Wet van 15 december 2021 tot wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2022)
Deze sectie bevat meerdere regels over studietoeslag, beslagvrije voet, gegevensverstrekking door UWV, en enkele overgangs- en inburgeringsbepalingen.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 20 Dec 2021
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Wet van 15 december 2021 tot wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2022)
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Wet van 15 december 2021 tot wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2022)
AI-assisted research summary: Deze sectie bevat meerdere regels over studietoeslag, beslagvrije voet, gegevensverstrekking door UWV, en enkele overgangs- en inburgeringsbepalingen.
Staatsblad Wet van 15 december 2021 tot wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2022) Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze: AANBESTEDINGSWET 2012 ALGEMENE KINDERBIJSLAGWET ALGEMENE NABESTAANDENWET A B ALGEMENE OUDERDOMSWET aA A De voordelen uit artikel 55 voortvloeiende komen enkel toe aan degene die in Nederland woont. B Bij algemene maatregel van bestuur kan onder daarbij te stellen voorwaarden worden bepaald, dat voor de toepassing van de artikelen 55 en 56 het wonen buiten Nederland wordt gelijkgesteld met het wonen in Nederland. ARBEIDSWET 2000 BES de datum vallende na de datum van de in het openbaar lichaam Saba gehouden Carnavalsoptocht;. voor het openbaar lichaam Sint Eustatius de datum 1 juli;. BESLUIT GELIJKSTELLING NIET-NEDERLANDERS MET NEDERLANDERS (ALGEMENE OUDERDOMSWET) PARTICIPATIEWET aaA de bijstand, bedoeld in artikel 35 en de individuele inkomenstoeslag, bedoeld in artikel 36; aA A Aa B C Ca Cb Studietoeslag 1. In aanvulling op artikel 7 verstrekt het college op verzoek van een belanghebbende die als rechtstreeks gevolg van een ziekte of gebrek structureel niet in staat is naast de studie inkomsten te verwerven, een studietoeslag waarvan de hoogte, die voor naar leeftijd te onderscheiden categorieën belanghebbenden verschillend kan zijn, bij algemene maatregel van bestuur wordt vastgesteld. 2. Bij de beoordeling of recht bestaat op de studietoeslag vraagt het college een geneeskundig advies, tenzij zonder dit advies vastgesteld kan worden dat recht bestaat op de studietoeslag. 3. Het verzoek kan worden gedaan door een belanghebbende die: studiefinanciering ontvangt op grond van de Wet studiefinanciering 2000, niet zijnde het levenlanglerenkrediet, of een tegemoetkoming krijgt op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; en geen recht heeft op een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten. 4. De belanghebbende doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op de studietoeslag. Deze verplichting geldt niet als die feiten en omstandigheden door het college kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is. 5. De belanghebbende die in het kader van zijn studie inkomsten uit een stage ontvangt, behoudt het recht op de studietoeslag, met dien verstande dat de hoogte van de studietoeslag wordt verminderd met het bedrag aan inkomsten uit de stage voor zover dat het een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen bedrag te boven gaat. 6. Artikel 40, eerste lid, en paragraaf 6.4, zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat waar «bijstand» staat steeds gelezen wordt «studietoeslag». D E F Overgangsrecht in verband met de Verzamelwet SZW 2022 1. Artikel 10d, twaalfde lid, zoals dat luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI, onderdeel A, van de Verzamelwet SZW 2022, blijft van toepassing indien de ziekmelding, bedoeld in artikel 38a, derde lid, van de Ziektewet voor dat tijdstip is gedaan. 2. De artikelen 5, onderdeel d, 35 en 36b, zoals deze luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI, onderdeel Cb, van de Verzamelwet SZW 2022 blijven van toepassing op de persoon aan wie een individuele studietoeslag is verleend, indien het verleende bedrag tot een hoger bedrag aan individuele studietoeslag leidt dan een studietoeslag op grond van artikel 36b. TOESLAGENWET WERKLOOSHEIDSWET A B Ba C 8. Voor de toepassing van dit artikel en van artikel 42 wordt niet als loon beschouwd het voordeel van het voor privé-doeleinden ter beschikking stellen van een auto, bedoeld in artikel 13bis van de Wet op de loonbelasting 1964. WET ARBEID EN ZORG A 6. Indien het gaat om een werknemer waarvoor de werkgever loonkostensubsidie als bedoeld in artikel 10d, eerste of tweede lid, van de Participatiewet ontvangt en de werknemer recht heeft op een uitkering als bedoeld in artikel 3:7, eerste lid, wordt de uitkering vermenigvuldigd met de voor die werknemer vastgestelde loonwaarde, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel g, van de Participatiewet. 7. Voor de toepassing van het zesde lid wordt: indien de voor de werknemer vastgestelde loonwaarde lager is dan 30 procent, de loonwaarde gesteld op 30 procent; indien de loonkostensubsidie, met toepassing van artikel 10d, eerste lid, onderdeel b, van de Participatiewet wordt verstrekt zonder dat de loonwaarde is vastgesteld, de loonwaarde gesteld op 50 procent. 8. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het zesde en zevende lid. B Overgangsrecht in verband met wijziging samenloop met loonkostensubsidie Participatiewet Artikel 3:13, zesde tot en met het achtste lid, is niet van toepassing indien de aanvraag van de uitkering, bedoeld in artikel 3:7, eerste lid, is ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel IX, onderdeel A, van de Verzamelwet SZW 2022. C WET ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVOORZIENING JONGGEHANDICAPTEN A B mee te werken aan activiteiten of werkzaamheden, gericht op inschakeling in de arbeid, die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wenselijk acht voor verkrijging van de mogelijkheden tot het verrichten van passende arbeid; mee te werken aan aanpassing van de arbeidsplaats en aan persoonsgebonden voorzieningen die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt voor verkrijging van mogelijkheden tot het verrichten van passende arbeid en zo nodig te trachten die aanpassing en die voorzieningen te verkrijgen. C in voldoende mate te trachten passende arbeid te verkrijgen; geen eisen te stellen in verband met de door hem te verrichten arbeid die het aanvaarden of verkrijgen van passende arbeid belemmeren. 5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld op grond waarvan aan jonggehandicapten die recht hebben op arbeidsondersteuning in individuele gevallen tijdelijk ontheffing kan worden verleend van de voorwaarden, bedoeld in het tweede lid, onderdelen c of d. D 3. De jonggehandicapte die recht heeft op arbeidsondersteuning ontvangt inkomensondersteuning als bedoeld in het eerste lid, indien en zolang hij meewerkt aan het opstellen van het participatieplan. E 4. In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, en het derde lid bedraagt de inkomensondersteuning, bedoeld in artikel 2:39, eerste lid, per dag, bij een inkomen per dag dat naast een gedispenseerd loon tevens is opgebouwd uit andere inkomensbestanddelen: (0,7 * G) – (0,7 * ((CF * Ia)+Io)); of ((Ia/LW) + Io)–I, voor zover dit leidt tot een hoger bedrag aan inkomensondersteuning per dag. 5. In het eerste tot en met het vierde lid staat: G voor grondslag; I voor het inkomen per dag; LW voor de verminderde arbeidsprestatie, bedoeld in artikel 2:20, eerste lid, uitgedrukt in een percentage; Ia voor de gedispenseerde inkomensbestanddelen per dag; Io voor de overige niet gedispenseerde inkomensbestanddelen per dag, waarbij Io = I-Ia; en CF voor de compensatiefactor, vastgesteld op basis van LW. Ea F 4. In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, en het derde lid bedraagt de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 3:3, eerste lid, per dag, bij een inkomen per dag dat naast een gedispenseerd loon tevens is opgebouwd uit andere inkomensbestanddelen: (0,7 * G) – (0,7 * ((CF * Ia) + Io)); of ((Ia/LW) + Io)–I, voor zover dit leidt tot een hoger bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkering per dag. 5. In het eerste tot en met het vierde lid staat: G voor grondslag; I voor het inkomen per dag; LW voor de verminderde arbeidsprestatie, bedoeld in artikel 3:63, eerste lid, uitgedrukt in een percentage; Ia voor de gedispenseerde inkomensbestanddelen per dag; Io voor het overige niet gedispenseerde inkomensbestanddeel per dag, waarbij Io = I-Ia; en CF voor de compensatiefactor, vastgesteld op basis van LW. G WET ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERING ZELFSTANDIGEN WET ARBEIDSVOORWAARDEN GEDETACHEERDE WERKNEMERS IN DE EUROPESE UNIE A B De werkgever mag de werknemer niet benadelen wegens de omstandigheid dat de werknemer een gerechtelijke of administratieve procedure start om de in deze wet of de in artikel 2a van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten aan hem toegekende rechten geldend te maken. WET BETAALD OUDERSCHAPSVERLOF WET BEVORDERING INTEGRITEITSBEOORDELINGEN DOOR HET OPENBAAR BESTUUR WETBOEK VAN BURGERLIJKE RECHTSVORDERING A B 7. Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing bij opgave van de beslagvrije voet op de wijze, bedoeld in artikel 475dc, tweede lid. C 2. Indien sprake is van beslag op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen uitkeringen geeft de deurwaarder of, in geval van samenloop van beslagen als bedoeld in artikel 478 de coördinerende deurwaarder, bij toepassing van het eerste lid aan de derde-beslagene op dat de beslagvrijevoet 95% bedraagt van de voor de geëxecuteerde geldende bijstandsnorm inclusief vakantiebijslag, verminderd met het inkomen, bedoeld in artikel 32 van de Participatiewet. WET FINANCIERING SOCIALE VERZEKERINGEN A Voor de berekening van het herziene bedrag wordt de mate waarin het minimumloon wordt herzien, uitgedrukt in procenten en afgerond op twee decimalen. Het herziene bedrag wordt afgerond op het dichtstbijzijnde hogere veelvoud van € 2,61. 4. Uitsluitend voor de berekening van het loon waarnaar de premies en de inkomensafhankelijke bijdrage uit de Zorgverzekeringswet worden geheven, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, eerste volzin, naar beneden afgerond op hele euro’s. Voor de berekening van het loon waarnaar de premies en de inkomensafhankelijke bijdrage uit de Zorgverzekeringswet worden geheven blijft het bedrag, bedoeld in artikel 17, eerste lid, eerste volzin, zoals dat geldt per 1 januari van een kalenderjaar gedurende dat hele kalenderjaar van kracht. B C Voorts kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere voorwaarden worden gesteld aan de toepassing van de premie en over de wijze waarop de lage premie wordt herzien in de gevallen waarin met terugwerkende kracht de hoge premie van toepassing is. D E 1. In afwijking van artikel 117b, derde lid, onderdeel c, komt een door UWV te betalen WGA-uitkering als bedoeld in dat onderdeel, niet ten laste van de Werkhervattingskas indien: op grond van de artikelen 38a, negende lid, of 38b, tweede lid, van de Ziektewet geen ziekengeld is of wordt toegekend; en voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XIV, onderdeel D, van de Verzamelwet SZW 2022 bij UWV een aanvraag is gedaan om vast te stellen of de werknemer, aan wie de WGA-uitkering is toegekend, uit diezelfde dienstbetrekking recht had op ziekengeld als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel d, e, f of g, van de Ziektewet of op ziekengeld als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, van de Ziektewet, dat aan de werknemer is toegekend direct aansluitend op een dienstbetrekking waarin recht op ziekengeld als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel e, f of g, van de Ziektewet bestond. 2. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2032. WET GEGEVENSVERWERKING DOOR SAMENWERKINGSVERBANDEN WET GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING WET INBURGERING A 2. Onze Minister verlengt de nieuwe termijn, bedoeld in het eerste lid, indien de inburgeringsplichtige aannemelijk maakt dat hem geen verwijt treft ter zake van het niet tijdig afronden van het participatieverklaringstraject. 3. De verlenging, bedoeld in het tweede lid, kan telkens voor ten hoogste een jaar worden verleend. B C 2. Onze Minister verlengt de nieuwe termijn, bedoeld in het eerste lid, indien de inburgeringsplichtige aannemelijk maakt dat hem geen verwijt treft ter zake van het niet tijdig behalen van de examenonderdelen, bedoeld in artikel 7, tweede lid, onderdelen b en c. 3. De verlenging, bedoeld in het tweede lid, kan telkens voor ten hoogste twee jaar worden verleend. WET INBURGERING 2021 A B C D E 6. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers, bedoeld in artikel 2 van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers, verstrekt Onze Minister gegevens over de verblijfsplaats van de inburgeringsplichtige, waaronder de verblijfsplaats waar de inburgeringsplichtige op grond van artikel 28 van de Huisvestingswet zal worden gehuisvest. F A G H WET INKOMENSVOORZIENING OUDERE EN GEDEELTELIJK ARBEIDSONGESCHIKTE GEWEZEN ZELFSTANDIGEN WET INKOMENSVOORZIENING OUDERE EN GEDEELTELIJK ARBEIDSONGESCHIKTE WERKLOZE WERKNEMERS WET INKOMENSVOORZIENING OUDERE WERKLOZEN WET KINDEROPVANG A B 1. Artikel 1.6, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op een ouder die valt binnen de personele werkingssfeer, bedoeld in de artikelen 30 of 32 van het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, 2019/C 384 I/01 van 12 november 2019. 2. Artikel 1.6, derde lid, aanhef en onderdelen a en b, zesde lid, onderdeel a, achtste lid, negende lid, aanhef en onderdelen a en b, tiende en elfde lid, is van overeenkomstige toepassing op de partner van de ouder die valt onder de personele werkingssfeer, bedoeld in de artikelen 30 of 32 van het in het eerste lid genoemde akkoord. C D WET MINIMUMLOON EN MINIMUMVAKANTIEBIJSLAG A B WET ONGEVALLENVERZEKERING BES A B Indexatie loon per dag waarnaar uitkering is berekend 1. Het loon per dag waarnaar de uitkering is berekend, wordt voor de werknemer, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van wie het dienstverband is geëindigd, herzien met ingang van de dag waarop en in de mate waarin het bedrag, genoemd in artikel 9, eerste lid, van de Wet minimumlonen BES wordt herzien. 2. Onze Minister maakt in de Staatscourant bekend met ingang van welke dag en met welk percentage een herziening als bedoeld in het eerste lid plaatsvindt. 3. Een herziening van de uitkering als gevolg van een herziening van het dagloon vindt plaats zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. 4. Onze Minister betaalt de herziene uitkering bij de eerstvolgende uitkeringsbetaling nadat de herziening, bedoeld in het eerste lid, heeft plaatsgevonden. WET OP DE ARBEIDSONGESCHIKTHEIDSVERZEKERING A Aa B C D E WET OP DE INLICHTINGEN- EN VEILIGHEIDSDIENSTEN 2017 WET OP DE KANSSPELEN WET OP DE ONDERNEMINGSRADEN A B C 2. De ondernemingsraad kan met inachtneming van het eerste lid vaste commissies instellen voor de behandeling van door hem aangewezen onderwerpen. In een vaste commissie kunnen naast een of meer leden van de ondernemingsraad ook andere in de onderneming werkzame personen zitting hebben. De ondernemingsraad kan in het instellingsbesluit van een vaste commissie zijn rechten en bevoegdheden ten aanzien van de door hem aangewezen onderwerpen, met uitzondering van de bevoegdheid tot het voeren van rechtsgedingen, geheel of gedeeltelijk aan de betrokken commissie overdragen, indien de meerderheid van het aantal leden van de commissie uit leden van de ondernemingsraad bestaat. WET OP HET ALGEMEEN VERBINDEND EN HET ONVERBINDEND VERKLAREN VAN BEPALINGEN VAN COLLECTIEVE OVEREENKOMSTEN 8. In het geval van werkzaamheden met het oog op de initiële assemblage of de eerste installatie van een goed, die een wezenlijk bestanddeel uitmaken van een overeenkomst voor de levering van goederen, noodzakelijk zijn voor het in werking stellen van het geleverde goed en uitgevoerd worden door gekwalificeerde of gespecialiseerde werknemers van de leverende onderneming, is het eerste lid, aanhef en onder b en c, niet van toepassing, mits de duur van de detachering niet meer dan acht dagen bedraagt en het geen werkzaamheden in de sector bouwbedrijf betreft. WET OP HET KINDGEBONDEN BUDGET 5. In afwijking van artikel 9, tweede lid, van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, bestaat er wel aanspraak op kindgebonden budget voor een kind dat rechtmatig in Nederland verblijf houdt in de zin van artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000. WET ROL WERKNEMERS BIJ EUROPESE RECHTSPERSONEN WET STRUCTUUR UITVOERINGSORGANISATIE WERK EN INKOMEN A B ondersteunende instantie: een aanbieder als bedoeld in artikel 1.1.1., eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; of partijen, bestaande uit publieke instellingen, als bedoeld in artikel 2.3.2, vierde lid, onderdeel f, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. C 11. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt aan een ondersteunende instantie de gegevens die noodzakelijk zijn om contact met de uitkeringsgerechtigde op te nemen ten behoeve van hulpverlening. Dit geschiedt uitsluitend met instemming van de uitkeringsgerechtigde. WET TOT WIJZIGING VAN DE WET ARBEID VREEMDELINGEN A B WET WERK EN INKOMEN NAAR ARBEIDSVERMOGEN A B C 11. Voor de toepassing van dit artikel wordt niet als loon beschouwd het voordeel van het voor privé-doeleinden ter beschikking stellen van een auto, bedoeld in artikel 13bis van de Wet op de loonbelasting 1964. D Da E F Dit lid is van overeenkomstige toepassing, indien een voorschot op een uitkering is betaald. G H Inzage door de gemachtigde I J K 1. In afwijking van artikel 82, zesde lid, draagt de eigenrisicodrager het risico van betaling van de WGA-uitkering aan de verzekerde niet indien: op grond van artikel 38a, negende lid, of artikel 38b, tweede lid, van de Ziektewet geen ziekengeld als bedoeld in artikel 82, zesde lid, is of wordt toegekend; en voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XXXII, onderdeel E, van de Verzamelwet SZW 2022 bij UWV een aanvraag is gedaan om vast te stellen of de werknemer, aan wie de WGA-uitkering is toegekend, uit diezelfde dienstbetrekking recht had op ziekengeld als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel d, e, f of g, van de Ziektewet of op ziekengeld als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, van de Ziektewet, dat aan de werknemer is toegekend direct aansluitend op een dienstbetrekking waarin recht op ziekengeld als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel e, f of g, van de Ziektewet bestond. 2. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2032. ZIEKTEWET A B 1. Als het gaat om een werknemer waarvoor de werkgever loonkostensubsidie als bedoeld in artikel 10d, eerste of tweede lid, van de Participatiewet ontvangt en de werknemer recht heeft op ziekengeld als bedoeld in de artikelen 29, tweede lid, onderdeel e, 29a, 29b, of 29d, wordt het ziekengeld vermenigvuldigd met de voor die werknemer vastgestelde loonwaarde, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel g, van de Participatiewet. 2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt: indien de voor de werknemer vastgestelde loonwaarde lager is dan 30 procent, de loonwaarde gesteld op 30 procent; indien de loonkostensubsidie, met toepassing van artikel 10d, eerste lid, onderdeel b, van de Participatiewet wordt verstrekt zonder dat de loonwaarde is vastgesteld, de loonwaarde gesteld op 50 procent. 3. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid. Ba C D E F G Artikel 29e is niet van toepassing indien de ziekmelding, bedoeld in artikel 38a, tweede en derde lid, of artikel 38b, derde lid, is gedaan voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel XXXIII, onderdeel B, van de Verzamelwet SZW 2022. SAMENLOOP MET WETSVOORSTEL TOT WIJZIGING VAN DE PARTICIPATIEWET IN VERBAND MET HET UITSLUITEN VAN FRAUDEVORDERINGEN BIJ DE VERMOGENSTOETS EN HET BEPERKEN VAN HET VERBOD TOT MEDEWERKING AAN EEN SCHULDREGELING BIJ EEN FRAUDEVORDERING TOT GEVALLEN VAN OPZET OF GROVE SCHULD F Overgangsrecht in verband met de Verzamelwet SZW 2022 1. Artikel 10d, twaalfde lid, zoals dat luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI, onderdeel A, van de Verzamelwet SZW 2022, blijft van toepassing indien de ziekmelding, bedoeld in artikel 38a, derde lid, van de Ziektewet voor dat tijdstip is gedaan. 2. De artikelen 5, onderdeel d, 35 en 36b, zoals deze luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel VI, onderdeel Cb, van de Verzamelwet SZW 2022 blijven van toepassing op de persoon aan wie een individuele studietoeslag is verleend, indien het verleende bedrag tot een hoger bedrag aan individuele studietoeslag leidt dan een studietoeslag op grond van artikel 36b. SAMENLOOP Indien het bij koninklijke boodschap van 15 januari 2020 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Participatiewet in verband met het uitsluiten van fraudevorderingen bij de vermogenstoets en het beperken van het verbod tot medewerking aan een schuldregeling bij een fraudevordering tot gevallen van opzet of grove schuld (Kamerstukken 35 374) tot wet is of wordt verheven en de artikelen I, onderdeel Aa, Ia, Ib, Ic, Id, Ie, If, Ig, Ih, Ii, Ij en Ik van die wet: eerder in werking treden of zijn getreden dan de artikelen IA, II, onderdeel B, III, onderdeel aA, VI, onderdeel E, VIA, VII, VIII, onderdeel Ba, X, onderdelen Ea en G, XA, XVIIIA, XVIIIB, XIX, XXIII, onderdeel Aa, XXXII, onderdeel Da, XXXIII, onderdeel Ba, van deze wet, vervallen de artikelen IA, II, onderdeel B, III, onderdeel aA, VI, onderdeel E, VIII, onderdeel Ba, X, onderdeel Ea, XA, XVIIIA, XVIIIB, XXIII, onderdeel Aa, XXXII, onderdeel Da, XXXIII, onderdeel Ba, van deze wet; later in werking treden dan de artikelen IA, II, onderdeel B, III, onderdeel aA, VI, onderdeel E, VIA, VII, VIII, onderdeel Ba, X, onderdelen Ea en G, XA, XVIIIA, XVIIIB, XIX, XXIII, onderdeel Aa, XXXII, onderdeel Da, XXXIII, onderdeel Ba, van deze wet, vervallen de artikelen I, onderdeel Aa, Ia, Ib, Ic, Id, Ie, If, Ig, Ih, Ii, Ij en Ik van die wet. INWERKINGTREDING Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld, waarbij de artikelen IA, II, onderdeel B, III, onderdeel aA, VI, onderdeel E, VII, VIII, onderdeel Ba, X, onderdelen Ea en G, XA, XVIIIA, XVIIIB, XIX, XX, onderdeel A, XXIII, onderdeel Aa, XXXII, onderdeel Da, XXXIII, onderdeel Ba, kunnen terugwerken tot en met een in dat besluit te bepalen tijdstip. CITEERTITEL Deze wet wordt aangehaald als: Verzamelwet SZW 2022. Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. Kamerstuk 35 897
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Wet van 15 december 2021 tot wijziging van enkele wetten van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Verzamelwet SZW 2022)
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in