Wet van 31 maart 2011 tot aanpassing van enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen
This provision brings several bodies under the Kaderwet zelfstandige bestuursorganen and sets reporting, approval, publication, and governance rules for them.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 1 Jul 2014
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Wet van 31 maart 2011 tot aanpassing van enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Wet van 31 maart 2011 tot aanpassing van enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen
AI-assisted research summary: This provision brings several bodies under the Kaderwet zelfstandige bestuursorganen and sets reporting, approval, publication, and governance rules for them.
Staatsblad Wet van 31 maart 2011 tot aanpassing van enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: A 3. De Kaderwet zelfstandige bestuursorganen is op het College van toepassing. B Het College bestaat uit ten hoogste zeventien leden, de voorzitter daaronder begrepen. De leden worden benoemd voor een periode van ten hoogste vier jaren en zijn herbenoembaar. Het College stelt een bestuursreglement vast. Het College maakt zijn bestuursreglement openbaar. C D A 6. De Kaderwet zelfstandige bestuursorganen is op de zorgautoriteit van toepassing, met uitzondering van artikel 17 van die wet. B 4. De leden van de zorgautoriteit hebben geen financiële of andere belangen bij instellingen of bedrijven die hun onpartijdigheid in het gedrang kunnen brengen. C D 1. Onze Minister kan de zorgautoriteit een algemene aanwijzing geven met betrekking tot: de onderwerpen waaromtrent de zorgautoriteit ingevolge deze wet bevoegd is regels vast te stellen; de onderwerpen waaromtrent de zorgautoriteit ingevolge deze wet bevoegd is beleidsregels vast te stellen. E Ea F 1. De zorgautoriteit zendt jaarlijks voor 1 oktober tegelijk met de begroting een werkprogramma voor het volgende kalenderjaar aan Onze Minister met een beschrijving van de activiteiten die de zorgautoriteit voornemens is ter uitvoering van haar taken te verrichten. 2. Onverminderd artikel 27 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen bevat de begroting een meerjarenraming van de beheerskosten voor de vier kalenderjaren, volgend op het begrotingsjaar. G H 3. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: de inhoud en inrichting van het werkprogramma, bedoeld in artikel 11; de inhoud en inrichting van het jaarverslag, de begroting en de jaarrekening, bedoeld in de artikelen 18, 26 en 34 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen; de accountantscontrole van de jaarrekening; de omvang van de egalisatiereserve, bedoeld in artikel 33 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen. 5. Onverminderd artikel 35, vierde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen doet de accountant tevens verslag van zijn bevindingen over de vraag of het beheer en de organisatie van de zorgautoriteit voldoen aan de eisen van rechtmatigheid, ordelijkheid en controleerbaarheid. I 1. Na de goedkeuring, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van deze wet en in de artikelen 29, eerste lid, en 34, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, stelt de zorgautoriteit het werkprogramma, de begroting, het jaarverslag en de jaarrekening algemeen verkrijgbaar. 2. Onze Minister brengt zijn oordeel over het functioneren van de zorgautoriteit ter kennis van beide kamers der Staten-Generaal. J K L A B C D Telkens binnen een periode van vijf jaar brengt de centrale commissie een rapport uit aan Onze Minister, waarin de taakvervulling van de centrale commissie aan een onderzoek wordt onderworpen en voorstellen kunnen worden gedaan voor gewenste veranderingen. Onze Minister neemt zijn opvattingen over dit rapport op in het verslag, bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen en voegt het rapport bij dat verslag. E F 2. Het verslag, bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, maakt onderdeel uit van het in het eerste lid bedoelde verslag. 11. De Kaderwet zelfstandige bestuursorganen is van toepassing op een orgaan als bedoeld in het tweede lid, onder e, voor zover dit orgaan werkzaamheden uitoefent met betrekking tot een erkend specialistenregister. In afwijking van de eerste volzin is artikel 22 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen niet van toepassing, voor zover het besluiten betreft ter zake van de inschrijving. 2. Op de uitvoering van de in het eerste lid bedoelde taak door een orgaancentrum waaraan daartoe een vergunning is verleend, is de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen van toepassing, met uitzondering van artikel 22 van die wet, voor zover het besluiten betreft met betrekking tot het toewijzen van organen. A 3. De Kaderwet zelfstandige bestuursorganen is op de organisatie van toepassing. B C 2. Benoeming van de leden van het bestuur vindt plaats op persoonlijke titel. D E 3. Onverminderd artikel 27 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, is in de begroting een meerjarenraming opgenomen. F Het bestuur stelt het jaarverslag en de jaarrekening, bedoeld in de artikelen 18 en 34 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, algemeen verkrijgbaar. G 2. Onverminderd artikel 35, vierde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen doet de accountant tevens verslag van zijn bevindingen over de vraag of het beheer en de wijze waarop de organisatie is georganiseerd voldoen aan de eisen van rechtmatigheid, ordelijkheid en controleerbaarheid. H A 5. De Kaderwet zelfstandige bestuursorganen is op het College zorgverzekeringen van toepassing. B C D E 1. Het College zorgverzekeringen zendt jaarlijks voor 1 oktober tegelijk met de begroting een werkprogramma voor het volgende kalenderjaar aan Onze Minister met een beschrijving van de activiteiten die het College zorgverzekeringen voornemens is ter uitvoering van zijn taken te verrichten. 2. Onverminderd artikel 27 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen bevat de begroting een meerjarenraming van de beheerskosten voor de vier kalenderjaren, volgend op het begrotingsjaar. F G 1. De in artikel 26 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen bedoelde begroting heeft betrekking op de beheerskosten van het College zorgverzekeringen. 2. De in artikel 34 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen bedoelde jaarrekening van het College zorgverzekeringen heeft betrekking op de beheerskosten van het College zorgverzekeringen. 3. Het in artikel 18 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen bedoelde jaarverslag van het College zorgverzekeringen heeft wat betreft de uitvoering van artikel 122a uitsluitend betrekking op de bedrijfsvoering ter zake. 4. Onverminderd artikel 35, vierde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen doet de accountant tevens verslag van zijn bevindingen over de vraag of het beheer en de organisatie van het College zorgverzekeringen voldoen aan de eisen van rechtmatigheid, ordelijkheid en controleerbaarheid. H 1. Het werkprogramma, bedoeld in artikel 71, de jaarrekeningen, bedoeld in de artikelen 74 en 122a, tiende lid, en de begroting, bedoeld in artikel 122a, zevende lid, behoeven de goedkeuring van Onze Minister. 3. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over: de inhoud en de inrichting van het werkprogramma, bedoeld in artikel 71; de inhoud en de inrichting van de begrotingen, bedoeld in artikel 122a, zevende lid, alsmede in artikel 26 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen; de inhoud en de inrichting van de jaarrekeningen, bedoeld in de artikelen 74 en 122a, tiende lid, alsmede in artikel 34 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen; de inhoud en de inrichting van de jaarverslagen, bedoeld in de artikelen 74 en 122a, elfde lid, alsmede in artikel 18 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen; de accountantscontrole van de jaarrekeningen van het College zorgverzekeringen; de omvang van de egalisatiereserve, bedoeld in artikel 33 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen. I Na de goedkeuring, bedoeld in artikel 75, eerste lid, en de goedkeuring, bedoeld in de artikelen 29, eerste lid, en 34, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, stelt het College zorgverzekeringen de in artikel 75, derde lid, onder a, b, c, en d, genoemde stukken algemeen verkrijgbaar. J K 10. Het College zorgverzekeringen zendt jaarlijks voor 15 maart aan Onze Minister een jaarrekening waarin het rekening en verantwoording aflegt over de verstrekte bijdragen, bedoeld in het eerste lid, in het afgelopen kalenderjaar. 11. De jaarrekening, bedoeld in het tiende lid, wordt zoveel mogelijk ingericht met overeenkomstige toepassing van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en gaat vergezeld van een jaarverslag omtrent het door het College zorgverzekeringen gevoerde beleid bij het verstrekken van de in het eerste lid bedoelde bijdragen, de doeltreffendheid van dat beleid en de uitvoering van het werkprogramma ter zake in het afgelopen kalenderjaar. 12. De artikelen 40, tweede tot en met elfde lid, 72, tweede tot en met vijfde lid, 74, derde, vierde en vijfde lid, en 75, vierde lid, zijn van overeenkomstige toepassing. Onze Minister zendt iedere vijf jaar aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk. artikel 35, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, voor zover het de controle betreft van de financiële verantwoordingen van de Nederlandse Zorgautoriteit, het College voor zorgverzekeringen en de organisatie ZorgOnderzoek Nederland; 1. Na de inwerkingtreding van deze wet berusten de Regeling bezoldiging en beheerskosten bestuursorganen volksgezondheid alsmede de Regeling Geneesmiddelenwet mede op artikel 14 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen. 2. Na de inwerkingtreding van deze wet berusten de Vergoedingenregeling bestuur ZorgOnderzoek Nederland alsmede de Vergoedingenregeling centrale commissie medisch-wetenschappelijk onderzoek op artikel 14 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen. J Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. Kamerstuk 31 950
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Wet van 31 maart 2011 tot aanpassing van enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in