Besluit van 5 november 2001 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en enkele aanverwante wetten (indexering griffierechten bestuursrechtelijke wetten)
This decision raises several court and filing fee amounts and says it starts on 1 December 2001.
AI-assisted research synopsis — verify against the official legal text below.
- Jurisdiction
- Netherlands
- Instrument
- Act or statute
- Version
- 9 Jul 2014
- Language
- nl
- Official source
- View official record ↗
Publicly available, excluded from search-engine indexing
This page remains available for direct access and API use, but this release emits
noindex,follow for the following reason:
- The record does not meet this release's canonical indexing criteria.
(market-indexing-disabled)
Statute overview
About this statute
This page preserves the statute’s identified version, provision structure, official source link, and stored legal text for reading and research.
Search within this statute
Search all stored provisions in this version.
Legal text
Provisions of Besluit van 5 november 2001 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en enkele aanverwante wetten (indexering griffierechten bestuursrechtelijke wetten)
Showing 1 of 1
- document Verify source ↗
Besluit van 5 november 2001 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en enkele aanverwante wetten (indexering griffierechten bestuursrechtelijke wetten)
AI-assisted research summary: This decision raises several court and filing fee amounts and says it starts on 1 December 2001.
Aanhef Lichaam ARTIKEL I ARTIKEL II ARTIKEL III ARTIKEL IV ARTIKEL V ARTIKEL VI ARTIKEL VII ARTIKEL VIII ARTIKEL IX ARTIKEL X Ondertekening NOTA VAN TOELICHTING Besluit van 5 november 2001 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en enkele aanverwante wetten (indexering griffierechten bestuursrechtelijke wetten) Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Op voordracht van Onze Minister van Justitie van 28 september 2001, nr. 5122961/01/6 Gelet op artikel 8:41, vijfde lid van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 27b, tweede lid, en artikel 29a, vijfde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, artikel 22, zesde lid, van de Beroepswet, artikel 24, zesde lid Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie, artikel 40, zesde lid, van de Wet op de Raad van State, artikel 7.67 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en artikel 1, derde lid van de Wet tarieven in burgerlijke zaken; De Raad van State gehoord (advies van 25 oktober 2001, nr. Wo3.01 0511/I); Gezien het nader rapport van Onze Minister van Justitie van 30 oktober 2001, nr. 5129471/01/6; Hebben goedgevonden en verstaan: ARTIKEL I Artikel 8:41, derde lid, Algemene wet bestuursrecht 1 , wordt gewijzigd als volgt: 1. In onderdeel a wordt «f 60» vervangen door: f 64; 2. In onderdeel b wordt «f 225» vervangen door: f 241; 3. In onderdeel c wordt «f 450» vervangen door: f 481. ARTIKEL II Artikel 27b, eerste lid, Algemene wet inzake rijksbelastingen 2 wordt gewijzigd als volgt: 1. In onderdeel a. wordt «f 60» vervangen door: f 64; 2. In onderdeel b. wordt «f 225» vervangen door: f 241; 3. In onderdeel c. wordt «f 450» vervangen door: f 481. ARTIKEL III Artikel 22 van de Beroepswet 3 wordt gewijzigd als volgt: 1. Het tweede lid wordt gewijzigd als volgt: a. in onderdeel a wordt «f 170» vervangen door: f 182; b. in onderdeel b wordt «f 340» vervangen door: f 364; c. in onderdeel c wordt «f 675» vervangen door: f 722. 2. In het derde lid wordt «f 675» vervangen door: f 722. ARTIKEL IV Artikel 40 van de Wet op de Raad van State 4 wordt gewijzigd als volgt: 1. Het tweede lid wordt gewijzigd als volgt: a. in onderdeel a wordt «f 340» vervangen door: f 364; b. in onderdeel b wordt «f 675» vervangen door: f 722; 2. In het derde lid wordt «f 675» vervangen door: f 722. ARTIKEL V Artikel 46 van de Wet op de rechtsbijstand 5 wordt gewijzigd als volgt: a. in het tweede lid wordt «f 60» vervangen door: f 64. b. in het derde lid wordt «f 170» vervangen door: f 182. ARTIKEL VI De Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk 6 onderzoek wordt gewijzigd als volgt: In artikel 7:67 wordt «f 60» vervangen door: f 64. ARTIKEL VII Indien het bij koninklijke boodschap van 10 mei 1999 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en enkele aanverwante wetten naar aanleiding van de evaluatie van de Algemene wet bestuursrecht (Eerste evaluatiewet Awb) (Kamerstukken II 1998–1999, 26 523), nadat het tot wet is verheven, in werking treedt en indien het bij koninklijke boodschap van 25 oktober 2001 ingediende voorstel van wet tot Aanpassing van wetten in verband met de vervanging van de gulden door de euro (Veegwet euro) in werking treedt: a. wordt artikel 24 van de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie gewijzigd als volgt: 1. Het tweede lid wordt gewijzigd als volgt: a. in onderdeel a. wordt «€ 154» vervangen door: € 165; b. in onderdeel b. wordt «€ 306» vervangen door: € 327. 2. In het derde lid wordt « € 306» vervangen door: € 327. b. wordt artikel 29a van de Algemene wet inzake de rijksbelastingen gewijzigd als volgt: 1. Het tweede lid wordt gewijzigd als volgt: a. in onderdeel a. wordt « € 77» vervangen door: € 82; b. in onderdeel b. wordt « € 154» vervangen door: € 165; c. in onderdeel c. wordt « € 306» vervangen door: € 327. 2. In het derde lid wordt « € 306» vervangen door: € 327. ARTIKEL VIII In de Wet tarieven in burgerlijke zaken 7 wordt artikel 2, tweede lid als volgt gewijzigd: 1. in onderdeel e. wordt «f 400» vervangen door: f 427 2. in onderdeel f. wordt «f 400» telkens vervangen door: f 427 ARTIKEL IX Ten aanzien van rechten die verschuldigd zijn geworden voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit blijft het recht zoals het voor die datum gold, van toepassing ARTIKEL X Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 december 2001. Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst. histnoot 's-Gravenhage, 5 november 2001 Beatrix De Minister van Justitie, A. H. Korthals Uitgegeven de vijftiende november 2001 De Minister van Justitie, A. H. Korthals NOTA VAN TOELICHTING Dit besluit strekt ertoe de griffierechten in de Algemene wet bestuursrecht, de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de Beroepswet, de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie, de Wet op de Raad van State, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet op de rechtsbijstand te verhogen met het percentage waarmee het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie vanaf 1 maart 1997 tot en met 31 december 2000 is gestegen. Bij brief van 28 december jl. (Kamerstukken II 2000–2001, 26 352, nr. 35) is een indexering aangekondigd van de griffierechten in civiele en handelszaken. De indexering vindt plaats over dezelfde periode en met hetzelfde percentage. De indexering van griffierechten in civiele en handelszaken wordt in een apart besluit geregeld. Ingevolge de artikelen 8:41, vijfde lid Awb, 27b, tweede lid, 29a, vijfde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, 22, zesde lid, van de Beroepswet, 24, zesde lid van de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie, 40, zesde lid van de Wet op de Raad van State en 7:67, Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek kunnen de griffierechten zoals vermeld in voornoemde artikelen worden gewijzigd, indien het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie daartoe aanleiding geeft. De griffierechten in de Awb, Beroepswet en de Wet op de Raad van State zijn naar aanleiding van het prijsindexcijfer voor de gezinsconsumptie voor de laatste maal gewijzigd bij KB van 28-2-1997, Stb. 112. Het griffierecht in artikel 7:67, Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek is gewijzigd bij KB van 18-09-1997, Stb. 421. Nadien zijn de griffierechten in voornoemde wetten generiek verhoogd bij de Wet van 24 december 1998 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht, de Beroepswet, de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken, het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, de Wet op de Raad van State, de Wet op de Studiefinanciering en de Wet tarieven in burgerlijke zaken ter verhoging van de opbrengst van de griffierechten (verhoging van de opbrengst van griffierechten) (Stb. 744). Deze wijziging vond echter plaats op andere gronden dan naar aanleiding van het prijsindexcijfer voor de gezinsconsumptie. Derhalve is er aanleiding bij de verhoging van de griffierechten rekening te houden met de ontwikkeling van het prijsindexcijfer vanaf de inwerkingtreding van het hiervoor genoemde Besluit van 28 februari 1997. Volgens berekeningen van het Centraal Bureau voor de Statistiek bedragen de consumentenprijsindexcijfers totalen (alle huishoudens, afgeleid), 1995 = 100, voor maart 1997 102,8, voor januari 1999 105,3 en voor december 2000 110,2. Over de periode maart 1997–januari 1999 is de bedoelde index derhalve met 2,4% gestegen, over de periode januari 1999–december 2000 met 4,65%. De totale stijging over beide perioden beliep 7,20%. Met deze stijging van het prijsindexcijfer wordt in het besluit aldus rekening gehouden dat elk bedrag aan griffierecht wordt verhoogd met een bedrag dat de som is van de volgende twee componenten: 2,4% van het bedrag dat het desbetreffende griffierecht tussen 14 maart 1997 en 15 januari 1999 heeft belopen; 4,65% van het bedrag dat het desbetreffende griffierecht sinds 15 januari 1999 heeft belopen. Artikel 46 van de Wet op de rechtsbijstand kent in het artikel zelf geen indexeringsbepaling. Indexering van de bedragen in het tweede en derde lid is echter wel mogelijk. In het tweede lid wordt bepaald dat er wordt afgeweken van artikel 8:41, derde lid, onder b en c, van de Algemene wet bestuursrecht. Er wordt echter niet afgeweken van het vijfde lid van artikel 8:41 Awb, zodat indexering van het bedrag in het tweede lid van artikel 46 Wet op de rechtsbijstand mogelijk is. In het derde lid wordt bepaald dat er wordt afgeweken van artikel 40, tweede lid, onder a en b, van de Wet op de Raad van State. Er wordt echter niet afgeweken van het zesde lid van artikel 40 Wet op de Raad van State, zodat indexering van het bedrag in het derde lid van artikel 46 Wet op de Rechtsbijstand mogelijk is. In artikel 24 Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie (Wbbo) is een regeling opgenomen over het griffierecht bij hoger beroep. De aldaar genoemde bedragen (f 300 en f 600) kwamen overeen met de bedragen die ook golden voor hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en de Centrale Raad van Beroep. Laatstgenoemde bedragen zijn inmiddels verhoogd, door indexering en door een incidentele verhoging ingevolge de wet van 24 december 1998, Stb. 744 (verhoging van de opbrengst van griffierechten). Deze indexering en verhoging zijn echter per abuis nog niet doorgevoerd in artikel 24 Wbbo. De verhoging is wel doorgevoerd in artikel 27b Algemene wet inzake Rijksbelastingen (Awr), maar per abuis niet in artikel 29a Awr. Via het wetsvoorstel Eerste evaluatiewet Awb ( Kamerstukken I, 26 523, nr. 151) wordt dit hersteld. In artikel VII is een bepaling opgenomen waarmee wordt voorkomen dat de artikelen 24 Wbbo en 29a Awr opnieuw uit de maat zullen lopen in vergelijking met de griffierechten die, na de indexering tengevolge van dit besluit, voor andere bestuursrechtelijke zaken zullen gelden. Om te voorkomen dat de rechtzoekende en de griffie worden geconfronteerd met twee verhogingen van de griffierechten kort na elkaar, vindt de huidige indexatie van de griffierechten in de artikelen 24 Wbbo en 29a Awr pas plaats wanneer de Eerste evaluatiewet Awb in werking is getreden. Aangezien de Eerste evaluatiewet naar verwachting na 1 januari 2002 in werking zal treden, luiden de bedragen in artikel VII in euro's. In het besluit van 26 september 2001 tot wijziging van de Wet tarieven in burgerlijke zaken (indexering civiele griffierechten) (Stb. 2001, 455) zijn per abuis een drietal civiele griffierechten niet geïndexeerd. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om deze omissie in dit besluit te herstellen. Voor een nadere toelichting op de wijze waarop de indexering van de civiele griffierechten heeft plaatsgevonden wordt hierbij verwezen naar het besluit van 26 september 2001 tot wijziging van de Wet tarieven in burgerlijke zaken. De Raad van State kan zich met het besluit verenigen. Per 1 januari 2002 zal in Nederland de euro de gulden gaan vervangen. De bedragen in dit besluit zijn (met uitzondering van de bedragen in artikel VII) vermeld in guldens, aangezien het de verwachting is dat dit besluit nog voor 1 januari 2002 in werking zal treden. Het kabinet heeft besloten dat het wenselijk is de guldenbedragen in de formele wetten om te zetten in eurobedragen. Het daartoe strekkende wetsvoorstel is op 1 november 2001 in het Staatsblad gepubliceerd (Stb. 2001, 481). De bedragen zoals deze na in werkingtreden van dit besluit in de wet komen te luiden, kunnen niet meer in dit wetsvoorstel worden meegenomen. Er volgt echter nog een veegwet waarin de guldenbedragen die niet konden worden meegenomen in het wetsvoorstel, worden omgezet in euro's. Om een beeld te geven hoe de griffierechten per 1 januari 2002 in euro's zullen luiden, is hierna een tabel opgenomen. Alle bedragen in euro's in onderstaande tabel zijn naar beneden afgerond. wet artikel lid onderdeel bedrag in guldens bedrag in euro's Algemene wet bestuursrecht 8:41 3 a f 64 € 29 Algemene wet bestuursrecht 8:41 3 b f 241 € 109 Algemene wet bestuursrecht 8:41 3 c f 481 € 218 Beroepswet 22 2 a f 182 € 82 Beroepswet 22 2 b f 364 € 165 Beroepswet 22 2 c f 722 € 327 Beroepswet 22 3 f 722 € 327 Algemene wet inzake rijksbelastingen 27b 1 a f 64 € 29 Algemene wet inzake rijksbelastingen 27b 1 b f 241 € 109 Algemene wet inzake rijksbelastingen 27b 1 c f 481 € 218 Algemene wet inzake rijksbelastingen* 29a 2 a f 160 € 72 Algemene wet inzake rijksbelastingen* 29a 2 b f 315 € 142 Algemene wet inzake rijksbelastingen* 29a 2 c f 630 € 285 Algemene wet inzake rijksbelastingen* 29a 3 f 630 € 285 Wet op de Raad van State 40 2 a f 364 € 165 Wet op de Raad van State 40 2 b f 722 € 327 Wet op de Raad van State 40 2 c f 722 € 327 Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie* 24 2 a f 300 € 136 Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie* 24 2 b f 600 € 272 Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie* 24 3 f 600 € 272 Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek 7:67 f 64 € 29 Wet op de rechtsbijstand 46 2 f 64 € 29 Wet op de rechtsbijstand 46 3 f 182 € 82 * Na inwerkingtreding Eerste evaluatiewet Awb worden deze bedragen verhoogd en geïndexeerd. De Minister van Justitie, A. H. Korthals X Noot 1 Stb. 1998, 1, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 september 2001, Stb. 481. X Noot 2 Stb. 1959, 301, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 18 oktober 2001, Stb. 491. X Noot 3 Stb. 1994, 3, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 september 2001, Stb. 481. X Noot 4 Stb. 1994, 2, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 september 2001, Stb. 481. X Noot 5 Stb. 1993, 775, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 september 2001, Stb. 481. X Noot 6 Stb. 2000, 11, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 september 2001, Stb. 481. X Noot 7 Stb. 1844, 39, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 27 september 2001, Stb. 481. X Histnoot Het advies van de Raad van State is openbaar gemaakt door terinzagelegging bij het Ministerie van Justitie. Tevens zal het advies met de daarbij ter inzage gelegde stukken worden opgenomen in het bijvoegsel bij de Staatscourant van 11 december 2001, nr. 240.
Provision text is displayed from LexChat’s stored statute record. Use the official source links to verify amendments, commencement, and current legal force.
Ask AI about this statute
Besluit van 5 november 2001 tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht en enkele aanverwante wetten (indexering griffierechten bestuursrechtelijke wetten)
Sign in to ask AI about this statute
Sign in to start authenticated, citation-grounded statute research.
Sign in