Besluit van 13 december 1995, houdende wijziging van het Besluit bezoldiging politie in verband met onder meer de maatregelen gericht op de terugdringing van het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen en een salarisverhoging in 1995 voor politie-ambtenaren
This amendment updates police pay scales, allowances, and disability-related supplementary payments, and gives certain adspirants a salary under ministerial rules.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 12 Jul 2014
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Besluit van 13 december 1995, houdende wijziging van het Besluit bezoldiging politie in verband met onder meer de maatregelen gericht op de terugdringing van het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen en een salarisverhoging in 1995 voor politie-ambtenaren
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Besluit van 13 december 1995, houdende wijziging van het Besluit bezoldiging politie in verband met onder meer de maatregelen gericht op de terugdringing van het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen en een salarisverhoging in 1995 voor politie-ambtenaren
AI-assisted research summary: This amendment updates police pay scales, allowances, and disability-related supplementary payments, and gives certain adspirants a salary under ministerial rules.
Staatsblad Besluit van 13 december 1995, houdende wijziging van het Besluit bezoldiging politie in verband met onder meer de maatregelen gericht op de terugdringing van het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen en een salarisverhoging in 1995 voor politie-ambtenaren Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 27 oktober 1995, directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid, directie Politie, hoofdafdeling Onderwijs en Personeelsbeleid, afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid, nr. EA95/U3125; Gelet op artikel 50, eerste lid, van de Politiewet 1993 en artikel 9, zesde lid, van de LSOP-wet; De Raad van State gehoord (advies van 16 november 1995, No.WO4.95.0585); Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken van 5 december 1995, directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid, directie Politie, hoofdafdeling Onderwijs en Personeelsbeleid, afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid, nr. EA95/3613; Het >Besluit bezoldiging politie wordt als volgt gewijzigd: In bijlage 1 vervalt bij de salarisschalen 1 tot en met 5 de leeftijd van 21 en het daarbij behorende salaris. De bijlagen 1 en 1A, behorende bij het Besluit bezoldiging politie, worden vervangen door de gelijknamige bijlagen die zijn opgenomen bij dit besluit. In artikel 1, onder c, wordt na 'de Politiewet 1993' toegevoegd:, met uitzondering van de adspirant. Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd: Voor de huidige tekst wordt het cijfer 1 geplaatst. Na het eerste lid wordt een nieuw lid toegevoegd, dat luidt als volgt: In afwijking van het eerste lid ontvangt de adspirant die de 25-jarige leeftijd nog niet heeft bereikt, indien hij een opleiding tot inspecteur volgt en gerechtigd is tot het voeren van een titel als bedoeld in artikel 7.20, eerste lid, onderdelen a, c en d, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, een salaris overeenkomstig de door Onze Minister te geven regels. Artikel 13 wordt als volgt gewijzigd: In het tweede lid vervalt onderdeel a. Onder verlettering van de onderdelen b tot en met e tot e tot en met h, worden in het tweede lid de nieuwe onderdelen a tot en met d ingevoegd, die luiden als volgt: a. 13,7% voor de ambtenaar die is ingedeeld in schaal 1, 2 of 3 van bijlage I van dit besluit; b. 13,6% voor de ambtenaar die is ingedeeld in schaal 4 van bijlage I van dit besluit; c. 13,2% voor de ambtenaar die is ingedeeld in schaal 5 van bijlage I van dit besluit; d. 12,5% voor de ambtenaar die is ingedeeld in schaal 6 van bijlage I van dit besluit; In het tweede lid, onderdeel g, wordt 'f 378,68' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 385,50 en met ingang van 1 januari 1995 in f 393,65; In het tweede lid, onderdeel h, wordt 'f 321,87' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 327,66 en met ingang van 1 januari in f 334,58; In het derde lid wordt 'f 6,39' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 6,51 en met ingang van 1 januari 1995 in f 6,65. Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd: In het eerste lid wordt 'behoudens het vierde lid' vervangen door: behoudens het derde lid. In het vierde lid, onder a, wordt 'f 1,60' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 1,70 en met ingang van 1 januari 1995 in f 1,73. In artikel 23, tweede lid, wordt 'f 223,81' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 227,84. In artikel 27, zevende lid, onder a, wordt 'f 9,19' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 9,73 en met ingang van 1 januari 1995 in f 9,93. In artikel 29, derde lid, wordt 'f 44,46' met ingang van 1 april 1994 gewijzigd in f 45,26 en met ingang van 1 januari 1995 in f 46,21. In artikel 41, tweede lid, onder b, wordt 'artikel P10' vervangen door: artikel P8. Artikel 42 wordt als volgt gewijzigd. In het vierde lid eerste volzin, wordt 'artikel 40' vervangen door: artikel 39. In het vierde lid wordt aan het slot van de eerste volzin de volgende zinsnede toegevoegd:, waarbij met betrekking tot de beoordeling van de aanspraak op die uitkering artikel 30 van die wet van overeenkomstige toepassing is. Het zesde lid komt als volgt te luiden: Arbeidsongeschikt, geheel of gedeeltelijk, in de zin van het vierde en vijfde lid, is hij die als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte of gebreken geheel of gedeeltelijk niet in staat is om met arbeid te verdienen, hetgeen gezonde personen, met soortgelijke opleiding en ervaring, ter plaatse waar hij arbeid verricht of het laatst heeft verricht, of in de omgeving daarvan, met arbeid gewoonlijk verdienen. Onder eerstgenoemde arbeid wordt verstaan alle algemeen geaccepteerde arbeid waartoe de gewezen ambtenaar met zijn krachten en bekwaamheden in staat is. Onder deze arbeid wordt niet begrepen een dienstbetrekking krachtens de Wet Sociale Werkvoorziening. In het achtste lid, tweede volzin, wordt de zinsnede 'een uitkering krachtens artikel 44' vervangen door: een aanvullende uitkering krachtens artikel 44. Artikel 44, eerste tot en met derde lid, komt als volgt te luiden: Aan de gewezen ambtenaar aan wie een invaliditeitspensioen krachtens de Algemene burgerlijke pensioenwet is toegekend, vermeerderd met een aanvulling als bedoeld in artikel F9 van die wet wordt – indien de ziekten of gebreken, uit hoofde waarvan hij blijvend ongeschikt is verklaard zijn betrekking te vervullen, in overwegende mate hun oorzaak vinden in de aard van de hem opgedragen werkzaamheden of in de bijzondere omstandigheden, waaronder deze moesten worden verricht, en niet aan zijn schuld of onvoorzichtigheid zijn te wijten – een aanvullende uitkering verleend. Deze aanvullende uitkering is gelijk aan het bedrag dat nodig is om het invaliditeitspensioen vermeerderd met de eerdergenoemde aanvulling te verhogen tot een van de mate van algemene invaliditeit (invaliditeitsgraad) afhankelijk percentage van de middelsom, bedoeld in artikel F6 van eerdergenoemde wet. Bedoeld percentage bedraagt bij een invaliditeitsgraad van 80% of meer: 90,02%; 65 tot 80%: 73,31%; 55 tot 65%: 56,59%; 45 tot 55%: 45,01%; 35 tot 45%: 34,08%; 25 tot 35%: 22,5%; 15 tot 25%: 11,58% van de middelsom. De aanvullende uitkering eindigt met ingang van de eerste dag van de maand waarin de gewezen ambtenaar de leeftijd van 65 jaar bereikt. Indien aan de gewezen ambtenaar een uitsluitend naar zijn diensttijd berekend invaliditeitspensioen krachtens de Algemene burgerlijke pensioenwet is toegekend en dat pensioen lager is dan het bedrag behorende bij een van de mate van algemene invaliditeit afhankelijk percentage van de middelsom als vermeld in het eerste lid, wordt hem, in het geval, bedoeld in het eerste lid, een aanvullende uitkering verleend ten bedrage van het verschil. De aanvullende uitkering eindigt met ingang van de maand, waarin de gewezen ambtenaar de leeftijd van 65 jaar bereikt. Aan de gewezen ambtenaar die recht heeft op een wachtgeld als bedoeld in artikel K 4 van de Algemene burgerlijke pensioenwet en die niet herplaatst is in een betrekking als bedoeld in artikel K 2 van die wet wordt, in het geval, bedoeld in het eerste lid, na drie maanden een aanvullende uitkering verleend overeenkomstig die in het eerste lid, indien het bepaalde in artikel K 4, eerste lid, van die wet niet van toepassing zou zijn en hem een invaliditeitspensioen zou zijn toegekend. Artikel 45, tweede lid, komt als volgt te luiden: Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering als bedoeld in de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt gewijzigd op grond van dezelfde ziekten of gebreken als uit hoofde waarvan een uitkering krachtens dit hoofdstuk wordt toegekend of gewijzigd, vindt het eerste lid met betrekking tot die wijziging overeenkomstige toepassing. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst. Ten aanzien van de ambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdelen c, d en e, van het Besluit bezoldiging politie werkt het besluit terug voor wat betreft artikel I, onderdeel A, onder 1, en onderdelen B tot en met L, tot en met 1 april 1994 en voor wat betreft artikel I, onderdeel A, onder 2, tot en met 1 januari 1995. Ten aanzien van de ambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van het Besluit bezoldiging politie werkt het besluit terug tot en met 1 september 1995. Stb. 1994, 215, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 27 juni 1995, Stb. 365. Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt op grond van artikel 25a, vierde lid, onder b, van de Wet op de Raad van State, omdat het uitsluitend opmerkingen van redactionele aard bevat. NOTA VAN TOELICHTING In het kader van de activiteiten gericht op het terugdringen van het arbeidsongeschiktheidsvolume zijn ingevolge de Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen (Wet TBA) wijzigingen aangebracht in onder meer de Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO). Het kabinet is van mening dat deze WAO-maatregelen moeten doorwerken naar de ambtelijke regelingen. De wijzigingen hebben gevolgen voor het niveau en de duur van de uitkeringen onder meer door aanpassing van het arbeidsongeschiktheidscriterium. Voor de sector Rijk heeft aanpassing van bepalingen uit het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR) aan de wijzigingen die ingevolge de Wet TBA zijn aangebracht in de WAO reeds plaatsgevonden bij Besluit van 30 september 1993, houdende wijziging van het Algemeen Rijksambtenarenreglement en enkele andere regelingen voortvloeiende uit de maatregelen gericht op de terugdringing van het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1993, 575), waarbij de artikelen 42, 45 en 48 van het ARAR werden gewijzigd. In het Ambtelijk Werkgeversoverleg en de Centrale Commissie voor Georganiseerd Overleg in Ambtenarenzaken (CGOA) is overeengekomen dat de wijzigingen voortvloeiende uit de Wet TBA eveneens dienen door te werken naar overige gelijksoortige rechtspositieregelingen. In de vergadering van 21 april 1993 met de Centrale Commissie voor Georganiseerd Overleg in Ambtenarenzaken stemden de centrales van overheidspersoneel in met de voorgestelde wijzigingen en hebben overeenkomstig geadviseerd bij brief van 27 april 1993, kenmerk CGOA/93.205/Z.672. Voor de sector politie geschiedt de aanpassing door wijziging van artikelen 42, 44 en 45 van het Besluit bezoldiging politie (BBP). In verband met de omvangrijke wijzigingen die voortvloeien uit de reorganisatie van de politie heeft het langer geduurd dan gebruikelijk voordat tot formalisering is overgegaan. Aangezien genoemde artikelen uit het BBP nagenoeg overeenkomen met de reeds aangepaste artikelen 42, 45 respectievelijk 48 uit het ARAR wordt voor een toelichting op deze wijzigingen verwezen naar de Nota van toelichting bij het genoemde besluit van 30 september 1993. De wijziging van genoemde artikelen uit het ARAR is op 1 augustus 1993 (datum van inwerkingtreding van Hoofdstuk I van de Wet TBA) in werking getreden. Voor de sector politie is genoemde datum van inwerkingtreding echter niet mogelijk, aangezien het BBP pas op 1 april 1994 in werking is getreden. Aan de wijziging van de artikelen 42, 44 en 45 van het BBP waarin artikel I, onderdelen J, K en L van het besluit voorziet, kan dan ook slechts terugwerkende kracht worden verleend tot en met 1 april 1994. Op 1 april 1993 is bij de overheid het sectorenmodel ingevoerd. Vanaf die datum worden de onderhandelingen over arbeidsvoorwaarden en werkgelegenheid in acht afzonderlijke sectoren gevoerd. Dit betekent dat vanaf genoemde datum een salarisverhoging voor burgerlijk personeel niet meer 'automatisch' doorwerkt naar de salarissen van het politiepersoneel en een verhoging in laatstgenoemde salarissen bij afzonderlijk besluit dient te geschieden. Op 2 november 1993 werd met de ondertekening van het akkoord arbeidsvoorwaarden en werkgelegenheid voor de sector politie over de periode 1 april 1993 tot 1 april 1995 onder meer overeengekomen dat per 1 juli 1993 en 1 januari 1995 een salarisverhoging zou plaatsvinden ter grootte van 1,8% respectievelijk 0,25%. Tevens werd overeengekomen het percentage van de vaste component inconveniëntentoelage voor de schalen 1 tot en met 5 van bijlage I te verhogen. Deze maatregelen werden reeds bekendgemaakt bij circulaires van 19 november 1993, nr. EA93/U3409 en nr. EA93/U3410. Het onderhavige besluit strekt er onder meer toe de salarisverhoging per 1 januari 1995 te formaliseren door het opnieuw vaststellen van de bijlagen bij het BBP in artikel I, onderdeel A. In bijlage I van het BBP is in de salarisschalen 1 tot en met 5 de leeftijd van 21 jaar en het daarbij behorende (jeugd-)salaris geschrapt. Op grond van artikel 8, eerste lid, onder a, van het BBP wordt voor de ambtenaar van 21 en ouder die wordt bezoldigd volgens één van de salarisschalen 1 tot en met 5 van bijlage I van het BBP het salaris vastgesteld op het minimum van de desbetreffende salarisschaal. Tevens voorziet het besluit in artikel I, onderdelen D tot en met H, in de gebruikelijke aanpassingen van de bedragen van enkele toelagen respectievelijk vergoedingen in het BBP alsmede van het minimumbedrag van de vakantie-uitkering. Zoals hierboven vermeld is het BBP op 1 april 1994 in werking getreden. De formalisering van de salarisverhoging van 1,8% over de periode van 1 juli 1993 tot en met 31 maart 1994 zal bij afzonderlijk besluit plaatsvinden, waarin ook enkele andere onderwerpen die betrekking hebben op de situatie voor 1 april 1994 zullen worden geregeld. De salarisverhoging per 1 januari 1995 is tweeledig van karakter. Enerzijds worden in de salarisbedragen in overeenstemming gebracht met de aanpassing van de salarissen ingevolge de Wet financiële voorzieningen privatisering ABP (wet FVP/ABP), anderzijds vindt de formalisering plaats van de salarisverhoging van 0,25%. Ingevolge artikel 34 van de wet FVP/ABP worden met ingang van 1 januari 1995 de salarissen van in beginsel het gehele overheidspersoneel aangepast met de percentages die worden vermeld in tabel I van bijlage 1 van die wet. Deze aanpassing is gedifferentieerd. Het betreft een verhoging van 4,84% voor de laagste salarisbedragen tot en met een verlaging van 0,9% voor de hoogste salarisbedragen. De beide maatregelen worden in het onderhavige besluit gecombineerd verwerkt. De berekening van de nieuwe bedragen heeft cumulatief plaatsgevonden in de volgorde, aangegeven in genoemd artikel 34: eerst is de aanpassing berekend op grond van de wet FVP/ABP en daarna is de salarisverhoging van 0,25% toegepast. Behoudens voor wat betreft de pensioenen dragen de wijzigingen in de bezoldiging van het politiepersoneel een algemeen karakter. Tot en met 1994 waren de algemene salariswijzigingen van het burgerlijk rijkspersoneel relevant voor de aanpassing van de pensioenen. Vanaf 1 januari 1995 geldt echter een andere systematiek, die is neergelegd in onder andere artikel A 8 van de Algemene Burgerlijke Pensioenwet (Abp-wet). Deze systematiek houdt in dat voor de aanpassing van de pensioenen niet meer uitsluitend de algemene salariswijziging van het burgerlijk rijkspersoneel relevant is, maar het gewogen gemiddelde van de algemene salarisverhogingen voor het (gehele) overheidspersoneel en het personeel, bedoeld in artikel B 2 van de Abp-wet. Onder het begrip adspirant vallen degenen die zijn aangesteld tot adspirant en die een basisopleiding volgen. Er zijn adspiranten op de drie verschillende instroomniveaus in de politie-organisatie: allen die een basisopleiding volgen om na het succesvol voltooien daarvan in te stromen op het niveau van surveillant van politie, agent of inspecteur. De adspiranten die een voltooide academische opleiding hebben en een opleiding tot inspecteur volgen, ontvangen ongeacht hun leeftijd een salaris. In artikel 3 van het BBP wordt thans alleen gesproken over een maandgeld voor de adspirant die de 25-jarige leeftijd nog niet heeft bereikt en een salaris voor de adspirant van 25 jaar en ouder. Het onderhavige besluit voorziet in artikel I, onderdeel C, in wijziging van artikel 3 van het BBP, zodat een adspirant met een voltooide academische opleiding die een opleiding tot inspecteur volgt, een salaris ontvangt ongeacht zijn leeftijd. Bijlage 1 behorende bij het Besluit bezoldiging politie, bevattende de salarisschalen van politieambtenaren in guldens per maand met leeftijd respectievelijk salarisanciënniteit in jaren Schaal 1 leeftijd 1-04-1994 1-01-1995 15 1104 1157 16 1104 1157 17 1104 1157 18 1324 1388 19 1545 1619 20 1766 1850 sal.anc. 0 2207 2313 1 2309 2415 2 2411 2518 3 2461 2565 U8 2515 2620 U10 2572 2676 U12 2643 2749 Schaal 2 leeftijd 1-04-1994 1-01-1995 15 1129 1182 16 1129 1182 17 1129 1182 18 1355 1418 19 1581 1655 20 1806 1891 sal.anc. 0 2258 2364 1 2359 2469 2 2461 2565 3 2572 2676 4 2643 2749 U9 2724 2833 U11 2814 2933 U13 2909 3031 Schaal 3 leeftijd 1-04-94 1-01-95 16 1155 1208 17 1155 1208 18 1385 1449 19 1616 1691 20 1847 1932 sal.anc. 0 2309 2415 1 2359 2469 2 2461 2565 3 2572 2676 4 2724 2833 5 2814 2933 6 2909 3031 U11 3002 3125 U13 3095 3219 U15 3186 3309 Schaal 4 leeftijd 1-04-94 1-01-95 16 1180 1235 17 1180 1235 18 1415 1481 19 1651 1728 20 1887 1974 sal.anc. 0 2359 2469 1 2411 2518 2 2515 2620 3 2643 2749 4 2814 2933 5 2909 3031 6 3002 3125 7 3095 3219 U12 3186 3309 U14 3274 3399 U16 3362 3488 Schaal 5 leeftijd. 1-04-94 1-01-95 17 1231 1283 18 1477 1539 19 1723 1796 20 1969 2052 sal. anc. 0 2461 2565 1 2572 2676 2 2724 2883 3 2909 3031 4 3002 3125 5 3095 3219 6 3186 3309 7 3274 3399 8 3362 3488 U13 3452 3575 U15 3541 3667 Schaal 6 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 2643 2749 1 2724 2833 2 2909 3031 3 3095 3219 4 3186 3309 5 3274 3399 6 3362 3488 7 3452 3575 8 3541 3667 9 3630 3757 10 3716 3842 Schaal 7 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 3002 3125 1 3095 3219 2 3274 3399 3 3452 3575 4 3541 3667 5 3630 3757 6 3716 3842 7 3806 3935 8 3900 4029 9 3997 4127 10 4091 4239 Schaal 8 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 3452 3575 1 3630 3757 2 3806 3935 3 3997 4127 4 4091 4239 5 4190 4341 6 4285 4429 7 4381 4525 8 4475 4624 9 4569 4716 10 4662 4800 Schaal 9 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 3630 3757 1 3716 3842 2 3900 4029 3 4091 4239 4 4285 4429 5 4475 4624 6 4662 4800 7 4758 4886 8 4945 5059 9 5152 5251 10 5356 5432 Schaal 10 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 3716 3842 1 3806 3935 2 3997 4127 3 4190 4341 4 4381 4525 5 4569 4716 6 4758 4886 7 4945 5059 8 5152 5251 9 5356 5432 10 5564 5594 11 5762 5765 12 5959 5956 Schaal 11 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 4945 5059 1 5152 5251 2 5356 5432 3 5564 5594 4 5762 5765 5 5959 5956 6 6156 6147 7 6339 6329 8 6521 6511 9 6704 6694 10 6887 6870 11 6981 6964 Schaal 12 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 6156 6147 1 6339 6329 2 6521 6511 3 6704 6694 4 6887 6870 5 7073 7055 6 7256 7238 7 7439 7413 8 7623 7596 9 7852 7825 10 7973 7937 Schaal 13 sal.anc. 1-04-95 1-01-95 0 6887 6870 1 7073 7055 2 7256 7238 3 7439 7413 4 7623 7596 5 7852 7825 6 8088 8051 7 8318 8280 8 8548 8510 9 8676 8619 Schaal 14 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 7439 7413 1 7623 7596 2 7852 7825 3 8088 8051 4 8318 8280 5 8548 8510 6 8795 8737 7 9037 8979 8 9287 9226 9 9543 9481 Schaal 15 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 8088 8051 1 8318 8280 2 8548 8510 3 8795 8737 4 9037 8979 5 9287 9226 6 9543 9481 7 9851 9787 8 10169 10103 9 10497 10429 Schaal 16 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 8795 8737 1 9037 8979 2 9287 9226 3 9543 9481 4 9851 9787 5 10169 10103 6 10497 10429 7 10836 10765 8 11185 11112 9 11546 11471 Schaal 17 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 9543 9481 1 9851 9787 2 10169 10103 3 10497 10429 4 10836 10765 5 11185 11112 6 11546 11471 7 11918 11841 8 12303 12223 9 12700 12617 Schaal 18 sal.anc. 1-07-93 1-01-95 0 10497 10429 1 10836 10765 2 11185 11112 3 11546 11471 4 11918 11841 5 12303 12223 6 12700 12617 7 13109 13024 8 13532 13444 9 13969 13877 Bijlage 1A behorende bij het Besluit bezoldiging politie, bevattende de salarisschalen van politieambtenaren die als GARANTIESCHALEN gelden in guldens per maand met de salarisanciëniteit in jaren Schaal 2 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 4662 4800 1 4758 4886 2 4945 5059 3 5152 5251 4 5356 5432 5 5431 5488 6 5507 5556 Schaal 3 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 3997 4127 1 4190 4341 2 4381 4525 3 4569 4716 4 4758 4886 5 4945 5059 6 5152 5251 7 5356 5432 8 5564 5594 9 5762 5765 10 5959 5956 11 5988 5985 Schaal 4A sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 4945 5059 1 5152 5251 2 5356 5432 3 5564 5594 4 5762 5765 5 5959 5956 6 6013 6010 Schaal 6 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 5152 5251 1 5356 5432 2 5564 5594 3 5762 5765 4 5959 5956 5 5988 5985 6 6112 6103 7 6233 6224 8 6342 6333 9 6452 6443 10 6559 6549 Schaal 8 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 6156 6147 1 6339 6329 2 6521 6511 3 6704 6694 4 6887 6870 5 7073 7055 6 7256 7238 7 7623 7596 8 7852 7825 9 7973 7937 10 8144 8107 11 8287 8250 Schaal 12 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 8318 8280 1 8548 8510 2 8795 8737 3 9037 8979 4 9287 9226 5 9543 9481 6 9827 9763 7 9954 9889 Schaal 15 sal.anc. 1-04-94 1-01-95 0 6887 6870 1 7073 7055 2 7256 7238 3 7439 7413 4 7623 7596 5 7852 7825 6 8088 8051 7 8318 8280 8 8548 8510 9 8676 8619 10 8705 8649 11 8842 8784
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Besluit van 13 december 1995, houdende wijziging van het Besluit bezoldiging politie in verband met onder meer de maatregelen gericht op de terugdringing van het beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen en een salarisverhoging in 1995 voor politie-ambtenaren
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in