Wet van 28 oktober 1999 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht, enige andere wetboeken en enige wetten (opheffing algemeen bordeelverbod)
Read the stored legal text, review its version and status evidence, or ask LexChat a question grounded in exact provisions.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 10 Jul 2014
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Wet van 28 oktober 1999 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht, enige andere wetboeken en enige wetten (opheffing algemeen bordeelverbod)
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Wet van 28 oktober 1999 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht, enige andere wetboeken en enige wetten (opheffing algemeen bordeelverbod)
Staatsblad Wet van 28 oktober 1999 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht, enige andere wetboeken en enige wetten (opheffing algemeen bordeelverbod) Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om het algemene bordeelverbod op te heffen en te vervangen door een verbod van exploitatie van onvrijwillige prostitutie en van prostitutie door minderjarigen, en het klachtvereiste inzake kinderprostitutie te laten vervallen, en in verband daarmee en in verband met het voornemen de bijkomende straf van plaatsing in een rijkswerkinrichting af te schaffen, het Wetboek van Strafrecht, het Wetboek van Strafvordering en het Burgerlijk Wetboek en enige wetten te wijzigen; Het Wetboek van Strafrecht wordt als volgt gewijzigd: In de artikelen 71, onderdeel 3°, en 77d, tweede lid, wordt «250ter» telkens vervangen door: 250a. In artikel 245, tweede lid, wordt na «249» ingevoegd: en de gevallen waarin degene ten aanzien van wie het feit is gepleegd zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen tegen betaling. In artikel 247, tweede lid, wordt na «249» ingevoegd: en de gevallen waarin die persoon zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen tegen betaling. Artikel 248ter wordt als volgt gewijzigd: Het artikel wordt verletterd tot artikel 248a. In het eerste lid vervalt de zinsnede: van onbesproken gedrag. Na artikel 248a wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende: Hij die ontucht pleegt met iemand die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling en die de leeftijd van zestien jaren maar nog niet de leeftijd van 18 jaren heeft bereikt, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie. Artikel 250bis vervalt. Na verlettering van artikel 250ter tot 250a komt artikel 250a te luiden: Met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt gestraft: 1°. degene die een ander door geweld of een andere feitelijkheid of door bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid dwingt dan wel door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht of door misleiding beweegt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling, dan wel onder voornoemde omstandigheden enige handeling onderneemt waarvan hij of zij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor tot het verrichten van die handelingen beschikbaar stelt; 2°. degene die een persoon aanwerft, medeneemt of ontvoert met het oogmerk die persoon in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling; 3°. degene die een ander ertoe brengt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling, dan wel ten aanzien van een ander enige handeling onderneemt waarvan hij of zij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor tot het verrichten van die handelingen beschikbaar stelt, terwijl die ander minderjarig is; 4°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit seksuele handelingen van een ander met een derde tegen betaling, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich onder de onder 1° genoemde omstandigheden beschikbaar stelt tot het plegen van die handelingen; 5°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit seksuele handelingen van een ander met een derde tegen betaling, indien die ander minderjarig is; 6°. degene die een ander door geweld of een andere feitelijkheid of door bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid dwingt dan wel door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht of door misleiding beweegt hem of haar uit de opbrengst van zijn of haar seksuele handelingen met een derde te bevoordelen. De schuldige wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste acht jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien: 1°. de feiten, omschreven in het eerste lid, worden gepleegd door twee of meer verenigde personen; 2°. de minderjarige de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt; 3°. geweld of een andere feitelijkheid als bedoeld in het eerste lid zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft. De feiten, omschreven in het eerste lid, gepleegd door twee of meer verenigde personen onder de omstandigheden, bedoeld in het tweede lid, onder 2° en 3°, worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie. Artikel 251 wordt als volgt gewijzigd: In het eerste lid wordt «242–247» onderscheidenlijk «248ter–250ter» vervangen door: 242 tot en met 247 onderscheidenlijk 248a tot en met 250a. In het tweede lid wordt «248ter–250ter» vervangen door: 248a tot en met 250a. De artikelen 432, 433 en 434 vervallen. Artikel 453 wordt als volgt gewijzigd: In het eerste lid wordt na «gestraft met» ingevoegd: hechtenis van ten hoogste twaalf dagen of. Het tweede, derde en vierde lid vervallen, alsmede het cijfer «1» voor het eerste lid. Het Wetboek van Strafvordering wordt als volgt gewijzigd: Artikel 67, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering wordt als volgt gewijzigd: In onderdeel b vervalt: artikel 250bis,. Onderdeel c vervalt. Onderdeel d wordt verletterd tot onderdeel c. Artikel 551, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: «92–96» onderscheidenlijk «97a–98c» wordt vervangen door: 92 tot en met 96 onderscheidenlijk 97a tot en met 98c. «248ter» onderscheidenlijk «250ter» wordt vervangen door: 248a onderscheidenlijk 250a. «250bis,» vervalt. In artikel 310, vierde lid, van boek 3 van het Burgerlijk Wetboek wordt «250ter» vervangen door: 250a. In artikel 54, eerste lid, van het Wetboek van Militair Strafrecht wordt «248ter» vervangen door: 248a. Artikel 56, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de rechterlijke organisatie wordt als volgt gewijzigd: «432–434» en de komma daarna vervallen. «465–467» wordt vervangen door: 465 tot en met 467. Artikel 4, eerste lid, onderdeel a, onderdeel 2°, van de Wet op de justitiële documentatie en op de verklaringen omtrent het gedrag komt te luiden: 2°. wegens overtredingen, indien daarbij vrijheidsstraf – anders dan vervangende – is opgelegd. In de Gemeentewet wordt na artikel 151 een artikel ingevoegd, luidende: De raad kan een verordening vaststellen waarin voorschriften worden gesteld met betrekking tot het bedrijfsmatig geven van gelegenheid tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen betaling. Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. Laatstelijk gewijzigd bij de wet van 19 april 1999, Stb. 194. Laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 mei 1999, Stb. 245. Laatstelijk gewijzigd bij de wet van 16 september 1999, Stb. 408. Laatstelijk gewijzigd bij de Rijkswet van 2 juni 1999, Stb. 343. Stb. 1999, 195, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 mei 1999, Stb. 245. Stb. 1955, 395, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 19 april 1999, Stb. 194. Stb. 1994, 762, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 28 januari 1999, Stb. 30. Zie voor de behandeling in de Staten-Generaal: Kamerstukken II 1996/1997, 1997/1998, 1998/1999, 1999/2000, 25 437. Handelingen II 1998/1999, blz. 3037–3072; 3101–3123; 3135–3162; 3179–3180. Kamerstukken I 1998/1999, 25 437 (189, 189a, 189b, 189c, 189d, 189e); 1999/2000, 25 437 (14, 14a, 14b). Handelingen I 1999/2000, blz. 2–22, zie vergadering d.d. 26 oktober 1999.
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Wet van 28 oktober 1999 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht, enige andere wetboeken en enige wetten (opheffing algemeen bordeelverbod)
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in