.400 Arnhem € 6.054 Assen € 16.145 Asten € 3.389 Baarle-Nassau € 6.204 Baarn € 6.145 Barneveld € 43.539 Bedum € 4.045 Beesel € 14.161 Bellingwedde € 2.905 Bergambacht € 3.474 Bergeijk € 2.405 Bergen NH € 10.134 Bergen op Zoom € 58.522 Bernheze € 18.162 Bernisse € 1.749 Best € 10.931 Beuningen € 6.777 Binnenmaas € 108 Bladel € 2.623 Blaricum € 1.033 Bloemendaal € 5.811 Boarnsterhim € 1.218 Bodegraven € 19.050 Boekel € 4.572 Bolsward € 2.842 Borger-Odoorn € 11.886 Borsele € 10.592 Boskoop € 15.051 Boxtel € 453 Breda € 348.105 Breukelen € 4.405 Brummen € 6.155 Brunssum € 6.417 Bunnik € 1.131 Bunschoten € 5.954 Bussum € 100.675 Castricum € 7.070 Coevorden € 5.506 Cranendonck € 4.036 Cromstrijen € 2.186 Cuijk € 40.637 Dalfsen € 3.622 Dantumadiel € 1.741 De Bilt € 1.418 De Marne € 3.613 De Ronde Venen € 24.510 Delft € 137.224 Delfzijl € 933 Den Helder € 7.741 Deurne € 434 Deventer € 95.855 Diemen € 1.254 Dinkelland € 14.628 Dirksland € 874 Doesburg € 7.652 Doetinchem € 24.602 Dongeradeel € 208 Dordrecht € 23.207 Dronten € 93.583 Druten € 15.142 Duiven € 7.116 Ede € 53.477 Eemnes € 1.410 Eemsmond € 8.861 Eersel € 2.225 Eindhoven € 4.036 Emmen € 2.058 Enkhuizen € 20.055 Enschede € 170.521 Ermelo € 7.214 Etten-Leur € 16.039 Ferwerderadiel € 1.207 Franekeradeel € 3.935 Gaasterlan-Sleat € 656 Geertruidenberg € 14.462 Geldermalsen € 6.474 Gemert-Bakel € 28.242 Gilze en Rijen € 12.493 Goes € 19.833 Goirle € 10.470 Gorinchem € 52.640 Gouda € 75.603 Graft-De Rijp € 2.648 Groesbeek € 9.105 Groningen € 1.009 Grootegast € 1.883 Haaksbergen € 9.081 Haarlem € 137.224 Haarlemmerliede Spaarnw. € 2.273 Haarlemmermeer € 9.081 Halderberge € 21.585 Hardenberg € 352 Harderwijk € 28.252 Haren € 4.036 Harlingen € 4.810 Heemstede € 8.814 Heerhugowaard € 11.735 Heerlen € 57.513 Heeze-Leende € 2.018 Heiloo € 186 Hellendoorn € 12.723 Hellevoetsluis € 22.663 Helmond € 72.648 Hendrik-Ido-Ambacht € 1.320 Hillegom € 19.996 Hilvarenbeek € 4.435 Hilversum € 62.558 Hof van Twente € 20.545 Hoogeveen € 254 Hoorn € 58.522 Houten € 17.870 Huizen € 93.313 IJsselstein € 11.222 Kaag en Braassem € 13.874 Kampen € 42.794 Kapelle € 2.273 Katwijk € 19.420 Kerkrade € 46.412 Kollumerland en Nieuwkruisl. € 15.238 Korendijk € 1.885 Krimpen a/d IJssel € 5.996 Landerd € 7.063 Landgraaf € 10.090 Landsmeer € 2.842 Lansingerland € 27 Laren € 600 Leek € 2.018 Leerdam € 27.668 Leeuwarderadeel € 1.530 Leiden € 134.197 Leiderdorp € 16.615 Lelystad € 172.539 Lemsterland € 3.873 Leudal € 16 Leusden € 106 Lingewaard € 12.026 Lisse € 12.157 Littenseradiel € 2.360 Lochem € 5.926 Loenen € 2.186 Lopik € 9.777 Losser € 10.363 Maarssen € 1.302 Maasdonk € 203 Maasdriel € 12.329 Maasgouw € 5.074 Maassluis € 26.460 Maastricht € 76.684 Marum € 1.114 Medemblik € 8.513 Menameradiel € 1.312 Menterwolde € 3.330 Meppel € 93 Midden-Delfland € 6.085 Mill en Sint Hubert € 2.940 Millingen a/d Rijn € 2.988 Moerdijk € 12.517 Montfoort U € 3.293 Naarden € 24.653 Nederlek € 3.866 Nederweert € 6.691 Nieuwegein € 54.486 Nieuwkoop € 28.632 Nijefurd € 874 Nijmegen € 1.009 Noord-Beveland € 1.009 Noordenveld € 2.298 Noordoostpolder € 66.540 Noordwijk € 25.618 Noordwijkerhout € 18.143 Nuenen c.a. € 2.018 Oegstgeest € 10.514 Oirschot € 2.371 Oisterwijk € 9.081 Oldambt € 9.081 Oldebroek € 2.842 Oldenzaal € 16.647 Ommen € 16.452 Onderbanken € 14.126 Oost Gelre € 10.134 Oosterhout € 37.727 Oostflakkee € 5.775 Ooststellingwerf € 10.090 Oostzaan € 3.145 Opmeer € 6.930 Opsterland € 7.427 Oude IJsselstreek € 16.144 Ouder-Amstel € 1.413 Ouderkerk € 1.787 Oudewater € 1.968 Overbetuwe € 27.124 Papendrecht € 2.284 Peel en Maas € 16.144 Pekela € 8.696 Pijnacker-Nootdorp € 20.331 Putten € 30.270 Raalte € 9.182 Reeuwijk € 4.250 Reimerswaal € 11.908 Renkum € 10.275 Reusel-De Mierden € 1.312 Rheden € 16.396 Rhenen € 2.969 Rijnwaarden € 1.312 Rijnwoude € 15.401 Rijssen-Holten € 315 Rijswijk € 42.390 Roerdalen € 9.356 Roosendaal € 60.540 Rotterdam € 1.427.271 Rozenburg € 7.650 Rozendaal € 484 Rucphen € 2.622 Schermer € 2.888 Schiedam € 135.206 Schijndel € 5.181 Schoonhoven € 12.693 Schouwen-Duiveland € 5.285 ’s-Gravenhage € 1.182.548 ’s-Hertogenbosch € 202.809 Sint-Anthonis € 1.009 Sint-Michielsgestel € 14.259 Sint-Oedenrode € 4.588 Sittard-Geleen € 44.396 Sliedrecht € 2.823 Slochteren € 1.968 Sluis € 6.054 Smallingerland € 423 Sneek € 9.878 Soest € 9.375 Someren € 6.311 Son en Breugel € 8.072 Spijkenisse € 120.071 Staphorst € 2.798 Steenbergen € 13.250 Steenwijkerland € 14.918 Stein € 4.793 Strijen € 2.018 Terneuzen € 51.459 Texel € 5.930 Teylingen € 25.401 Tholen € 5.247 Tiel € 36.758 Tilburg € 1.009 Tubbergen € 3.088 Twenterand € 6.054 Ubbergen € 1.840 Uden € 78.238 Uitgeest € 9.057 Uithoorn € 27.888 Urk € 3.953 Utrecht € 427.816 Utrechtse Heuvelrug € 1.353 Valkenburg a/d Geul € 3.683 Valkenswaard € 7.063 Veendam € 15.235 Veere € 4.875 Veghel € 53.939 Veldhoven € 25.479 Velsen € 37.487 Venlo € 126.125 Venray € 23.573 Vianen € 7.387 Vlaardingen € 84.756 Vlagtwedde € 4.036 Vlist € 2.018 Waalre € 4.036 Waddinxveen € 21.044 Weert € 29.732 Weesp € 16.270 Werkendam € 6.752 Wervershoof € 1.009 West Maas en Waal € 10.487 Westerveld € 6.752 Westervoort € 6.972 Weststellingwerf € 6.626 Westvoorne € 2.018 Wierden € 6.054 Wijchen € 30.311 Wijdemeren € 4.036 Wijk bij Duurstede € 1.009 Winsum € 3.027 Woensdrecht € 15.648 Woerden € 19.676 Wormerland € 8.014 Woudenberg € 2.018 Woudrichem € 3.027 Wunseradiel € 2.018 Wymbritseradiel € 1.093 Zeevang € 1.009 Zeewolde € 4.591 Zeist € 1.009 Zevenaar € 6.033 Zoetermeer € 27.243 Zuidhorn € 10.592 Zuidplas € 30.270 Zutphen € 22.518 Zwartewaterland € 6.222 Zwijndrecht € 6.879 Zwolle € 49.441 Totaal € 10.439.547 Bijlage 29dd, genoemd in artikel 29dd. Jeugd Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 165.775 Almelo € 296.468 Almere € 457.617 Amersfoort € 128.380 Amsterdam € 4.209.153 Apeldoorn € 75.177 Arnhem € 565.178 Breda € 436.799 Deventer € 235.941 Dordrecht € 525.469 Ede € 58.600 Eindhoven € 422.920 Emmen € 82.888 Enschede € 793.023 Groningen € 553.998 Haarlem € 313.817 Heerlen € 277.192 Helmond € 264.084 Hengelo € 74.792 Leeuwarden € 142.644 Leiden € 213.580 Lelystad € 463.015 Maastricht € 230.543 Nijmegen € 605.273 Rotterdam € 4.407.313 Schiedam € 316.901 ’s-Gravenhage € 2.139.274 ’s-Hertogenbosch € 340.803 Sittard-Geleen € 176.185 Tilburg € 826.949 Utrecht € 907.524 Venlo € 424.462 Zaanstad € 256.374 Zoetermeer € 104.477 Zwolle € 207.412 Totaal € 21.700.000 Bijlage 29ee, genoemd in artikel 29ee. Leefbaarheid en veiligheid Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 1.098.614 Almelo € 920.495 Almere € 2.044.439 Amersfoort € 1.663.369 Amsterdam € 15.265.839 Apeldoorn € 1.012.657 Arnhem € 1.969.989 Breda € 1.918.218 Culemborg € 344.642 Deventer € 1.092.552 Dordrecht € 1.851.051 Ede € 710.858 Eindhoven € 2.589.474 Emmen € 1.009.906 Enschede € 1.992.137 Gouda € 851.699 Groningen € 2.164.395 Haarlem € 1.671.075 Haarlemmermeer € 1.014.369 Heerlen € 1.053.937 Helmond € 994.479 Hengelo O € 886.739 Leeuwarden € 1.050.563 Leiden € 1.500.764 Lelystad € 1.025.294 Maastricht € 1.286.416 Nijmegen € 1.811.247 Rotterdam € 13.705.745 Schiedam € 1.236.518 ’s-Gravenhage € 8.997.985 ’s-Hertogenbosch € 1.574.702 Sittard-Geleen € 1.016.763 Tilburg € 2.639.020 Utrecht € 4.203.717 Veenendaal € 435.958 Venlo € 988.841 Zaanstad € 1.693.082 Zaltbommel € 100.000 Zeist € 434.807 Zoetermeer € 1.028.535 Zwolle € 1.255.113 Totaal € 90.106.003 Bijlage 29ff, genoemd in artikel 29ff. Loondispensatie Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 163.012 Alphen aan den Rijn € 129.722 Amersfoort € 157.104 Amsterdam € 784.728 Arnhem € 215.525 Brummen € 118.188 Coevorden € 125.503 Deventer € 147.164 Doetinchem € 128.972 Enschede € 209.148 Gouda € 138.443 Groningen € 253.691 Helmond € 154.197 Heumen € 117.626 Leidschendam-Voorburg € 139.944 Lelystad € 143.413 Meppel € 129.722 Middelburg € 151.572 Oldenzaal € 123.346 Oss € 132.536 Peel en Maas € 119.595 Purmerend € 134.317 Rheden € 126.909 Roosendaal € 133.286 Rotterdam € 724.244 Smallingerland € 137.130 Stadskanaal € 128.222 Tilburg € 215.150 Velsen € 128.785 Venray € 125.959 Weststellingwerf € 120.439 Wijchen € 122.408 Totaal € 5.880.000 Bijlage 29gg, genoemd in artikel 29gg. Onderwijsachterstandenbeleid Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 1.360.310 Almelo € 1.664.770 Amersfoort € 2.490.324 Amsterdam € 38.283.856 Arnhem € 3.846.731 Breda € 2.570.343 Deventer € 1.762.353 Dordrecht € 3.860.393 Eindhoven € 4.291.711 Emmen € 1.022.672 Enschede € 3.438.833 Groningen € 1.606.220 Haarlem € 2.732.331 Heerlen € 1.323.229 Helmond € 2.101.943 Hengelo O € 837.264 Leeuwarden € 1.239.307 Leiden € 2.068.765 Lelystad € 1.723.320 Maastricht € 1.399.344 Nijmegen € 2.677.684 Rotterdam € 39.665.635 Schiedam € 3.598.870 ’s-Gravenhage € 24.222.112 ’s-Hertogenbosch € 2.213.188 Sittard-Geleen € 788.473 Tilburg € 4.389.294 Utrecht € 9.742.711 Venlo € 2.018.021 Zaanstad € 3.075.824 Zwolle € 1.194.419 Totaal € 173.210.250 Bijlage 29ii, genoemd in artikel 29ii. Vadercentra Gemeente Uitkering 2010 Amersfoort € 50.000 Breda € 50.000 Deventer € 50.000 Eindhoven € 50.000 Groningen € 50.000 Haarlem € 50.000 Leeuwarden € 50.000 Leidschendam-Voorburg € 50.000 Nijmegen € 50.000 Oosterhout € 50.000 ’s-Gravenhage € 50.000 Tilburg € 50.000 Vlaardingen € 50.000 Zoetermeer € 50.000 Totaal € 700.000 Bijlage 29jj, genoemd in artikel 29jj. Versterking peuterspeelzaalwerk Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 115.700 Aalburg € 40.978 Aalsmeer € 50.617 Aalten € 69.067 Abcoude € 26.228 Achtkarspelen € 80.949 Alblasserdam € 36.197 Albrandswaard € 43.542 Alkmaar € 146.372 Almelo € 133.267 Almere € 382.334 Alphen a/d Rijn € 131.971 Alphen-Chaam € 36.919 Ameland € 18.298 Amersfoort € 266.348 Amstelveen € 128.977 Amsterdam € 1.084.405 Andijk € 14.861 Anna Paulowna € 44.660 Apeldoorn € 309.684 Appingedam € 21.508 Arnhem € 223.217 Assen € 124.458 Asten € 38.690 Baarle-Nassau € 25.111 Baarn € 45.437 Barendrecht € 90.266 Barneveld € 144.374 Bedum € 27.987 Beek € 32.021 Beemster € 28.031 Beesel € 27.968 Bellingwedde € 46.284 Bergambacht € 27.527 Bergeijk € 56.271 Bergen L € 50.911 Bergen NH € 66.143 Bergen op Zoom € 120.177 Berkelland € 129.285 Bernheze € 73.479 Bernisse € 35.496 Best € 58.356 Beuningen € 59.217 Beverwijk € 62.449 Binnenmaas € 68.244 Bladel € 51.480 Blaricum € 19.778 Bloemendaal € 47.399 Boarnsterhim € 70.507 Bodegraven € 46.687 Boekel € 28.576 Bolsward € 18.609 Borger-Odoorn € 125.269 Borne € 43.416 Borsele € 86.746 Boskoop € 35.675 Boxmeer € 78.629 Boxtel € 61.529 Breda € 284.861 Breukelen € 41.596 Brielle € 34.024 Bronckhorst € 123.693 Brummen € 53.075 Brunssum € 44.000 Bunnik € 33.274 Bunschoten € 44.280 Buren € 88.089 Bussum € 54.255 Capelle a/d IJssel € 106.223 Castricum € 71.241 Coevorden € 130.680 Cranendonck € 52.105 Cromstrijen € 34.081 Cuijk € 54.040 Culemborg € 54.673 Dalfsen € 81.880 Dantumadiel € 57.840 De Bilt € 90.535 De Marne € 60.906 De Ronde Venen € 95.363 De Wolden € 98.179 Delft € 135.530 Delfzijl € 73.205 Den Helder € 98.457 Deurne € 74.497 Deventer € 181.035 Diemen € 40.685 Dinkelland € 83.233 Dirksland € 25.732 Doesburg € 21.562 Doetinchem € 108.950 Dongen € 51.133 Dongeradeel € 95.222 Dordrecht € 199.101 Drechterland € 53.901 Drimmelen € 63.964 Dronten € 116.046 Druten € 43.825 Duiven € 58.382 Echt-Susteren € 73.538 Edam-Volendam € 52.626 Ede € 261.460 Eemnes € 23.203 Eemsmond € 67.601 Eersel € 55.151 Eijsden € 27.601 Eindhoven € 306.222 Elburg € 55.356 Emmen € 253.443 Enkhuizen € 31.158 Enschede € 264.170 Epe € 88.772 Ermelo € 60.842 Etten-Leur € 73.911 Ferwerderadiel € 37.298 Franekeradeel € 63.100 Gaasterlan-Sleat € 50.657 Geertruidenberg € 37.624 Geldermalsen € 68.141 Geldrop-Mierlo € 66.468 Gemert-Bakel € 73.016 Gennep € 42.195 Giessenlanden € 49.193 Gilze en Rijen € 56.793 Goedereede € 40.242 Goes € 75.378 Goirle € 42.616 Gorinchem € 58.861 Gouda € 124.465 Graafstroom € 44.609 Graft-De Rijp € 20.105 Grave € 28.717 Groesbeek € 45.153 Groningen € 255.222 Grootegast € 47.265 Gulpen-Wittem € 61.475 Haaksbergen € 60.811 Haaren € 39.817 Haarlem € 219.920 Haarlemmerliede Spaarnw. € 18.101 Haarlemmermeer € 315.064 Halderberge € 67.942 Hardenberg € 173.754 Harderwijk € 81.515 Hardinxveld-Giessendam € 38.439 Haren € 41.496 Harenkarspel € 52.814 Harlingen € 30.664 Hattem € 25.850 Heemskerk € 70.178 Heemstede € 44.822 Heerde € 51.077 Heerenveen € 114.505 Heerhugowaard € 99.639 Heerlen € 127.766 Heeze-Leende € 45.156 Heiloo € 40.296 Hellendoorn € 85.996 Hellevoetsluis € 69.476 Helmond € 152.488 Hendrik-Ido-Ambacht € 49.847 Hengelo € 140.589 Het Bildt € 43.781 Heumen € 40.063 Heusden € 87.647 Hillegom € 36.383 Hilvarenbeek € 46.421 Hilversum € 135.975 Hof van Twente € 92.293 Hoogeveen € 128.434 Hoogezand-Sappemeer € 68.036 Hoorn € 117.909 Horst aan de Maas € 96.862 Houten € 114.376 Huizen € 80.159 Hulst € 90.170 IJsselstein € 67.180 Kaag en Braassem € 73.242 Kampen € 119.999 Kapelle € 32.426 Katwijk € 119.412 Kerkrade € 64.261 Koggenland € 77.547 Kollumerland en Nieuwkruisl. € 52.603 Korendijk € 38.549 Krimpen a/d IJssel € 50.526 Laarbeek € 50.264 Landerd € 41.160 Landgraaf € 57.526 Landsmeer € 28.580 Langedijk € 54.884 Lansingerland € 110.772 Laren € 18.635 Leek € 47.674 Leerdam € 45.576 Leeuwarden € 150.748 Leeuwarderadeel € 29.502 Leiden € 169.446 Leiderdorp € 48.995 Leidschendam-Voorburg € 109.507 Lelystad € 156.033 Lemsterland € 42.289 Leudal € 101.316 Leusden € 64.777 Liesveld € 31.671 Lingewaal € 37.843 Lingewaard € 88.754 Lisse € 42.493 Lith € 25.696 Littenseradiel € 72.700 Lochem € 103.298 Loenen € 26.490 Loon op Zand € 48.879 Lopik € 62.160 Loppersum € 54.573 Losser € 56.018 Maarssen € 81.463 Maasdonk € 34.395 Maasdriel € 68.411 Maasgouw € 52.840 Maassluis € 50.444 Maastricht € 162.733 Margraten € 44.381 Marum € 36.737 Medemblik € 82.590 Meerssen € 43.748 Menameradiel € 48.075 Menterwolde € 38.181 Meppel € 65.573 Middelburg € 87.682 Middelharnis € 42.068 Midden Drenthe € 140.818 Midden-Delfland € 51.388 Mill en Sint Hubert € 33.893 Millingen a/d Rijn € 12.368 Moerdijk € 107.874 Montferland € 85.384 Montfoort U € 36.060 Mook en Middelaar € 21.840 Muiden € 17.860 Naarden € 36.646 Neder-Betuwe € 71.291 Nederlek € 36.431 Nederweert € 47.254 Neerijnen € 47.160 Niedorp € 44.545 Nieuwegein € 96.714 Nieuwkoop € 83.205 Nieuw-Lekkerland € 26.816 Nijefurd € 46.324 Nijkerk € 92.019 Nijmegen € 237.660 Noord-Beveland € 40.891 Noordenveld € 97.112 Noordoostpolder € 155.268 Noordwijk € 46.598 Noordwijkerhout € 39.071 Nuenen c.a. € 46.034 Nunspeet € 79.343 Nuth € 33.725 Oegstgeest € 41.050 Oirschot € 49.544 Oisterwijk € 52.383 Oldambt € 114.785 Oldebroek € 63.465 Oldenzaal € 55.636 Olst-Wijhe € 56.995 Ommen € 73.989 Onderbanken € 21.162 Oost Gelre € 74.669 Oosterhout € 102.410 Oostflakkee € 33.901 Ooststellingwerf € 92.012 Oostzaan € 21.790 Opmeer € 38.435 Opsterland € 110.059 Oss € 151.350 Oud-Beijerland € 46.700 Oude IJsselstreek € 96.867 Ouder-Amstel € 29.005 Ouderkerk € 27.600 Oudewater € 26.663 Overbetuwe € 111.411 Papendrecht € 53.902 Peel en Maas € 107.908 Pekela € 32.151 Pijnacker-Nootdorp € 104.954 Purmerend € 131.520 Putten € 64.270 Raalte € 98.697 Reeuwijk € 45.067 Reimerswaal € 68.653 Renkum € 59.989 Renswoude € 12.691 Reusel-De Mierden € 38.217 Rheden € 83.854 Rhenen € 48.400 Ridderkerk € 70.113 Rijnwaarden € 31.695 Rijnwoude € 52.895 Rijssen-Holten € 94.230 Rijswijk € 60.771 Roerdalen € 57.046 Roermond € 98.035 Roosendaal € 148.517 Rotterdam € 917.744 Rozenburg € 20.967 Rozendaal € 7.044 Rucphen € 44.574 Schagen € 32.673 Schermer € 29.320 Scherpenzeel € 20.175 Schiedam € 119.799 Schiermonnikoog € 9.173 Schijndel € 45.029 Schinnen € 27.180 Schoonhoven € 22.521 Schouwen-Duiveland € 111.333 ’s-Gravenhage € 747.539 ’s-Hertogenbosch € 221.563 Simpelveld € 20.457 Sint-Anthonis € 41.479 Sint-Michielsgestel € 63.935 Sint-Oedenrode € 44.325 Sittard-Geleen € 150.762 Skarsterlan € 103.644 Sliedrecht € 42.315 Slochteren € 63.551 Sluis € 98.057 Smallingerland € 118.273 Sneek € 63.165 Soest € 87.345 Someren € 46.590 Son en Breugel € 34.066 Spijkenisse € 118.991 Stadskanaal € 87.292 Staphorst € 60.016 Stede Broec € 40.360 Steenbergen € 64.156 Steenwijkerland € 153.234 Stein € 43.441 Strijen € 28.337 Ten Boer € 30.248 Terneuzen € 148.577 Terschelling € 32.352 Texel € 75.456 Teylingen € 81.927 Tholen € 80.503 Tiel € 80.685 Tilburg € 325.224 Tubbergen € 74.419 Twenterand € 87.813 Tynaarlo € 98.429 Tytsjerksteradiel € 105.961 Ubbergen € 27.443 Uden € 78.362 Uitgeest € 25.703 Uithoorn € 50.205 Urk € 51.647 Utrecht € 446.855 Utrechtse Heuvelrug € 118.051 Vaals € 24.756 Valkenburg a/d Geul € 35.933 Valkenswaard € 55.819 Veendam € 58.540 Veenendaal € 118.637 Veere € 78.059 Veghel € 88.094 Veldhoven € 74.350 Velsen € 126.106 Venlo € 189.063 Venray € 122.309 Vianen € 44.242 Vlaardingen € 106.834 Vlagtwedde € 64.779 Vlieland € 10.580 Vlissingen € 72.109 Vlist € 34.812 Voerendaal € 31.306 Voorschoten € 40.482 Voorst € 77.315 Vught € 50.871 Waalre € 32.109 Waalwijk € 83.698 Waddinxveen € 50.178 Wageningen € 55.743 Wassenaar € 52.587 Waterland € 49.221 Weert € 91.947 Weesp € 32.533 Werkendam € 73.968 Wervershoof € 25.118 West Maas en Waal € 54.660 Westerveld € 103.047 Westervoort € 29.280 Westland € 191.059 Weststellingwerf € 94.770 Westvoorne € 34.983 Wierden € 59.290 Wieringen € 26.068 Wieringermeer € 50.008 Wijchen € 86.758 Wijdemeren € 62.526 Wijk bij Duurstede € 52.358 Winsum € 50.361 Winterswijk € 76.595 Woensdrecht € 51.280 Woerden € 110.894 Wormerland € 37.175 Woudenberg € 27.299 Woudrichem € 43.551 Wunseradiel € 69.507 Wymbritseradiel € 72.846 Zaanstad € 246.646 Zaltbommel € 76.295 Zandvoort € 28.164 Zederik € 51.066 Zeevang € 33.602 Zeewolde € 75.659 Zeist € 113.634 Zevenaar € 66.892 Zijpe € 48.985 Zoetermeer € 205.497 Zoeterwoude € 24.966 Zuidhorn € 69.774 Zuidplas € 97.968 Zundert € 52.673 Zutphen € 83.057 Zwartewaterland € 60.980 Zwijndrecht € 74.630 Zwolle € 210.337 Totaal € 35.000.002 Bijlage 29kk, genoemd in artikel 29kk. Vrouwenopvang Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 61.372 Almere € 59.281 Amersfoort € 53.853 Amsterdam € 160.090 Apeldoorn € 67.829 Arnhem € 98.779 Breda € 96.529 Delft € 43.338 Den Helder € 22.459 Dordrecht € 57.285 Ede € 31.571 Eindhoven € 74.667 Emmen € 65.644 Enschede € 88.182 Gouda € 34.148 Groningen € 79.045 Haarlem € 78.663 Heerlen € 34.844 Helmond € 28.373 Hilversum € 35.601 Leeuwarden € 86.661 Leiden € 72.867 Maastricht € 48.692 Nijmegen € 71.190 Rotterdam € 137.706 ’s-Gravenhage € 125.192 ’s-Hertogenbosch € 89.305 Spijkenisse € 41.837 Tilburg € 61.982 Utrecht € 125.170 Venlo € 68.424 Vlaardingen € 28.565 Vlissingen € 52.156 Zaanstad € 46.993 Zwolle € 71.708 Totaal € 2.400.001 Bijlage 29ll, genoemd in artikel 29ll. Wachtlijsten kinderopvang Gemeente Uitkering 2010 Amersfoort € 143.728 Amsterdam € 761.450 Ede € 106.913 Haarlem € 148.408 Nijmegen € 161.687 Rotterdam € 588.407 ’s-Gravenhage € 484.729 Utrecht € 304.677 Totaal € 2.699.999 Bijlage 29mm, genoemd in artikel 29mm. Winkelstraatmanagement Gemeente Uitkering 2010 Apeldoorn € 120.000 Arnhem € 205.000 De Bilt € 82.500 Deurne € 120.000 Dordrecht € 40.000 Groningen € 120.000 Leeuwarden € 116.000 Maastricht € 70.000 Nijmegen € 120.000 Roermond € 120.000 Rotterdam € 36.000 Utrecht € 120.000 Venlo € 120.000 Totaal € 1.389.500 Bijlage 29nn, genoemd in artikel 29nn. Uitvoeringskosten Wet werk en inkomen kunstenaars Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 52.320 Amsterdam € 850.200 Arnhem € 222.360 Assen € 26.160 Breda € 65.400 Eindhoven € 156.960 Enschede € 52.320 Groningen € 222.360 Haarlem € 52.320 Hilversum € 52.320 Leeuwarden € 91.560 Lelystad € 26.160 Maastricht € 130.800 Middelburg € 26.160 Rotterdam € 392.400 ’s-Gravenhage € 340.080 ’s-Hertogenbosch € 91.560 Tilburg € 78.480 Utrecht € 392.400 Zwolle € 104.640 Totaal € 3.426.960 Bijlage 31a, genoemd in artikel 31a. Alle troeven in handen Gemeente Uitkering 2010 Arnhem € 23.077 Delft € 33.462 Deventer € 46.154 Dordrecht € 17.143 Eindhoven € 85.714 Groningen € 42.148 Haarlem € 46.154 Haarlemmermeer € 23.077 Leeuwarden € 23.077 Leidschendam-Voorburg € 23.077 Maastricht € 85.714 Nijmegen € 23.077 Rotterdam € 46.154 ’s-Gravenhage € 23.077 ’s-Hertogenbosch € 46.154 Sittard-Geleen € 39.231 Smallingerland € 11.538 Veenendaal € 16.247 Zaanstad € 45.992 Totaal € 700.267 Provincie Uitkering 2010 Groningen € 46.154 Fryslân € 46.154 Utrecht € 42.857 Noord-Holland € 42.857 Zeeland € 42.857 Totaal € 220.879 Bijlage 31b, genoemd in artikel 31b. Bedrijventerreinen (Topperprojecten) Gemeente Uitkering 2010 Almelo € 1.834.429 Enschede € 1.670.466 Maastricht € 4.395.000 Nijmegen € 2.400.000 Roosendaal € 1.237.655 Schiedam € 4.421.942 Tilburg € 2.400.000 Totaal € 18.359.492 Provincie Uitkering 2010 Groningen € 1.811.057 Fryslân € 2.047.282 Drenthe € 1.811.057 Overijssel € 3.779.598 Gelderland € 4.960.722 Utrecht € 1.968.541 Noord-Holland € 5.315.060 Zuid-Holland € 5.078.834 Zeeland € 1.535.462 Noord-Brabant € 5.629.282 Limburg € 4.488.272 Flevoland € 1.574.833 Totaal € 40.000.000 Bijlage 31c, genoemd in artikel 31c. Bodemsanering Gemeente Uitkering 2010 Alkmaar € 410.384 Almelo € 458.042 Amersfoort € 393.717 Amsterdam € 9.542.040 Arnhem € 460.493 Breda € 531.243 Deventer € 437.354 Dordrecht € 409.731 Eindhoven € 432.824 Emmen € 667.336 Enschede € 539.558 Groningen € 540.210 Haarlem € 947.992 Heerlen € 424.591 Helmond € 379.759 Hengelo O € 492.116 Leeuwarden € 451.609 Leiden € 425.680 Maastricht € 479.837 Nijmegen € 425.075 Rotterdam € 6.397.123 Schiedam € 391.539 ’s-Gravenhage € 1.409.508 ’s-Hertogenbosch € 2.064.007 Sittard-Geleen € 2.991 Tilburg € 674.035 Utrecht € 391.243 Venlo € 517.894 Zaanstad € 1.305.241 Zwolle € 403.113 Totaal € 32.406.285 Provincie Uitkering 2010 Groningen € 2.239.912 Fryslân € 3.665.481 Drenthe € 1.246.209 Overijssel € 3.755.347 Gelderland € 9.567.039 Utrecht € 1.392.144 Noord-Holland € 6.546.112 Zuid-Holland € 9.169.293 Zeeland € 475.963 Noord-Brabant € 26.424.074 Limburg € 726.865 Flevoland € 230.640 Totaal € 65.439.079 Bijlage 31d, genoemd in artikel 31d. Krimp Gemeente Uitkering 2010 Heerlen € 14.750.000 Sluis € 1.500.000 Totaal € 16.250.000 Bijlage 31e, genoemd in artikel 31e. Regiospecifiek pakket Zuiderzeelijn Provincie Uitkering 2010 Groningen € 8.102.319 Fryslân € 17.948.095 Drenthe € 1.727.426 Flevoland € 1.658.329 Totaal € 29.436.169 Bijlage 31f, genoemd in artikel 31f. Stimulering lokale klimaatinitiatieven (SLOK) Gemeente Uitkering 2010 Aa en Hunze € 72.956 Aalburg € 15.414 Aalsmeer € 26.966 Aalten € 41.082 Abcoude € 14.800 Albrandswaard € 14.386 Alkmaar € 69.036 Almelo € 73.367 Alphen a/d Rijn € 70.366 Alphen-Chaam € 18.949 Amersfoort € 128.567 Amstelveen € 74.439 Amsterdam € 640.546 Andijk € 14.800 Anna Paulowna € 26.088 Apeldoorn € 193.641 Appingedam € 14.800 Arnhem € 138.489 Assen € 69.495 Asten € 20.613 Baarle-Nassau € 14.800 Baarn € 18.618 Barendrecht € 40.163 Barneveld € 75.429 Bedum € 14.511 Beek € 17.918 Beesel € 14.800 Bellingwedde € 21.190 Bergeijk € 27.994 Bergen NH € 44.404 Bergen op Zoom € 56.576 Berkelland € 63.510 Bernheze € 41.585 Bernisse € 13.796 Best € 14.058 Beuningen € 29.900 Beverwijk € 22.261 Bladel € 29.714 Bloemendaal € 20.356 Bodegraven € 23.374 Bolsward € 14.800 Borne € 17.332 Borsele € 45.176 Boskoop € 14.800 Boxmeer € 28.186 Boxtel € 37.157 Breda € 166.923 Breukelen € 21.270 Brielle € 14.899 Bronckhorst € 84.618 Capelle a/d IJssel € 57.757 Castricum € 39.440 Cranendonck € 31.461 Cuijk € 23.985 Dalfsen € 53.033 Dantumadiel € 26.440 De Bilt € 37.306 De Marne € 42.701 De Ronde Venen € 44.686 Delft € 84.555 Delfzijl € 48.365 Deurne € 48.598 Deventer € 105.957 Diemen € 22.656 Dirksland € 20.677 Doetinchem € 61.944 Dongen € 21.147 Dongeradeel € 40.490 Dordrecht € 117.924 Drechterland € 30.522 Drimmelen € 33.927 Dronten € 89.752 Duiven € 21.964 Ede € 149.127 Eemsmond € 49.404 Eersel € 30.529 Eindhoven € 192.529 Elburg € 30.835 Enkhuizen € 22.444 Enschede € 156.102 Ermelo € 29.450 Etten-Leur € 34.838 Ferwerderadiel € 25.660 Gaasterlan-Sleat € 35.012 Geertruidenberg € 17.943 Geldrop-Mierlo € 37.565 Gennep € 23.469 Gilze en Rijen € 27.202 Goedereede € 29.847 Goes € 39.843 Goirle € 26.347 Gorinchem € 26.043 Gouda € 62.935 Graft-De Rijp € 14.800 Groningen € 167.989 Haaksbergen € 30.563 Haarlem € 129.362 Haarlemmermeer € 150.329 Halderberge € 38.527 Hardenberg € 107.374 Harderwijk € 44.254 Hardinxveld-Giessend € 14.800 Haren € 20.465 Harenkarspel € 23.486 Hattem € 14.800 Heemskerk € 23.846 Heemstede € 15.064 Heerde € 29.973 Heerenveen € 61.803 Heerhugowaard € 49.205 Heerlen € 68.694 Heiloo € 21.966 Hellendoorn € 55.942 Hellevoetsluis € 41.605 Helmond € 82.358 Hendrik-Ido-Ambacht € 18.328 Hengelo O € 79.797 Het Bildt € 16.161 Heumen € 16.812 Heusden € 51.006 Hillegom € 19.535 Hilversum € 78.813 Hoogeveen € 69.536 Hoorn € 67.093 Horst aan de Maas € 56.189 Houten € 49.160 Huizen € 39.515 Kaag en Braassem € 34.530 Kampen € 71.337 Katwijk € 56.140 Kerkrade € 45.054 Koggenland € 33.354 Kollumerland en Nieuwkruisl. € 32.507 Krimpen a/d IJssel € 25.770 Laarbeek € 28.637 Landgraaf € 23.988 Landsmeer € 12.040 Lansingerland € 50.665 Leek € 27.986 Leeuwarden € 93.087 Leeuwarderadeel € 14.800 Leiden € 102.950 Leiderdorp € 24.173 Leidschendam-Voorburg € 67.753 Lelystad € 164.329 Lemsterland € 34.248 Leudal € 61.362 Leusden € 28.401 Lisse € 21.431 Littenseradiel € 33.591 Lochem € 67.460 Loenen € 14.800 Loppersum € 11.079 Maarssen € 38.784 Maassluis € 28.380 Maastricht € 111.040 Marum € 15.493 Medemblik € 55.366 Menameradiel € 24.528 Menterwolde € 20.838 Meppel € 36.632 Middelburg € 38.953 Middelharnis € 25.193 Midden Drenthe € 92.023 Midden-Delfland € 18.440 Moerdijk € 52.674 Montferland € 49.133 Montfoort U € 14.800 Nederweert € 32.683 Niedorp € 21.687 Nieuwkoop € 39.501 Nijefurd € 22.995 Nijkerk € 37.387 Nijmegen € 145.767 Noordoostpolder € 51.708 Noordwijk € 27.326 Noordwijkerhout € 17.168 Nuenen c.a. € 20.628 Nunspeet € 46.235 Nuth € 19.432 Oegstgeest € 19.929 Oirschot € 25.834 Oisterwijk € 27.369 Oldambt € 56.095 Oldebroek € 37.400 Oldenzaal € 24.109 Ommen € 39.163 Oost Gelre € 45.418 Oosterhout € 58.259 Oostflakkee € 28.365 Ooststellingwerf € 51.875 Oostzaan € 14.800 Opmeer € 12.040 Opsterland € 66.883 Oss € 83.659 Oude IJsselstreek € 59.106 Ouder-Amstel € 14.800 Oudewater € 14.800 Overbetuwe € 46.790 Papendrecht € 18.380 Pekela € 15.701 Pijnacker-Nootdorp € 43.048 Putten € 35.496 Raalte € 47.218 Reeuwijk € 19.887 Renswoude € 12.040 Reusel-De Mierden € 24.910 Rheden € 40.931 Rhenen € 23.733 Ridderkerk € 20.406 Rijnwoude € 26.446 Rijssen-Holten € 39.175 Rijswijk € 42.183 Roerdalen € 34.276 Roermond € 37.496 Roosendaal € 66.554 Rotterdam € 540.570 Rozenburg € 10.490 Rucphen € 23.751 Schagen € 19.600 Schermer € 13.190 Schiedam € 66.799 Schijndel € 21.913 Schouwen-Duive € 84.354 ’s-Gravenhage € 413.697 ’s-Hertogenbosch € 130.780 Sint-Anthonis € 21.329 Sint-Michielsgestel € 26.847 Sint-Oedenrode € 20.286 Sittard-Geleen € 95.723 Skarsterlan € 62.765 Sliedrecht € 14.554 Slochteren € 31.560 Smallingerland € 56.497 Sneek € 34.091 Soest € 46.674 Someren € 23.148 Son en Breugel € 17.746 Spijkenisse € 67.637 Stadskanaal € 31.800 Staphorst € 28.934 Stede Broec € 16.579 Steenbergen € 37.018 Steenwijkerland € 77.785 Stein € 26.321 Ten Boer € 14.800 Terschelling € 12.138 Teylingen € 35.613 Tholen € 51.161 Tilburg € 191.036 Twenterand € 48.075 Tynaarlo € 43.858 Tytsjerksteradiel € 56.949 Uden € 46.246 Uitgeest € 12.040 Uithoorn € 20.784 Utrecht € 260.565 Utrechtse Heuvelrug € 53.517 Veendam € 38.148 Veenendaal € 55.484 Veere € 44.666 Veghel € 45.422 Veldhoven € 42.246 Velsen € 42.421 Venlo € 108.343 Venray € 65.620 Vianen € 15.415 Vlaardingen € 64.952 Vlagtwedde € 34.080 Vlieland € 14.800 Voorschoten € 21.277 Voorst € 32.825 Waalre € 14.800 Waalwijk € 50.859 Waddinxveen € 27.177 Wageningen € 35.940 Wassenaar € 19.792 Waterland € 22.048 Weesp € 15.283 Werkendam € 34.208 Wervershoof € 14.800 Westland € 98.086 Westvoorne € 22.648 Wierden € 28.575 Wijchen € 37.426 Wijk bij Duurstede € 23.519 Winsum € 30.691 Winterswijk € 50.193 Woensdrecht € 26.831 Woerden € 57.479 Wormerland € 17.614 Woudrichem € 16.586 Wunseradiel € 67.464 Wymbritseradiel € 32.742 Zaanstad € 134.095 Zaltbommel € 29.599 Zandvoort € 12.782 Zeevang € 15.504 Zeist € 48.526 Zijpe € 27.677 Zoetermeer € 105.971 Zoeterwoude € 11.379 Zuidhorn € 39.210 Zuidplas € 21.833 Zundert € 30.257 Zutphen € 47.078 Zwijndrecht € 26.811 Zwolle € 118.303 Totaal € 15.220.017 Provincie Uitkering 2010 Groningen € 108.690 Fryslân € 128.256 Drenthe € 108.131 Overijssel € 141.117 Gelderland € 193.693 Utrecht € 123.034 Noord-Holland € 200.712 Zuid-Holland € 232.486 Zeeland € 70.956 Noord-Brabant € 155.326 Limburg € 128.766 Flevoland € 100.835 Totaal € 1.692.002 Bijlage 31g, genoemd in artikel 31g. Tijdbeleid Gemeente Uitkering 2010 Achtkarspelen € 50.000 Amersfoort € 50.000 Borger-Odoorn € 50.000 Cuijk € 50.000 De Wolden € 50.000 Emmen € 50.000 Hellendoorn € 50.000 Tynaarlo € 50.000 Tytsjerksteradiel € 50.000 Totaal € 450.000 Provincie Uitkering 2010 Drenthe € 50.000 Overijssel € 100.000 Zeeland € 50.000 Totaal € 200.000 NOTA VAN TOELICHTING Algemeen Inleiding Het voorliggende wijzigingsbesluit stelt de verdeling vast van een groot aantal decentralisatie- en integratie-uitkeringen uit het provincie- en gemeentefonds (hierna: de fondsen) op grond van artikel 13, eerste lid, van de de Financiële-verhoudingswet (Fv-wet) voor het jaar 2010. Het gaat hierbij om uitkeringen die uit de fondsen worden verstrekt, maar geen deel uitmaken van de algemene uitkering. Deze uitkeringen maken het mogelijk af te wijken van de verdeelmaatstaven die gelden voor de algemene uitkering uit de fondsen conform het Besluit financiële verhouding 2001. Systematiek decentralisatie- en integratie-uitkeringen Met de laatste wijziging van de Fv-wet (Stb. 2008, 312) is er een belangrijke wijziging opgetreden ten aanzien van het verstrekken van uitkeringen uit de fondsen naast de algemene uitkering. In artikel 5, tweede lid, van de Fv-wet is, naast de al langer bestaande integratie-uitkering, de decentralisatie-uitkering toegevoegd. Een integratie-uitkering heeft als kenmerk dat de uitkering op termijn altijd wordt opgenomen in de algemene uitkering en deze heeft daarom een beperkte duur. Een decentralisatie-uitkering hoeft daarentegen niet op te gaan in de algemene uitkering. Omdat de decentralisatie-uitkering vaak wordt gebruikt voor tijdelijke uitkeringen, heeft deze in de praktijk veelal een korte looptijd van enkele jaren. Deze uitkeringen worden toegevoegd aan de algemene middelen van de provincie of gemeente (artikel 13, tweede lid, van de Fv-wet). Omdat er over de besteding van een decentralisatie- of integratie-uitkering geen afzonderlijke financiële verantwoording wordt gevraagd – in tegenstelling tot de specifieke uitkering – kan de decentralisatie-uitkering een instrument zijn om de administratieve lasten voor decentrale overheden terug te dringen. De decentralisatie-uitkering biedt het Rijk de mogelijkheid om maatwerk te leveren. De decentralisatie-uitkering maakt het mogelijk om extra financiële middelen te verstrekken aan provincies en gemeenten voor specifieke beleidsdoelen voor een beperkte tijd. Dit was vaak de reden voor het verstrekken van specifieke uitkeringen. In het terugdringen van het aantal specifieke uitkeringen kan de decentralisatie-uitkering een belangrijke rol spelen. Het is uitdrukkelijk de intentie van de regering om zo min mogelijk bestedingsvoorwaarden aan de decentralisatie-uitkeringen te koppelen. De uiteindelijke situatie zal moeten zijn dat de bestedings- en verantwoordingsvrijheid niet wordt ingeperkt door nadere actieplannen, convenanten, kaders, etcetera. Weliswaar worden in de fase van de verstrekking van de uitkering momenteel soms nog voorwaarden aan de uitkering verbonden, maar de winst zit hem in de verminderde verantwoordingslasten van de decentrale overheden. Er kan geen afzonderlijke financiële verantwoordingsinformatie worden gevraagd over de besteding van vastgestelde uitkeringen. Evenmin kunnen uitkeringen worden teruggevorderd vanwege het niet nakomen van de afspraken. Het gaat hier immers om financiële middelen die voor een gemeente vrij besteedbaar zijn. Consultatie Al deze uitkeringen zijn in een eerder stadium bekendgemaakt aan alle provincies en gemeenten middels de circulaires voor het provinciefonds en het gemeentefonds. Tevens zijn veel van deze uitkeringen een uitvloeisel van bestuurlijke afspraken tussen het Rijk, provincies en gemeenten. Provincies en gemeenten zijn ruimschoots betrokken geweest bij het vaststellen van deze uitkeringen. Een formele consultatieronde bij het Interprovinciaal overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is daarom niet noodzakelijk geacht. Artikelsgewijze toelichting Artikel I Onderdeel A De artikelen 2a, 2b, 2d, 19, 26, 29b, 29e tot en met 29h, 29n, 29p, 29q en 29s en de bijlagen 27a, 29a tot en met 29d, 29f, 29g, 29i tot en met 29p, 29r en 29s vervallen. De uitkeringen genoemd in de artikelen 2b, 29e t/m 29h, 29n en 29s waren eenmalige uitkeringen. De uitkering genoemd in artikel 19 is afgelopen. De uitkering in artikel 26 vindt zijn vervolg in de uitkeringen in de artikelen 29 aa t/m 29 cc. De uitkeringen genoemd in de artikelen 2a, 2d, 29b, 29p en 29q zijn verplaatst naar paragraaf 3 daar dit uitkeringen betreft die aan zowel provincies als gemeenten zijn verstrekt. Onderdeel B Regionale luchthavens Als gevolg van de wijziging van de Wet luchtvaart inzake vernieuwing van de regelgeving voor burgerluchthavens en militaire luchthavens en de decentralisatie van bevoegdheden voor burgerluchthavens naar het provinciaal bestuur (Stb. 2008, 561) zijn de provincies het bevoegd gezag geworden voor de gedecentraliseerde luchthavens. In 2006 zijn afspraken gemaakt over verdeling van de kosten tussen de provincies en het Rijk. Voor 2010 bedraagt de toevoeging aan het provinciefonds € 968.000. Verdeling over de provincies vindt plaats op basis van het aantal luchthavens per provincie zoals bij de berekening in 2005 is gehanteerd. Voor 2010 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2c, tweede lid, en de daarbij behorende bijlage 2c-2. Onderdeel C Archeologische structuur Als een bijdrage in het behoud en benutting van de archeologische structuur ontvangt de provincie Utrecht in 2010 een eenmalige bijdrage van € 207.000. Dit ter ondersteuning van het interprovinciale plan «Limes samenwerking 2010–2014». Het geld is in de vorm van een decentralisatie-uitkering aan het provinciefonds toegevoegd. De samenwerking tussen de provincies Gelderland, Utrecht en Zuid-Holland richt zich op behoud en benutting van de Romeinse Rijksgrens de Limes, de grootste archeologische structuur van Nederland. Voor 2010 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2e. Elektrisch varen Door de provincie Fryslân is een proeftuin voor elektrisch varen ontwikkeld om via een geïntegreerde aanpak de transitie naar elektrisch vervoer, waaronder elektrisch varen, te stimuleren. Onderdeel van die proeftuin vormt een stimuleringsregeling voor (om)bouw van elektrische vaartuigen. Door het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie wordt in het kader van de uitvoering van het plan van aanpak voor elektrisch rijden een bijdrage geleverd aan de financiering van deze regeling. De bijdrage wordt in 2010 uitgekeerd in de vorm van een decentralisatie-uitkering van € 175.000 en is geregeld in artikel 2f van het onderhavige besluit. Personeelsvoorziening procestechniek nieuwe energie Het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie heeft in 2010 ten behoeve van de provincie Limburg via de decentralisatie-uitkering € 621.177 in het provinciefonds gestort als bijdrage aan de uitvoering van het Projectplan Personeelsvoorziening voor procestechniek/nieuwe energie in Limburg. Bovenstaande uitkering aan de provincie Limburg in 2010 is geregeld in artikel 2g van het onderhavige besluit. Restauratie Rijksmonumenten Provincies en de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap investeren gezamenlijk € 38 miljoen in de restauratie van rijksmonumenten over de periode 2009, 2010 en 2011. Het doel is het behoud van werkgelegenheid in de bouw met het oog op de economische crisis en tegelijkertijd wordt een bijdrage gegeven aan de instandhouding van cultureel erfgoed. Hiervoor is eenmalig € 19 miljoen in 2010 aan het provinciefonds toegevoegd. De bijdrage die provincies krijgen bestaat deels uit een vast bedrag dat voor iedere provincie gelijk is en deels uit een bedrag dat is gebaseerd op het aantal rijksmonumenten per provincie (verdeelsleutel). De verdeling van de uitkering aan de provincies is voor het jaar 2010 geregeld in artikel 2h van onderhavig besluit en de daarbij behorende bijlage 2h. Onderdeel D Compensatie derving OZB op bedrijfswoningen Deze uitkering compenseert gemeenten voor de inkomensderving die is ontstaan vanwege het afschaffen van de onroerende zaakbelasting (OZB) voor onroerende zaken die deels als woning worden gebruikt. Het gaat hier met name om panden die deels als bedrijf en tegelijk als woning worden gebruikt. De afschaffing had ten doel om ook de bewoners van panden die niet uitsluitend, maar wel een zekere woonbestemming hebben, mee te laten profiteren van de afschaffing van het gebruikersdeel van de OZB. Om de gemeenten niet te belasten met de financiële gevolgen van deze wetswijziging heeft het Rijk de toezegging gedaan de opgetreden derving van inkomsten te compenseren. Daartoe hebben gemeenten een opgave kunnen doen van de inkomstenderving die door deze wetswijziging is opgetreden. Op basis van deze gegevens is de uitkering vastgesteld zoals in de bijlage van dit besluit is vastgesteld. Tijdelijk wordt deze uitkering verstrekt middels een integratie-uitkering uit het gemeentefonds. Vanaf 2011 wordt deze uitkering geïntegreerd in de algemene uitkering uit het gemeentefonds. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten is voor het jaar 2010 geregeld in artikel 10 van onderhavig besluit en de daarbij behorende bijlage 10c. Onderdeel E Nationaal actieplan sport en bewegen Vanaf 2008 stelt het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport € 38 miljoen beschikbaar voor de Impuls Nationaal actieplan sport en bewegen (NASB). Hiervan is € 18 miljoen gereserveerd voor de 1e tranche (2008 t/m 2010) en € 20 miljoen voor de 2e tranche (2010 t/m 2012). Gemeenten die sport- en beweegactiviteiten gaan opzetten zullen in aanvulling op de Rijksbijdrage eenzelfde bedrag co-financieren vanuit eigen middelen, zodat er in totaal € 76 miljoen beschikbaar is voor een actievere leefstijl. De Rijksbijdrage komt in twee tranches beschikbaar voor in totaal 100 gemeenten met naar verwachting de grootste gezondheidsachterstand. De bijlage 14-2, behorend bij artikel 14 van onderhavig besluit is voor het jaar 2010 aangepast. Onderdeel F Pilot toezicht Drank- en Horecawet Voor deelname aan een experiment met gemeentelijk toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 17-2, behorende bij artikel 17, tweede lid, in 2010 de in die bijlage genoemde uitkering. Het is de bedoeling dat het toezicht op de naleving van de Drank- en Horecawet wordt overgedragen aan gemeenten. Het toezicht is nu belegd bij de Voedsel en Warenautoriteit. In vijftien (regio’s van) gemeenten werd daartoe in de jaren 2008 en 2009 een pilot uitgevoerd. In 2010 is deze pilot verlengd. Het doel van de pilot is om inzicht te krijgen in de ervaringen van verschillende gemeenten met het uitvoeren van de toezichtstaak. De gemeenten die deelnemen worden met deze middelen in de gelegenheid gesteld om toezichthouders aan te stellen. Ter compensatie van de kosten wordt aan de deelnemende gemeenten deze uitkering verstrekt. Het uitgekeerde bedrag is gebaseerd op twee voltijd toezichthouders per gemeente, met uitzondering van de gemeente Drimmelen die een uitkering krijgt voor het aanstellen van één toezichthouder. Onderdeel G Pilot gemengde scholen De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft deze middelen via het gemeentefonds beschikbaar gesteld voor het uitvoeren van pilots om segregatie in het basisonderwijs tegen te gaan. De gemeenten experimenteren met het opzetten van samenwerkingsverbanden tussen scholen om daarmee de contacten tussen leerlingen met verschillende achtergronden te bevorderen. Daarnaast zullen ouderinitiatieven worden gestimuleerd, zal de schoolkeuzevoorlichting aan ouders worden verbeterd en komen er in enkele gemeenten vaste aanmeldmomenten. Ook de gemeente Almelo ontvangt voor de jaren 2010 en 2011 middelen in het kader van deze pilot. De betaling vindt plaats in de vorm van een decentralisatie-uitkering. De bijlage 18, behorend bij artikel 8 van het onderhavige besluit, is voor de jaren 2010 en 2011 aangepast. Onderdeel H Polarisatie en radicalisering Ter ondersteuning van gemeentelijke actieplannen om polarisatie en radicalisering tegen te gaan ontvangen gemeenten genoemd in bijlage 20a, voor de jaren 2010 en 2011 het in die bijlage genoemde bedrag. Deze uitkering komt voort uit het actieplan Polarisatie en radicalisering. (Kamerstukken II, 2006/07, 29 754, nr. 103). De uitkering betreft een gedeeltelijke financiering van deze gemeentelijke actieplannen. De bijlage, behorend bij artikel 20 van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen, is voor de jaren 2010 en 2011 aangepast. Onderdeel I Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) In artikel 27, het nieuwe onderdeel c, wordt de verdeling van het WMO-budget 2008 onder alle gemeenten vastgesteld. Vanaf 2008 wordt de verdeling van de middelen berekend aan de hand van objectieve criteria. Analoog aan de algemene uitkering van het gemeentefonds zijn daarvoor in onderdeel b van dit artikel maatstaven vastgelegd, die de WMO kostenstructuur van de gemeente weergeven. Het gaat hier om maatstaven als leeftijdsopbouw van de bevolking, huishoudensamenstelling, inkomen, aantal uitkeringsontvangers, aantal minderheden, aantallen bedden in verschillende zorginstellingen en de mate van stedelijkheid. Voor de vastgestelde uitkeringen in het jaar 2008 wordt hiervoor bijlage 27c toegevoegd. Onderdeel J Aanpak Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren Vanuit het integratiebudget is voor 2010 een bedrag van € 12,4 miljoen beschikbaar gesteld ten behoeve van de inzet van straatcoaches en gezinsmanagers. - document.segment-3 Verify source ↗
Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010) — segment 3
AI-assisted research summary: This provision explains how various municipal and provincial grants are distributed, mostly for 2010, and notes some retroactive application for earlier years.
De verdeling van het geld vindt plaats op basis van ingediende plannen van de betrokken gemeenten. De gemeenten zetten in op het terugdringen van de oververtegenwoordiging van de Marokkaans-Nederlandse jongeren bij voortijdige schoolverlaten, jeugdwerkloosheid, overlast en criminaliteit. De verdeling van de uitkering over gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29a, tweede lid, van onderhavig besluit en de daarbij behorende bijlage 29a-2. Onderdeel K Antillianengemeenten De periode vanaf 2010 wordt gebruikt om enerzijds de problematiek van Antilliaanse risicojongeren verder terug te dringen en anderzijds de benodigde specifieke kennis en deskundigheid bij reguliere instanties onder te brengen. Hiervoor is in 2010 een bijdrage van € 4,485 miljoen beschikbaar gesteld. De gemeenten zetten in op het terugdringen van de oververtegenwoordiging van de Antilliaans-Nederlandse jongeren bij voortijdig schoolverlaten, jeugdwerkloosheid, overlast en criminaliteit. De verdeelsleutel is het aantal Antilliaans-Nederlandse jongeren onder de 25 jaar. De verdeling is voor 2010 in artikel 29c, tweede lid, en de daarbij genoemde bijlage 29c-2 vastgesteld. Onderdeel L Budget 40+wijken Voor het preventiebudget voor problemen in wijken buiten de veertig aandachtswijken1De veertig aandachtswijken zijn in maart 2007 door de toenmalige Minster voor Wonen, Wijken en Integratie bekend gemaakt. In april 2007 zijn voorts de 40+ wijken aangewezen. (Kamerstukken II, 2006/07, 30 995, nrs 1, 2 en 3). wordt in de periode 2009–2010 een budget van € 60 miljoen vrijgemaakt. Dit budget is in twee tranches opgedeeld. In artikel 29d, tweede lid, en de daarbij behorende bijlage 29d-2 is nu voor 2010 de tweede tranche van € 30 miljoen van het preventiebudget ter beschikking gesteld. Onderdeel M Herbestemming aandachtswijken Het budget voor de herbestemming aandachtswijken wordt in twee tranches uitgekeerd aan gemeenten. 14 gemeenten ontvangen in de tweede tranche in 2010 op grond van artikel 29i, tweede lid, en de daarbij behorende bijlage 29i-2 van in totaal € 1,996 miljoen. Onderdeel N Artikel 29j. Herstructurering bedrijventerreinen Voor de herstructurering van bedrijventerreinen, met als randvoorwaarden dat mede-overheden voor tenminste een gelijkwaardig bedrag mee-investeren en dat het project binnen drie jaar tot uitvoering komt, ontvangen de gemeenten op grond van artikel 29j, tweede lid, voor 2010 de in de daarbij behorende bijlage 29j-2 genoemde uitkeringen. Onderdeel O Impuls brede scholen combinatiefuncties In 2008 is de eerste tranche van dertig gemeenten gestart (G30). Zie hiervoor het Besluit van 22 februari 2010, houdende regels over de verdeling van diverse decentralisatie- en integratie-uitkeringen aan provincies en gemeenten (Stb. 2010, 114), artikel 9. Per 1 januari 2009 is de tweede tranche gemeenten gestart. De samenstelling van deze tweede tranche en ook de derde tranche is bepaald op basis van het gemeentelijke inwoneraantal onder de 18 jaar. Het totale bedrag dat op grond van artikel 29k, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29k-2, vanuit het Rijk beschikbaar is gesteld voor 2010, bedraagt voor de tweede tranche € 28,286 miljoen. Onderdeel P Innovatietrajecten inburgering Voor de wijkgerichte inburgering ontvangen gemeenten genoemd in de bij in artikel 29l, tweede lid, behorende bijlage 29l-2 in 2010 uitkeringen van totaal € 1,4 miljoen. Onderdeel Q Jeugdwerkloosheid Om de jeugdwerkloosheid te bestrijden is er incidenteel voor regionale plannen € 153 miljoen beschikbaar voor 2009–2011. Voor 2010 is er € 70,2 miljoen beschikbaar. De verdeling voor het jaar 2010 is geregeld op basis van artikel 29m, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29m-2 en is gerelateerd aan het aantal schoolverlaters tot en met MBO-niveau en het aantal jeugdwerklozen in de regio, waarbij beide indicatoren even zwaar wegen. Onderdeel R Spoorse doorsnijdingen tweede tranche Voor het opheffen of verminderen van de barrièrewerking van het spoor, ook wel spoorse doorsnijdingen genoemd, ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29o-2, behorend bij artikel 29o, tweede lid, in 2010 de in die bijlage genoemde uitkering. Onderdeel S Veilige publieke taak Ten behoeve van een gedeeltelijke financiering van de totstandkoming, invoering en borging van veiligheidsbeleid op het gebied van agressie en geweld tegen werknemers met een publieke taak ontvangen negen gemeenten in 2010 in totaal € 160.960 uitgekeerd voor het uitvoeren van de door hen ingediende veiligheidsprojecten. Een en ander is geregeld in artikel 29r, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29r-2. Onderdeel T WMO Maatregelen psychosociale problemen In twee stappen is de grondslag «psychosociaal probleem» geschrapt in de AWBZ: Met ingang van 1 januari 2008 is de grondslag geschrapt voor de functie ondersteunende begeleiding algemeen (OB-a). In 2008 hebben zorgkantoren de inkoop nog gedaan zodat gemeenten tijd hadden zich op de gevolgen van deze maatregel voor te bereiden (maatregel 2008). Met ingang van 1 januari 2009 is de grondslag geschrapt voor de functies ondersteunende begeleiding in dagdelen (OB-dag) en persoonlijke verzorging (maatregel 2009). De verwachting is dat als gevolg van het schrappen van de grondslag psychosociale problematiek burgers met psychosociale problemen vaker een beroep op door gemeenten gefinancierde voorzieningen zullen doen. Daarom worden gemeenten via het gemeentefonds financieel gecompenseerd voor de gevolgen voor cliënten van instellingen voor thuiszorg, welzijnswerk ouderen, activeringscentra en ggz-instellingen. Ter compensatie van de maatregel 2009 kregen de gemeenten jaarlijks een bedrag van € 6,4 miljoen. Dat bedrag is berekend op basis van een inventarisatie door ActiZ, GGZ Nederland, de MO-groep en een aantal activeringsinstellingen. In 2009 en in 2010 wordt het bedrag verdeeld op basis van deze inventarisatie en vanaf 2011 via de maatsstaven van het cluster Maatschappelijke Zorg. Van dat bedrag is in 2009 15% beschikbaar gekomen voor gemeenten, omdat in 2009 nog sprake was van overgangsmaatregelen. Vanaf 2010 is het gehele bedrag beschikbaar gekomen. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2009 en 2010 is geregeld in artikel 29t van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29t. Onderdeel U WMO compensatie pakketmaatregel AWBZ nadeelgemeenten In het Bestuurlijk financieel overleg Bofv van 31 augustus 2009 is afgesproken dat de compensatie voor de Awbz-pakketmaatregel ad € 127 miljoen verdeeld wordt over de algemene uitkering en de integratie-uitkering Wmo. In 2010 wordt € 102 miljoen toegevoegd aan de algemene uitkering en € 25 miljoen aan de integratie-uitkering Wmo. In 2010 wordt uit deze € 102 miljoen op verzoek van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten een bedrag van € 34 miljoen specifiek verdeeld over die gemeenten die bij de overgang van het historische naar het objectieve verdeelmodel Wmo een negatief herverdeeleffect hadden van meer dan € 5 per inwoner. Hiervoor is een aparte integratie-uitkering « nadeelgemeenten Wmo» opgesteld. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29u van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29u. Arbeidsparticipatie alleenstaande ouders Op 1 januari 2009 is het experiment Alleenstaande ouders van start gegaan. Het gaat om een experiment met een regeling die werken in deeltijd financieel aantrekkelijk maakt voor alleenstaande ouders met sollicitatieplicht. Het gaat om een experiment in het kader van artikel 83 Wet werk en bijstand (WWB) waarin bij amvb kan worden afgeweken van een aantal bepalingen van de WWB. Gemeenten nemen op vrijwillige basis deel aan het experiment. De aan het experiment deelnemende gemeenten kunnen tot en met 31 december 2010 de inkomstenvrijlating en het instrument scholing (in combinatie met werk) inzetten binnen het experiment. Voor dit experiment is in 2010 € 2,6 miljoen beschikbaar. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29v van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29v. Drugspilots De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de voormalige minister voor Wonen, Wijken en Integratie hebben voor de jaren 2010 en 2011 een bedrag beschikbaar gesteld via het gemeentefonds ter vermindering van overlast en verloedering gerelateerd aan coffeeshops. In 2010 en 2011 wordt aan negen – van de vijftien – gemeenten die een pilotvoorstel hadden ingediend, een decentralisatie-uitkering uitgekeerd. Deze bedraagt in 2010 een bedrag van in totaal € 2,694 miljoen. Aan de gemeente Lelystad en de gemeente Maastricht wordt de decentralisatie-uitkering over twee jaren uitgekeerd, tenzij aan de pilotvoorstellen in 2011 geen verdere uitvoering kan worden gegeven. De uitkomsten van de pilotvoorstellen kunnen mogelijk als input dienen voor het kabinet om toekomstig drugsbeleid vorm te geven. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29w van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29w. Emancipatie Duizend en één kracht Om de maatschappelijke participatie van vrouwen uit etnische minderheden te bevorderen is in 2008 in de gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Breda en Nijmegen het project Duizend en één Kracht als pilots gestart. In 2008 zijn 19 nieuwe gemeenten gestart met Duizend en één Kracht. De pilot liep – in tegenstelling tot het programma in de 19 nieuwe gemeenten die langer doorlopen – tot 2010. De ministeries van OCW, SZW, VWS en (toenmalig) VROM willen de samenwerking met de zes pilotgemeenten continueren om nog meer vrouwen te kunnen bereiken. Daarom komen deze gemeenten in aanmerking voor een rijksbijdrage van € 0,15 miljoen per jaar voor 2010 en 2011 om Duizend en één Kracht voort te zetten. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29x van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29x. Gezond in de stad De middelen van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor Gezond in de stad (totaal € 5 miljoen per jaar) worden vanaf 2010 via een decentralisatie-uitkering voor de G31 beschikbaar gesteld. Hiermee blijven deze steden extra middelen ontvangen voor uitvoering van de gemeentelijke taken in het kader van de Wet publieke gezondheid. Daarmee kunnen de steden zich extra inzetten om gezondheidsachterstanden zoveel mogelijk terug te dringen via een wijkgerichte integrale aanpak gericht op gezonde bewoners, gezonde leefomgeving en een samenhangende eerstelijnszorg met preventief aanbod. Gemeenten kunnen daarbij verbindingen leggen met andere activiteiten in het kader van het stedenbeleid, waaronder integratie, veiligheid en leefbaarheid. Gemeenten kunnen daarbij gebruik maken van de ervaringen, aanpak en resultaten bij de experimenten Gezonde wijk in de krachtwijken. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29ij van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ij. Hogeschool Almere De ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en (toenmalig) Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de provincie Flevoland, de gemeenten Almere en Lelystad en de Christelijke Hogeschool Windesheim brengen gezamenlijk een netto contant bedrag van € 72 miljoen bijeen voor de dekking van aanlooptekorten die samenhangen met de realisatie van een hogeschool in Flevoland. Via het gemeentefonds wordt in 2010 aanvullend € 10 miljoen beschikbaar gesteld aan Almere. Dit is geregeld in artikel 29z van het onderhavige besluit. Inburgering (instapcursussen) In de brief van de voormalige minister voor Wonen, Wijken en Integratie van 25 augustus 2009 aan de Tweede Kamer – de zogenaamde maatregelenbrief inburgering – heeft het kabinet aangekondigd te onderzoeken of in 2010 financiële middelen beschikbaar kunnen worden gesteld voor de organisatie van instapcursussen voorafgaand aan het inburgeringtraject. Inmiddels is bij gemeenten geïnventariseerd, of en zo ja hoeveel, instapcursussen zij in 2010 wilden organiseren. Aan 146 gemeenten is een decentralisatie-uitkering ter compensatie van de kosten ter beschikking gesteld. De verdeling van de uitkering van € 14,211 miljoen aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29aa van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29aa. Inburgering (knelpunten) Om meer inburgeraars, met name meer vrijwillige inburgeraars voor het inburgeringaanbod te interesseren. ontvangen gemeenten als extra tegemoetkoming in de kosten van de voormalige minister voor Wonen, Wijken en Integratie in 2010 extra middelen. Gemeenten van wie de ambitie gelijk is aan of hoger is dan hun aandeel in de 47.000 inburgeraars, waarvoor via het participatiebudget al middelen beschikbaar zijn gesteld, kunnen in aanmerking komen voor een bijdrage. Bij de berekening van de bijdrage wordt (als extra tegemoetkoming) niet uitgegaan van het verschil tussen de gemeentelijke ambitie en het gemeentelijk aandeel in de 47.000 inburgeraars, maar van het verschil tussen de gemeentelijke ambitie en het gemeentelijk aandeel in 43.000 inburgeraars. De bijdrage per extra inburgeraar bedraagt € 3.846. De verdeling van de uitkering van € 47,475 miljoen aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29bb van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29bb. Inburgering (uitvoeringskosten) Aan die gemeenten die een bijdrage leveren aan de gewenste volumeverhoging van het aantal inburgeringvoorzieningen wordt een extra bijdrage verstrekt voor de uitvoeringskosten. De extra middelen zijn in 2010 verstrekt via een decentralisatie-uitkering van in totaal € 10,440 miljoen2 In het bedrag voor de gemeente Gouda is een bedrag van € 8.000 voor proeftuinen inburgeringstrajecten meegenomen. In zowel het bedrag voor Amsterdam als het bedrag voor Rotterdam is € 300.000 opgenomen voor een pilot Extra impuls op en via werkpleinen inburgering en voor Rotterdam daarnaast nog € 200.000 voor een pilot Inburgering in de gevangenis.. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29cc van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29cc. Jeugd Vanaf 2010 worden de middelen voor het preventieve lokale jeugdbeleid gefaseerd aan het gemeentefonds toegevoegd via de decentralisatie-uitkering Jeugd (DU-Jeugd). Deze uitkering is vooralsnog bedoeld voor de G 31 aangevuld met vier van de vijf zogenoemde Ortega-gemeenten (Apeldoorn, Zoetermeer, Ede, Almere). Met de DU-Jeugd kan het preventieve lokale jeugdbeleid in brede zin vorm worden geven. Als in 2012 de Centra voor Jeugd en Gezin (CJG) landelijk dekkend zijn, worden middelen uit de brede doeluitkering Centra voor Jeugd en Gezin (structureel maximaal € 350 miljoen) hierin ook opgenomen. Dan vindt uitbreiding van de DU-Jeugd naar alle gemeenten plaats. De DU Jeugd is in 2010 gestart met de € 21,7 miljoen die in 2009 zijn uitgekeerd als onderdeel van de Brede Doeluitkering Sociaal Integratie en Veiligheid (BDU SIV) voor tegengaan Voortijdig Schoolverlaters in het kader van het Grote Stedenbeleid (GSB). Deze middelen voor het tegengaan van Voortijdig Schoolverlaters liepen in 2009 af. Het Rijk heeft er uitdrukkelijk voor gekozen om deze middelen beschikbaar te houden voor gemeenten. Op die manier kunnen zij de aanpak van overbelaste jongeren op het niveau van het vmbo en mbo meer sluitend maken opdat meer jongeren hun schoolloopbaan succesvol kunnen afronden. In vergelijking met de aanpak voortijdig schoolverlaten worden de middelen nu toegespitst op een sluitende zorg- en hulpaanbod voor overbelaste jongeren. Hiervoor wordt als indicator gebruikt het aantal vmbo-deelnemers in leerjaar 3 en 4 en mbo-deelnemers niveau 1 en 2 uit armoedeprobleemcumulatiegebieden. Deze toegespitste indicator heeft in vergelijking met de uitkering in de BDU SIV een herverdeling tot gevolg richting gemeenten waarin de problematiek zowel absoluut als relatief het grootst is. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29dd van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29dd. Leefbaarheid en veiligheid De veiligheids- en leefbaarheidsmiddelen worden in 2010 en 2011 onder 40 gemeenten verdeeld. Het betreft de G31, de Ortega-gemeenten (Almere, Apeldoorn, Ede, Haarlemmermeer, Zoetermeer) en 4 gemeenten met ernstige problematiek inzake overlastgevende Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren (Culemborg, Gouda, Veenendaal en Zeist). Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het voormalig Ministerie van Wonen, Wijken en Integeratie hebben op 9 juli 2009 in het Strategisch Beraad Veiligheid met de VNG afgesproken dat bij de inzet van de veiligheids- en leefbaarheidsmiddelen in 2010 en 2011 focus wordt aangebracht op de aanpak van sociale overlast en fysieke verloedering. Tevens zijn de middelen die het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan Gouda heeft toegezegd voor het aanstellen van gezinsmanagers (op basis van het nu geschrapte artikel 29h) in 2010 en 2011 toegevoegd aan deze uitkering. Het gaat hier om een bedrag van € 300.000 per jaar. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29ee van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ee. De verdeling is gebaseerd op de verdeelsleutel zoals die ook al tot en met 2009 van toepassing was binnen de Brede doeluitkering Sociaal Integratie en Veiligheid. Loondispensatie In de pilot Loondispensatie krijgen gemeenten de mogelijkheid het instrument loondispensatie in te zetten voor hun inwoners van 23 jaar en ouder die bijstand ontvangen op grond van de Wet werk en bijstand of een inkomensvoorziening op grond van de Wet investeren in jongeren en die langdurig of structureel verminderd arbeidsproductief zijn als gevolg van een lichamelijke, verstandelijke, psychische of psychosociale beperking. De deelnemende gemeenten krijgen een tegemoetkoming in de uitvoeringskosten. Het is een tegemoetkoming in de kosten en is dus nadrukkelijk geen volledige vergoeding van alle door de gemeente gemaakte kosten in het kader van de pilot. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29ff van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ff. Onderwijsachterstandenbeleid De middelen voor het onderwijsachterstandenbeleid worden voor de G31 in 2010 uitgekeerd via een decentralisatie-uitkering. Voor 2010 is hier € 173,21 miljoen mee gemoeid. Voor alle gemeenten zal de verdeelsleutel die werd gebruikt van 2006 t/m 2009 gehandhaafd blijven. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29gg van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29gg. Rolstoelvoorzieningen Arnhem Betreft een uitkering aan de gemeente Arnhem voor extra uitgaven waarmee de gemeente zich geconfronteerd zag vanwege het verstrekken van rolstoelvoorzieningen aan bewoners in AWBZ-instellingen op grond van het per 1 april 2003 gewijzigde artikel 15 BZA/AWBZ. Vanwege de aanwezigheid van grootschalige AWBZ-instellingen voor zowel lichamelijk als verstandelijk gehandicapten neemt Arnhem voor wat betreft de gevolgen van de wijziging een uitzonderingspositie in. Arnhem ontvangt daarom € 1,4 miljoen in 2010 en € 0,3 miljoen in 2011 en 2012. De uitkering aan de gemeente Arnhem in 2010 is geregeld in artikel 29hh van het onderhavige besluit. Vadercentra De minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap en de voormalige minister voor Wonen, Wijken en Integratie hebben zich gezamenlijk ingezet voor de realisatie van nieuwe vadercentra in Nederland, om de emancipatie en integratie van allochtone mannen en vaders te bevorderen. Aan de hand van een aanvraagprocedure onder de 56 grootste gemeenten met het hoogste aandeel minderheden plus de gemeenten die vallen onder de «Samenwerkingsgemeenten aanpak Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren» zijn 14 gemeenten geselecteerd voor een bijdrage van maximaal € 50.000 per jaar voor de periode 2010 tot en met 2012. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29ii van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ii. Versterking peuterspeelzaalwerk De Wet OKE (Ontwikkelkansen door Kwaliteit en Educatie) is op 1 augustus 2010 inwerking getreden. Zij beoogt voor jonge kinderen in peuterspeelzalen en kindercentra een veilige, stimulerende omgeving te creëren waarbij medewerkers in staat zijn om een risico op een taalachterstand in het Nederlands te signaleren en dat effectief aan te pakken. Door harmonisatie van de wet- en regelgeving over de kwaliteit van peuterspeelzalen met die van kindercentra ontstaat een kwaliteitsimpuls. Door deze investering worden peuterspeelzalen in een betere positie gebracht om de laagdrempelige voorziening te kunnen behouden. Er wordt € 35 miljoen (structureel) voor kwaliteitsverbetering van peuterspeelzalen aan het gemeentefonds toegevoegd. De verdeling vindt plaats met de maatstaven jongeren 75%, aantal kernen 15% en oppervlakte 10%. De middelen worden toegevoegd als een decentralisatie-uitkering. Vooralsnog zijn alle gemeenten opgenomen in de decentralisatie-uitkering. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29jj van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29jj. Vrouwenopvang De specifieke uitkering vrouwenopvang wordt per 2011 omgevormd naar een decentralisatie-uitkering. In totaal wordt structureel € 88,9 miljoen overgeheveld naar het gemeentefonds. De decentralisatie-uitkering heeft dezelfde omvang en verdeling als de specifieke uitkering. Centrumgemeenten ontvangen in 2010 via het gemeentefonds eenmalig middelen (€ 2,4 miljoen) in het kader van «Beschermd en Weerbaar». Deze middelen zijn bestemd voor onderstaande activiteiten: Voorbereiding op de voorgenomen invoering van de Wet meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Versterken van de regierol bij uitvoering van de Wet tijdelijk huisverbod, met name bij de overdracht naar de hulpverlening na de eerste 10 dagen. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29kk van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29kk. Wachtlijsten kinderopvang 8 gemeenten met meer dan 100.000 inwoners, die werk maken van het inkorten van hun wachtlijsten in de kinderopvang, ontvangen daarvoor in 2010 een financiële ondersteuning van het Rijk van in totaal € 2,7 miljoen. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29ll van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ll. Winkelstraatmanagement Om een goede lokale samenwerking tot stand te brengen tussen ondernemers onderling en van ondernemers met de gemeente en andere betrokkenen ten behoeve van de bestrijding van criminaliteit tegen ondernemers, krijgen 13 gemeenten een bijdrage voor het inhuren van winkelstraatmanagers. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29mm van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29mm. Uitvoeringskosten Wet werk en inkomen kunstenaars In de memorie van toelichting bij de met ingang van 1 januari 2010 in werking getreden Wet bundeling van uitkeringen inkomensvoorziening aan gemeenten is opgenomen dat de middelen voor de uitvoeringskosten van de Wet werk en inkomen kunstenaars (WWIK) worden verdeeld over de 20 WWIK-centrumgemeenten door middel van een decentralisatie-uitkering. Voor het jaar 2010 betreft het een totaalbedrag van € 3,4 miljoen. Voor de verdeling van de middelen is zoveel mogelijk aangesloten bij de voormalige declaratiesystematiek van de uitvoeringskosten WWIK, hetgeen betekent dat het macrobedrag voor de uitvoeringskosten in een jaar over de WWIK-centrumgemeenten wordt verdeeld naar rato van het aantal WWIK-gerechtigden per 31 december twee jaar ervoor. Het jaar 2010 is een overgangsjaar waarin de verdeling één jaar later bekend wordt gemaakt dan gebruikelijk is in de systematiek van de decentralisatie-uitkering. Om deze reden is voor de verdeling van de uitkeringskosten 2010 dezelfde, op dit moment meest actuele, verdeelmaatstaf gebruikt als voor de verdeling van de uitkeringskosten 2011, namelijk het aantal WWIK-gerechtigden per 31 december 2009. Als gegevensbron voor de verdeling wordt gebruikgemaakt van de bijstandsuitkeringenstatistiek van het CBS. Het belangrijkste voordeel hiervan is dat de jaarlijkse uitvraag van het aantal WWIK-gerechtigden via de SISA-bijlage met ingang van 2010 kan komen te vervallen. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2010 is geregeld in artikel 29nn van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29nn. Onderdeel V Alle troeven in handen De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap investeert in emancipatieprojecten ter versterking van het lokale emancipatiebeleid van gemeenten en provincies ten aanzien van het emancipatieproces van kwetsbare vrouwen. In totaal stelt de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap in 2010 een bedrag van € 0,7 miljoen beschikbaar aan gemeenten en € 0,221 miljoen aan provincies. Hiertoe zijn 18 best practices geselecteerd uit de projecten die op basis van de subsidieregeling emancipatieprojecten 2004–2007 gesubsidieerd zijn. Gemeenten met meer dan 50.000 inwoners en provincies (namens meerdere kleinere gemeenten) konden hiervoor een aanvraag in te dienen. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies is geregeld in artikel 31a en de daarbij behorende bijlage 31a. Bedrijventerreinen (Topperprojecten) In december 2009 hebben het Rijk, de Vereniging van Nederlandse Gementen (VNG) en het Interprovinciaal Overleg (IPO) het convenant bedrijventerreinen 2010–2020 ondertekend. Dit convenant legt de afspraken tussen het Rijk, provincies en gemeenten vast over o.a. regionale samenwerking, zorgvuldige behoefteraming, de uitvoering van de herstructureringsopgave 2009–2013 inclusief de afspraken over rijksfinanciering en decentralisatie van de TOPPER-middelen om te komen tot nieuw bedrijventerreinen-beleid. Met betrekking tot de rijksfinanciering is in het convenant afgesproken om de TOPPER-middelen te decentraliseren naar de gemeenten en provincies via een decentralisatie-uitkering in het gemeentefonds en het provinciefonds. De te decentraliseren TOPPER-middelen 2009–2013 bedragen bruto € 107,6 miljoen. In 2009 zijn 3 TOPPER-projecten (alle 3 in Noord-Brabant) reeds via een specifieke uitkering gefinancierd. Tijdens het bestuurlijk overleg met IPO, VNG en Rijk op 25 november 2009 is bovendien afgesproken dat de kosten voor de inzet van ambassadeurs regionale samenwerking van in totaal € 500.000 naar rato in mindering worden gebracht op de te decentraliseren rijksgelden. Er resteert een netto te decentraliseren bedrag aan rijksmiddelen van € 101.126.000. In 2010 is het gemeentefonds incidenteel met € 18,359 miljoen en het provinciefonds incidenteel met € 40 miljoen verhoogd in verband met het herstructureren van bedrijventerreinen via de Topperregeling. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies in 2010 is geregeld in artikel 31b van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31b. Bodemsanering Het convenant Bodemontwikkelingsbeleid en Aanpak Spoedlocaties wordt in de periode 2010–2014 tot uitvoer gebracht. Met dit convenant verandert het bodembeleid ingrijpend en de verantwoordelijkheden van het Rijk verschuiven naar de provincies en gemeenten. De belangrijkste wijzigingen zijn: De verantwoordelijkheid voor de aanpak van spoedlocaties, grootschalige grondwaterverontreiniging en de ruimtelijke ontwikkeling van de ondergrond komt bij de gemeente- of provinciebestuurders te liggen. Toenemende samenhang van het bodembeleid met het energie- en waterbeleid en het beleid voor de ondergrond. Samenhang en samenwerking tussen de verschillende beleidsdoelen zijn noodzakelijk voor een efficiënte en effectieve uitvoering van het nieuwe bodemontwikkelingsbeleid. Verdere integratie van het bodemsaneringsbeleid in een gebiedsgerichte benadering mede in het kader van het ruimtelijke ordeningsbeleid. Het onder milieuhygiënische randvoorwaarden accommoderen van het toenemend gebruik van de bodem als gevolg van ruimtedruk. De ondergrond moet duurzaam kunnen worden gebruikt, maar wel met oog voor de kwetsbaarheid van het bodemsysteem. De verdeling van het budget voor bodemsanering aan gemeenten en provincies in 2010 is geregeld in artikel 31c van onderhavig besluit en de daarbij behorende bijlage 31c. Daarbij is rekening gehouden met de toekenning van geld aan een aantal specifieke knelpunten, zoals asbestproblematiek. Daarnaast zijn de totale projectmiddelen van het bij het convenant Bodemontwikkelingsbeleid behorende uitvoeringsprogramma in mindering gebracht op de originele budgetverdeling op basis van de verdeelsleutel «apparaatskostenvergoeding». Krimp Met het interbestuurlijk actieplan bevolkingsdaling «Krimpen Met Kwaliteit» geven de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal Overleg en het Rijk richting aan een gezamenlijke beleidsaanpak van bevolkingsdaling. Naast een gezamenlijke analyse van de problematiek worden concrete acties aangekondigd. Daarbij zijn in eerste instantie vooral gemeenten en provincies aan zet. Door de samenwerking en besluitvorming op regionaal niveau moet worden voorkomen dat individuele gemeentelijke belangen voor het gezamenlijk regionaal belang gaan. In het actieplan zijn de volgende regio’s als krimpregio aangemerkt: Parkstad Limburg, Eemsdelta en Zeeuws Vlaanderen. Voor een effectieve aanpak van de krimpproblematiek moet aan drie basisvoorwaarden worden voldaan. Dit zijn: tijdige lokale bewustwording, duidelijke bestuurlijke rolverdeling en regionale bestuurskracht en een effectieve bekostigingssystematiek. Ter voorkoming van de verwachte structurele leegstand tussen 2010 en 2020 stelt het rijk voor de genoemde gebieden eenmalig in 2010 € 31 miljoen ter beschikking. De rijksbijdrage is op basis van bestuurlijke afspraken als volgt verdeeld: Parkstad Limburg en Eemsdelta elk € 14,75 miljoen en Zeeuws Vlaanderen € 1,5 miljoen. Dit geld wordt in 2010 toegevoegd als decentralisatie-uitkering aan het gemeentefonds (stadsregio Parkstad Limburg en Zeeuws-Vlaanderen) dan wel het provinciefonds (Eemsdelta). Het geld voor Parkstad Limburg wordt aan de centrumgemeente Heerlen uitgekeerd. Het geld voor Zeeuws-Vlaanderen wordt beschikbaar gesteld aan de gemeente Sluis ten behoeve van het krimp-experiment Oostburg. Voor Eemsdelta wordt het geld beschikbaar gesteld aan de provincie Groningen. Voor alle drie de regio’s geldt dat de rijksbijdrage is bedoeld voor de aanpak van de krimpproblematiek en dat ervan wordt uitgegaan dat de rijksbijdrage beschikbaar komt voor de betreffende uitvoeringsorganisatie. De verdeling van bovenstaande uitkering aan de gemeenten en de provincie Groningen in 2010 is geregeld in artikel 31d van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31d. Regiospecifiek Pakket Zuiderzeelijn In juni 2008 is het Convenant Regiospecifiek Pakket (RSP) Zuiderzeelijn ondertekend door het toenmalige ministerie van Verkeer en Waterstaat, de Stuurgroep Zuiderzeelijn en de provincies Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland. De projecten uit het RSP richten zich op versterking van de ruimtelijke en economische structuur in Noord-Nederland en het verbeteren van de bereikbaarheid van deze regio, via openbaar vervoer en weg. De gelden voor de RSP onderdelen Ruimtelijk- economisch Programma en Concrete bereikbaarheidsprojecten worden uitgekeerd middels de decentralisatie-uitkering. Het doel van deze uitkering is tweeledig: overmaken vanuit het Provinciefonds van dat deel van de REP-middelen waarvoor de regio verantwoordelijk is. Het betreft de provincies Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland; overmaken van het financiële deel van de concrete bereikbaarheidsprojecten waarvoor de betreffende decentrale overheid (provincie of gemeente) de contracterende partij is. De uitkering beperkt zich vooralsnog tot de in het convenant vastgelegde middelen voor 2009 en 2010, in zijn geheel uit te keren in 2010. De uitkering aan de gemeente Assen en de betrokken provincies in 2010 is geregeld in artikel 31e van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31e. Stimulering lokale klimaatinitiatieven (SLOK) Deze uitkering betreft middelen die door de voormalige minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu beschikbaar zijn gesteld aan gemeenten en provincies in het kader van structurele initiatieven voor duurzame en efficiënte energievoorziening en de reductie van broeikasgassen. De verdeling van de middelen is gebaseerd op de uitkomsten van een aanvraagprocedure. Voor 2010 is de bijdrage vastgesteld in artikel 31f en de daarbij behorende bijlage 31f. Tijdbeleid De ontvangende gemeenten en provincies zijn koplopers op het terrein van flexibilisering van openings- en arbeidstijden van de dienstverlening zoals de kinderdagopvang, buitenschoolse opvang, gezondheidszorg, vervoer in hun gebied en ambiëren een verdergaande rol in het organiseren van een flexibel aanbod van dienstverlening in de eigen gemeente en provincie. Zij vervullen een voorbeeldfunctie. Ter ondersteuning van de flexibilisering van het tijdbeleid ontvangt iedere deelnemende gemeente en provincie op grond van artikel 31g van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31g een eenmalig bedrag. Artikel II Inwerkingtreding Dit besluit werkt voor een uitkering terug tot en met 1 januari 2008. Dat is uitkering die aan de gemeenten wordt verstrekt ten behoeve van de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Op grond van de maatstaven in artikel 27, onderdeel b, is de verdeling onder alle gemeenten van het WMO-budget voor het jaar 2008 vastgesteld. Voor een andere uitkering werkt het besluit terug tot en met 1 januari 2009, namelijk de uitkering WMO Maatregelen psychosociale problemen (artikel 29t). Voor alle overige uitkeringen betreft het besluit het jaar 2010 en voor twee uitkeringen (artikel 18. Pilot gemengde scholen en artikel 20. Polarisatie en radicalisering) ook het jaar 2011. Terugwerkende kracht levert geen nadeel op voor de provincies en de gemeenten. Zij hebben de uitkeringen reeds bij voorschot ontvangen op basis van artikel 15 van de Financiële-verhoudingswet. Over de voorlopig vastgestelde omvang ervan waren zij reeds bij circulaires voor de fondsen op de hoogte gesteld.
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Besluit van 29 maart 2012 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2010)
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in